De digitale euro is technisch klaar om uitgerold te worden door de Europese Centrale Bank. Het Europees Parlement heeft pas zijn goedkeuring uitgesproken, hoewel formele instemming nog moet volgen. Zorgen over privacy zijn er nog wel, maar volgens Annelieke Mooij, universitair docent staats- en bestuursrecht bij Tilburg Law School, is de bescherming van persoonsgegevens meer dan voldoende gewaarborgd. Bovendien zou de digitale betaalinfrastructuur, die wordt aangeboden naast de digitale euro, in het huidige geopolitieke klimaat een belangrijke stap zijn naar digitale soevereiniteit.
Oorspronkelijk was het opzetten van de digitale euro bedoeld voor het behoud van de euro als wettig betaalmiddel. Door afname van het gebruik van contant geld, ons enige wettelijke betaalmiddel, en introductie van niet op euro-gebaseerde betaalmunten (zoals stablecoins), ontstonden namelijk zorgen over het voortbestaan van de euro. Dat scenario is inmiddels grotendeels achterhaald, maar de digitale euro heeft evengoed belangrijke voordelen.
Met de digitale euro komt er ook een Europese infrastructuur, die de EU minder afhankelijk maakt van de huidige voornamelijk Amerikaanse infrastructuur (denk aan Master en Visa debet- en creditcards). In het Trump-tijdperk zitten daar risico’s aan vast.
Een Europese digitale infrastructuur bevordert de concurrentie tussen banken en andere financiële dienstverleners, waar consumenten en het bedrijfsleven van kunnen profiteren.
In de toekomst mogelijk goedkoper valuta wisselen voor bedrijven; wat de handel goedkoper maakt.
Aan de digitale euro zijn ook risico’s verbonden. Zo zou de overheid toegang kunnen hebben tot gevoelige informatie over transacties. Eurosceptici maken hier vooral bezwaar tegen, en zij vormen een belangrijke stem in het Europarlement. Deze angst is volgens Mooij echter volledig ongegrond, gelet op de constitutionele verhoudingen van de EU. De ECB is onafhankelijk van politieke invloed en heeft zich te houden aan de grondrechten, die voldoende waarborgen bieden tegen enige vorm van enige vorm van inmenging door de overheid.
Bovendien heeft de ECB, in tegenstelling tot commerciële partijen, geen winstoogmerk. Daarom is er voor de ECB geen reden om onzorgvuldig om te gaan met persoonsgegevens of deze te achterhalen. Wel is de ECB naast centrale bank ook toezichthouder op commerciële instellingen. Duidelijke regelgeving over het scheiden van digitale euro en andere gegevens is er nog niet.
Een ander risico betreft de veiligheid. De ECB zou namelijk de afronding van alle transacties met de digitale euro voor rekening nemen. In beginsel betekent dit dat kwaadwillende enkel de servers van de ECB hoeven te hacken. Daar staat tegenover dat de ECB veel investeert in cyberveiligheid en daar kennis voor in huis heeft, vaak zelfs meer dan commerciële aanbieders.
Ten slotte kost de digitale infrastructuur veel energie. Zolang de energietransitie binnen de EU niet is voltooid, draagt deze dus bij aan klimaatverandering. Aan de andere kant: als we gebruik blijven maken van de huidige Amerikaanse infrastructuur, zijn we afhankelijk van de energietransitie in de VS. En op het moment is die daar geen prioriteit.
vrijdag 27 februari 2026
donderdag 26 februari 2026
DNB versterkt weerbaarheid tegen geopolitieke risico’s
De Nederlandsche Bank (DNB) neemt extra maatregelen om zich voor te bereiden op de gevolgen van geopolitieke onrust. Het afgelopen jaar is daarom een weerbaarheidsprogramma uitgevoerd om de belangrijkste geopolitieke risico’s en het bijbehorende handelingsperspectief in kaart te brengen. Dat maakte voorzitter toezicht Steven Maijoor bekend tijdens de jaarlijkse persconferentie over het toezicht van DNB.
