Ads Top

Bijna de helft van de Nederlanders besteedt tenminste één maandinkomen aan vakantie; 6% geeft meer dan twee keer een maandinkomen uit

Bijna de helft van de 18- tot en met 80-jarigen gaf afgelopen twaalf maanden tenminste één volledig netto maandinkomen uit aan vakantie, blijkt uit een enquête onder 1.849 Nederlanders. Gemiddeld liggen de vakantie-uitgaven van Nederlanders rond de 90% van een maandinkomen. Bij een groot deel van de Nederlanders gaat een bedrag ongeveer ter hoogte van het vakantiegeld dus ‘op’ aan vakantie. Verder blijkt dat ruim acht op de tien Nederlanders afgelopen twaalf maanden op vakantie ging, en zeven op de tien ging twee keer of vaker op reis.
 
Mei is natuurlijk traditioneel de vakantiegeldmaand, zegt Rabobank-econoom Nic Vrieselaar. “Maar veel Nederlanders krijgen dat bedrag van bijna één maandinkomen niet meer eenmalig in mei, maar maandelijks opgeteld bij hun reguliere inkomen. Om toch een beeld te krijgen hoeveel van het vakantiegeld ‘op gaat’ aan vakantie, hebben we Nederlanders gevraagd wat zij in een jaar aan vakanties uitgeven, ten opzichte van hun netto huishoudinkomen in een normale maand.”

Uit de resultaten blijkt dat Nederlanders gemiddeld 0,9 netto maandinkomens uitgeven aan vakantie. Maar de verschillen tussen groepen zijn groot. Zo geeft 33% aan niks tot minder dan de helft van een maandinkomen uit, terwijl 15% meer dan anderhalf keer het maandelijks huishoudinkomen besteedt aan vakantie. Degenen die de afgelopen twaalf maanden zijn weggeweest, gaven gemiddeld 1,1 netto maandinkomens uit. Omdat vakantiegeld zwaarder wordt belast dan het gewone maandinkomen, onderschatten deze cijfers welk deel van het eventuele vakantiegeld aan reizen wordt besteed.

Vrieselaar: ”De resultaten laten zien dat een groot deel van de Nederlanders het eventuele vakantiegeld – of een bedrag ongeveer ter waarde daarvan – uiteindelijk inderdaad besteedt aan vakanties. Ook al doen zij dat misschien niet daags na het ontvangen ervan, en zetten ze het bijvoorbeeld eerst op een spaarrekening of gebruiken ze het voor een dringender uitgave.”

Nederlanders met een hoger inkomen geven een groter deel van hun inkomen uit aan vakantie dan lagere inkomens. Mensen met een hoger inkomen gaan ook vaker op vakantie, maar dit verklaart niet het volledige verschil, zegt sectormanager Horeca, Recreatie en Toerisme Jos Klerx. ”Vermoedelijk geven Nederlanders met een hoger inkomen dus ook per vakantie meer geld uit, bijvoorbeeld door verder, langer of luxer te reizen, of door op hun vakantiebestemming meer uit te geven.”

Twintigers en dertigers geven ongeveer 1 maandinkomen uit, terwijl vijftigplussers gemiddeld fors minder van hun inkomen uitgeven aan vakanties en reizen. Deze verschillen worden grotendeels verklaard door het feit dat jonge Nederlanders vaker op reis gaan dan vijftigplussers. Nederlanders die alleen wonen, geven verder een beduidend kleiner deel van hun inkomen uit dan degenen die met partner en/of kinderen wonen.

Ook dit jaar gaan Nederlanders massaal op vakantie. Ongeveer 80% van de 18- tot en met 80-jarigen is van plan om de komende twaalf maanden op vakantie te gaan, en in de twaalf maanden voorafgaand aan de enquête is 83% tenminste één keer op vakantie geweest in binnen- of buitenland. Dit kan gaan om een korte vakantie van maximaal vier dagen, of een lange vakantie van vijf dagen of meer. Klerx: “Korte en lange trips bij elkaar opgeteld, ging 71% van de Nederlanders afgelopen jaar twee keer of vaker op vakantie. Dat onderstreept in mijn ogen hoe belangrijk vakantie is in het leven van veel Nederlanders.”

Zou het vakantiebudget van Nederlanders verdubbelen, dan noemt de groep die de komende twaalf maanden van plan zijn op reis te gaan het vaakst dat ze langer en vaker op vakantie zou gaan. Bij een halvering van het vakantiebudget zijn de twee meest genoemde bespaaropties een goedkopere bestemming en minder vaak op vakantie gaan.

Geen opmerkingen:

Opmerking: Alleen leden van deze blog kunnen een reactie posten.

Mogelijk gemaakt door Blogger.