De afgelopen periode heeft de toezichthouder regelmatig aandacht gevraagd voor geopolitieke risico’s en de manier waarop financiële instellingen hiermee omgaan. Geopolitieke ontwikkelingen die de sector raken, hebben ook gevolgen voor DNB. Daarom is het afgelopen jaar een weerbaarheidsprogramma uitgevoerd om beter voorbereid te zijn op incidenten en escalaties die impact kunnen hebben op de uitvoering van kerntaken van DNB, waaronder toezicht.
Binnen het programma zijn uiteenlopende scenario’s uitgewerkt: van hybride dreigingen als cyberaanvallen en de verstoring van logistieke ketens, tot operationele verstoringen zoals 72 uur zonder stroom en economische en fysieke oorlogsvoering. In elk scenario is onderzocht wat de gevolgen kunnen zijn voor de economie, financiële instellingen en DNB zelf.
Binnen het toezicht zijn meerdere knelpunten geïdentificeerd. Zo waarschuwt DNB al langer voor de grote digitale afhankelijkheid van niet-Europese IT-aanbieders. Daarnaast nemen de operationele en financiële risico’s in de sector toe, wat kan leiden tot de uitval van diensten en het oplopen van kredietrisico’s. Ten slotte staan internationale overlegstructuren steeds meer onder druk. Dit kan zorgen voor versnippering van regelgeving, wat het toezicht wereldwijd minder effectief maakt. Om dergelijke risico’s het hoofd te bieden, neemt DNB extra maatregelen in haar toezicht en werkt daarbij samen met andere (Europese) toezichthouders.
“De geopolitieke realiteit verandert snel. Dat raakt de financiële sector en ook DNB zelf. We moeten voorbereid zijn op onverwachte escalaties en ook in extreme scenario’s onze kerntaken kunnen blijven uitvoeren. Als toezichthouder verwachten we dat instellingen op dit gebied ook hun verantwoordelijkheid nemen.” – Steven Maijoor, voorzitter toezicht.
In het huidige geopolitieke klimaat is het belangrijk om als toezichthouder zelf ook flexibel te zijn. Daarom is DNB bezig haar organisatie wendbaarder en efficiënter te maken. Onder het veranderprogramma DNB 2030 wordt gewerkt aan een structurele begrotingsreductie van 10%. Op toezichtgebied zet DNB in op het vergroten van de resultaatgerichtheid, een veilige en innovatieve financiële sector, en een effectievere interactie met die sector.
De afgelopen periode heeft de toezichthouder regelmatig aandacht gevraagd voor geopolitieke risico’s en de manier waarop financiële instellingen hiermee omgaan. Geopolitieke ontwikkelingen die de sector raken, hebben ook gevolgen voor DNB. Daarom is het afgelopen jaar een weerbaarheidsprogramma uitgevoerd om beter voorbereid te zijn op incidenten en escalaties die impact kunnen hebben op de uitvoering van kerntaken van DNB, waaronder toezicht.
Binnen het programma zijn uiteenlopende scenario’s uitgewerkt: van hybride dreigingen als cyberaanvallen en de verstoring van logistieke ketens, tot operationele verstoringen zoals 72 uur zonder stroom en economische en fysieke oorlogsvoering. In elk scenario is onderzocht wat de gevolgen kunnen zijn voor de economie, financiële instellingen en DNB zelf.
Binnen het toezicht zijn meerdere knelpunten geïdentificeerd. Zo waarschuwt DNB al langer voor de grote digitale afhankelijkheid van niet-Europese IT-aanbieders. Daarnaast nemen de operationele en financiële risico’s in de sector toe, wat kan leiden tot de uitval van diensten en het oplopen van kredietrisico’s. Ten slotte staan internationale overlegstructuren steeds meer onder druk. Dit kan zorgen voor versnippering van regelgeving, wat het toezicht wereldwijd minder effectief maakt. Om dergelijke risico’s het hoofd te bieden, neemt DNB extra maatregelen in haar toezicht en werkt daarbij samen met andere (Europese) toezichthouders.
“De geopolitieke realiteit verandert snel. Dat raakt de financiële sector en ook DNB zelf. We moeten voorbereid zijn op onverwachte escalaties en ook in extreme scenario’s onze kerntaken kunnen blijven uitvoeren. Als toezichthouder verwachten we dat instellingen op dit gebied ook hun verantwoordelijkheid nemen.” – Steven Maijoor, voorzitter toezicht.
In het huidige geopolitieke klimaat is het belangrijk om als toezichthouder zelf ook flexibel te zijn. Daarom is DNB bezig haar organisatie wendbaarder en efficiënter te maken. Onder het veranderprogramma DNB 2030 wordt gewerkt aan een structurele begrotingsreductie van 10%. Op toezichtgebied zet DNB in op het vergroten van de resultaatgerichtheid, een veilige en innovatieve financiële sector, en een effectievere interactie met die sector.
woensdag 25 februari 2026
Triodos Bank vernieuwt haar visuele identiteit
Triodos Bank introduceert een vernieuwde brand die de missie kracht bijzet: geld inzetten voor positieve verandering. De nieuwe brand zorgt voor een moderne visuele identiteit op alle Triodos Bank-platforms, met nieuwe kleuren, expressieve beelden en een vernieuwd logo. De stijl is duidelijker, onderscheidender en zelfverzekerder. Deze visuele identiteit geldt voor alle lokale Triodos Bank-entiteiten, het Triodos Regenerative Money Centre en haar dochterondernemingen Triodos Investment Management en Triodos Bank UK.
Triodos Bank heeft acht jaar geleden voor het laatst haar visuele identiteit vernieuwd. Sindsdien zijn de behoeften en verwachtingen van klanten veranderd, en zijn de producten en diensten van de bank verder ontwikkeld. De nieuwe, frisse en energieke stijl weerspiegelt deze nieuwe realiteit.
Een van de meest opvallende veranderingen is het nieuwe logo. De T-vorm in het nieuwe logo is geïnspireerd op het allereerste logo van Triodos Bank, dat tot begin jaren negentig werd gebruikt. Het verwijst ook naar het Griekse woord ‘tri-hodos’, wat drievoudige weg betekent. De drie elementen in het logo verschillen van vorm en kleur. Het laat de dynamiek van de samenleving zien en het voortdurend zoeken naar evenwicht tussen verschillende waarden en belangen. Deze elementen kun je zien als bouwstenen voor een betere toekomst, waar Triodos Bank samen met haar klanten aan werkt.
Het logo, de kleuren en het ontwerp worden stap voor stap vernieuwd in de communicatie en digitale diensten van Triodos Bank. Het huidige ontwerp van de bankpassen zal geleidelijk worden uitgefaseerd. Omdat de bank zorgvuldig omgaat met materialen en verspilling zoveel mogelijk wil voorkomen, wordt eerst de bestaande voorraad gebruikt. Dit geldt ook voor drukwerk, zoals briefpapier en enveloppen. De digitale versie van de nieuwe bankpas, bijvoorbeeld voor gebruik in Google Pay en Apple Pay, wordt later dit jaar geïntroduceerd.
Naast de nieuwe visuele stijl, ontworpen door het creatieve bureau Multitude, werkt Triodos Bank ook samen met het creatieve bureau Gardeners aan een nieuwe merkcampagne die binnenkort wordt gelanceerd. De nieuwe campagne-stijl is gebaseerd op het uitgangspunt dat het voor klanten steeds uitdagender wordt om een bank te vinden die daadwerkelijk positieve verandering in de samenleving ondersteunt en faciliteert. Het doel is om duidelijkheid te bieden aan consumenten die willen dat hun geld bijdraagt aan positieve verandering en om te laten zien dat hun keuze voor een bank een krachtige manier is om het verschil te maken.
Triodos Bank heeft acht jaar geleden voor het laatst haar visuele identiteit vernieuwd. Sindsdien zijn de behoeften en verwachtingen van klanten veranderd, en zijn de producten en diensten van de bank verder ontwikkeld. De nieuwe, frisse en energieke stijl weerspiegelt deze nieuwe realiteit.
Een van de meest opvallende veranderingen is het nieuwe logo. De T-vorm in het nieuwe logo is geïnspireerd op het allereerste logo van Triodos Bank, dat tot begin jaren negentig werd gebruikt. Het verwijst ook naar het Griekse woord ‘tri-hodos’, wat drievoudige weg betekent. De drie elementen in het logo verschillen van vorm en kleur. Het laat de dynamiek van de samenleving zien en het voortdurend zoeken naar evenwicht tussen verschillende waarden en belangen. Deze elementen kun je zien als bouwstenen voor een betere toekomst, waar Triodos Bank samen met haar klanten aan werkt.
Het logo, de kleuren en het ontwerp worden stap voor stap vernieuwd in de communicatie en digitale diensten van Triodos Bank. Het huidige ontwerp van de bankpassen zal geleidelijk worden uitgefaseerd. Omdat de bank zorgvuldig omgaat met materialen en verspilling zoveel mogelijk wil voorkomen, wordt eerst de bestaande voorraad gebruikt. Dit geldt ook voor drukwerk, zoals briefpapier en enveloppen. De digitale versie van de nieuwe bankpas, bijvoorbeeld voor gebruik in Google Pay en Apple Pay, wordt later dit jaar geïntroduceerd.
Naast de nieuwe visuele stijl, ontworpen door het creatieve bureau Multitude, werkt Triodos Bank ook samen met het creatieve bureau Gardeners aan een nieuwe merkcampagne die binnenkort wordt gelanceerd. De nieuwe campagne-stijl is gebaseerd op het uitgangspunt dat het voor klanten steeds uitdagender wordt om een bank te vinden die daadwerkelijk positieve verandering in de samenleving ondersteunt en faciliteert. Het doel is om duidelijkheid te bieden aan consumenten die willen dat hun geld bijdraagt aan positieve verandering en om te laten zien dat hun keuze voor een bank een krachtige manier is om het verschil te maken.
dinsdag 24 februari 2026
'Coalitieplannen leiden tot duurdere boodschappen'
De voorgenomen maatregelen van het nieuwe kabinet zetten extra druk op productiekosten en zullen leiden tot duurdere boodschappen. De analyse van het coalitieakkoord door het Centraal Planbureau (CPB) benadrukt dat lastenverzwaringen, zoals nieuwe heffingen en uitvoeringskosten, zullen doorwerken in de prijzen van boodschappen. Naast een suikertaks wordt ook een extra verpakkingsheffing overwogen, terwijl de kosten voor energie en water verder oplopen. Branchevereniging FNLI vraagt daarom om een zorgvuldige toets van de maatregelen op effectiviteit, uitvoerbaarheid en betaalbaarheid – met oog voor een gelijk speelveld voor bedrijven en het beschermen van de betaalbaarheid voor consumenten.
In het coalitieakkoord wordt onder andere de invoering van een suikertaks op voedingsmiddelen met een suikergehalte vanaf 6 procent voorgesteld. Dat betekent een lastenverzwaring van 850 miljoen euro voor bedrijven. Inclusief een btw-doorwerking en de uitvoeringskosten (50 miljoen euro) komt deze lastenverzwaring rond de 1 miljard euro uit, rekende RaboResearch vorige week uit. Als de suikertaks wordt ingevoerd naast de bestaande verbruiksbelasting voor niet-alcoholische dranken (die producenten nu al circa 700 miljoen euro per jaar kost), zullen lasten zich opstapelen tot minstens 1,5 miljard euro. De concurrentiepositie van Nederlandse producenten wordt hierdoor onnodig onder druk gezet, zonder dat dit aantoonbare extra gezondheidswinst oplevert.
Een suikertaks vergroot de prijsdruk op boodschappen en zet de koopkracht van huishoudens verder onder druk; deze prijsmaatregel is daarom alleen verdedigbaar als de gezondheidswinst aantoonbaar opweegt tegen de kosten voor consumenten en bedrijven. Dat betekent duidelijke doelstellingen en monitoring van gezondheidsimpact, een gerichte inzet van opbrengsten in preventie en leefstijl-interventies en inbedding in een integrale aanpak van overgewicht, waarin maatregelen elkaar versterken. Een generieke suikertaks is naar verwachting onvoldoende doelmatig. Slimme prikkels die productverbetering en innovatie stimuleren, dragen meer bij en beperken onnodige prijsstijgingen. Als de suikertaks werkt zoals beoogd, dan zal de opbrengst ervan in de loop der jaren afnemen en kan niet op een stabiele opbrengst worden gerekend.
Het nieuwe kabinet moet ook besluiten over de zogeheten circulaire plasticheffing. Eén van de opties is een extra heffing op verpakkingen. Hoewel het tarief nog onbekend is, laten verkenningen zien dat dit kan neerkomen op circa 4–5 eurocent extra per consumentenverpakking. Een dergelijke heffing is ondoelmatig – verpakkingen worden immers al belast in het kader van de uitgebreide producenten verantwoordelijkheid – verhoogt de prijzen voor consumenten en belemmert het gelijke speelveld voor producenten en supermarkten, met extra druk in de grensregio’s.
De voorgenomen maatregelen komen bovenop bestaande heffingen en lastenverzwaringen. Zo zal de afschaffing van het heffingsplafond voor de Belasting op Leidingwater per 2027 voedingsmiddelenproducenten stevig raken. En hoewel de belastingen voor elektriciteit dalen, zullen die voor gas stijgen terwijl veel fabrikanten door netcongestie niet van gas naar elektriciteit kunnen overschakelen. Daarnaast werkt de verhoging van de nettarieven door in de kostenbasis zodat de concurrentiepositie van voedingsmiddelenproducenten ten opzichte van buurlanden verzwakt.
Directeur van FNLI Cees-Jan Adema: “Wij willen samen met het nieuwe kabinet stappen zetten die werken in de praktijk: maatregelen met onderbouwde effectiviteit en goede uitvoerbaarheid en die tegelijkertijd de betaalbaarheid van boodschappen en het concurrerend vermogen van de Nederlandse voedingsmiddelenindustrie bewaken. Dat vraagt om consistent, voorspelbaar beleid zonder stapeling van nationale koppen en met oog voor een gelijk Europees speelveld. Voor voorstellen zoals een suikertaks geldt voor ons een duidelijke randvoorwaarde: gezondheid als doel, niet de begroting – en geen onderscheid tussen verpakte en niet-verpakte producten. Dat schaadt het gelijke speelveld en mist bewezen effectiviteit. Wij staan klaar om constructief mee te denken, zodat verduurzaming, innovatie en een sterke industrie hand in hand gaan met betaalbare keuze voor consumenten.”
In het coalitieakkoord wordt onder andere de invoering van een suikertaks op voedingsmiddelen met een suikergehalte vanaf 6 procent voorgesteld. Dat betekent een lastenverzwaring van 850 miljoen euro voor bedrijven. Inclusief een btw-doorwerking en de uitvoeringskosten (50 miljoen euro) komt deze lastenverzwaring rond de 1 miljard euro uit, rekende RaboResearch vorige week uit. Als de suikertaks wordt ingevoerd naast de bestaande verbruiksbelasting voor niet-alcoholische dranken (die producenten nu al circa 700 miljoen euro per jaar kost), zullen lasten zich opstapelen tot minstens 1,5 miljard euro. De concurrentiepositie van Nederlandse producenten wordt hierdoor onnodig onder druk gezet, zonder dat dit aantoonbare extra gezondheidswinst oplevert.
Een suikertaks vergroot de prijsdruk op boodschappen en zet de koopkracht van huishoudens verder onder druk; deze prijsmaatregel is daarom alleen verdedigbaar als de gezondheidswinst aantoonbaar opweegt tegen de kosten voor consumenten en bedrijven. Dat betekent duidelijke doelstellingen en monitoring van gezondheidsimpact, een gerichte inzet van opbrengsten in preventie en leefstijl-interventies en inbedding in een integrale aanpak van overgewicht, waarin maatregelen elkaar versterken. Een generieke suikertaks is naar verwachting onvoldoende doelmatig. Slimme prikkels die productverbetering en innovatie stimuleren, dragen meer bij en beperken onnodige prijsstijgingen. Als de suikertaks werkt zoals beoogd, dan zal de opbrengst ervan in de loop der jaren afnemen en kan niet op een stabiele opbrengst worden gerekend.
Het nieuwe kabinet moet ook besluiten over de zogeheten circulaire plasticheffing. Eén van de opties is een extra heffing op verpakkingen. Hoewel het tarief nog onbekend is, laten verkenningen zien dat dit kan neerkomen op circa 4–5 eurocent extra per consumentenverpakking. Een dergelijke heffing is ondoelmatig – verpakkingen worden immers al belast in het kader van de uitgebreide producenten verantwoordelijkheid – verhoogt de prijzen voor consumenten en belemmert het gelijke speelveld voor producenten en supermarkten, met extra druk in de grensregio’s.
De voorgenomen maatregelen komen bovenop bestaande heffingen en lastenverzwaringen. Zo zal de afschaffing van het heffingsplafond voor de Belasting op Leidingwater per 2027 voedingsmiddelenproducenten stevig raken. En hoewel de belastingen voor elektriciteit dalen, zullen die voor gas stijgen terwijl veel fabrikanten door netcongestie niet van gas naar elektriciteit kunnen overschakelen. Daarnaast werkt de verhoging van de nettarieven door in de kostenbasis zodat de concurrentiepositie van voedingsmiddelenproducenten ten opzichte van buurlanden verzwakt.
Directeur van FNLI Cees-Jan Adema: “Wij willen samen met het nieuwe kabinet stappen zetten die werken in de praktijk: maatregelen met onderbouwde effectiviteit en goede uitvoerbaarheid en die tegelijkertijd de betaalbaarheid van boodschappen en het concurrerend vermogen van de Nederlandse voedingsmiddelenindustrie bewaken. Dat vraagt om consistent, voorspelbaar beleid zonder stapeling van nationale koppen en met oog voor een gelijk Europees speelveld. Voor voorstellen zoals een suikertaks geldt voor ons een duidelijke randvoorwaarde: gezondheid als doel, niet de begroting – en geen onderscheid tussen verpakte en niet-verpakte producten. Dat schaadt het gelijke speelveld en mist bewezen effectiviteit. Wij staan klaar om constructief mee te denken, zodat verduurzaming, innovatie en een sterke industrie hand in hand gaan met betaalbare keuze voor consumenten.”
maandag 23 februari 2026
Huishoudens sluiten bewogen beleggingsjaar positief af
Nederlandse huishoudens kijken ondanks de nodige onrust op de financiële markten terug op een prima beleggingsjaar. In totaal steeg de waarde van de beleggingen van huishoudens in 2025 met 7,8%, blijkt uit nieuwe cijfers van DNB. Daarmee kwam de totale omvang van de beleggingen eind vorig jaar uit op € 204,3 miljard.
Eerder in het jaar leek een groei van bijna 8% nog ver weg. In maart en april 2025 verloren de beleggingen van huishoudens namelijk stevig aan waarde door dalende koersen van techaandelen én grote schommelingen op de wereldwijde aandelenbeurzen na aankondiging van de Amerikaanse importheffingen.
Maar in de rest van het jaar herstelden de beurzen zich. Uiteindelijk kwam meer dan 90% van de waardestijging van de beleggingen van huishoudens door positieve koersontwikkelingen; de rest door netto aankopen. Wisselkoersbewegingen hadden een klein negatief effect.
Bron: statistieken DNB
Bij De Nederlandsche Bank stellen we onafhankelijk statistieken op over de Nederlandse financiële sector en economie. Dit artikel is gebaseerd op die cijfers. Meer informatie over onze statistieken en alle dashboards vind je op de Statistiek homepage.
Hoewel de beurskoersen in het laatste kwartaal opliepen, bleef de totale waarde van de beleggingen van huishoudens eind 2025 vrijwel stabiel op € 204,3 miljard. Dit kwam doordat huishoudens tegelijkertijd veel effecten verkochten.
Vooral beursgenoteerde aandelen werden van de hand gedaan: het bezit daarvan daalde met 1,9% tot € 68,5 miljard. De koerswinsten bedroegen weliswaar € 1,7 miljard, maar tegelijkertijd werd er voor € 2,6 miljard aan aandelen verkocht. Ook het bezit van obligaties daalde fors, tot € 5,2 miljard. Dit kwam doordat veel obligaties die door huishoudens werden aangehouden afliepen en er slechts weinig aankopen tegenover stonden.
De beleggingen in beleggingsfondsen, het type effect waar huishoudens het meest in investeren, stegen wel met ruim een procent, tot € 130,6 miljard.
Net als in 2023 en 2024 verkochten huishoudens in het vierde kwartaal dus meer beleggingen dan dat zij kochten. Het zwaartepunt van die verkopen ligt consequent in de decembermaanden.
Waar in december 2022 en 2023 huishoudens opvallend veel waarde uit beleggingsfondsen trokken, ging dat in 2024 en 2025 voornamelijk om de verkoop van directe beleggingen in beursgenoteerde aandelen. Sinds 2024 zijn huishoudens ook meer in kortlopend schuldpapier gaan beleggen, waardoor er ook voor grotere waarde aflossingen te zien zijn.
In 2025 was januari de populairste maand voor het doen van aankopen: in totaal werd voor netto € 2,7 miljard aangekocht, waarvan meer dan twee derde participaties in beleggingsfondsen betrof. In december verkochten huishoudens voor netto € 1,3 miljard aan beursgenoteerde aandelen, vooral aandelen ASML, ING Groep en Coöperatieve Rabobank. Hierdoor is het ook stuivertje wisselen in de top 25 populairste aandelen onder huishoudens: Shell is in waarde ASML weer net voorbijgestreefd.
Het totale effectenbezit van Nederlandse huishoudens bestaat uit beursgenoteerde aandelen, beleggingsfondsen en obligaties voor in totaal € 204,3 miljard aan het einde van 2025. Ter vergelijking: Nederlandse huishoudens hebben veel meer spaargeld op spaarrekeningen bij Nederlandse banken (€ 528,6 miljard) dan beleggingen. Ook staat er nog € 109 miljard op betaalrekeningen bij Nederlandse banken. Huishoudens hebben daarnaast nog omvangrijke vermogens bij pensioenfondsen en verzekeraars, in eigen ondernemingen en in de huizenmarkt, die buiten het directe effectenbezit vallen.
Volgens cijfers van het CBS(Verwijst naar een externe site) telt Nederland 8,4 miljoen particuliere huishoudens, waarvan volgens onderzoek van de AFM ongeveer een kwart huishoudens beleggen (2,2 miljoen).
Eerder in het jaar leek een groei van bijna 8% nog ver weg. In maart en april 2025 verloren de beleggingen van huishoudens namelijk stevig aan waarde door dalende koersen van techaandelen én grote schommelingen op de wereldwijde aandelenbeurzen na aankondiging van de Amerikaanse importheffingen.
Maar in de rest van het jaar herstelden de beurzen zich. Uiteindelijk kwam meer dan 90% van de waardestijging van de beleggingen van huishoudens door positieve koersontwikkelingen; de rest door netto aankopen. Wisselkoersbewegingen hadden een klein negatief effect.
Bron: statistieken DNB
Bij De Nederlandsche Bank stellen we onafhankelijk statistieken op over de Nederlandse financiële sector en economie. Dit artikel is gebaseerd op die cijfers. Meer informatie over onze statistieken en alle dashboards vind je op de Statistiek homepage.
Hoewel de beurskoersen in het laatste kwartaal opliepen, bleef de totale waarde van de beleggingen van huishoudens eind 2025 vrijwel stabiel op € 204,3 miljard. Dit kwam doordat huishoudens tegelijkertijd veel effecten verkochten.
Vooral beursgenoteerde aandelen werden van de hand gedaan: het bezit daarvan daalde met 1,9% tot € 68,5 miljard. De koerswinsten bedroegen weliswaar € 1,7 miljard, maar tegelijkertijd werd er voor € 2,6 miljard aan aandelen verkocht. Ook het bezit van obligaties daalde fors, tot € 5,2 miljard. Dit kwam doordat veel obligaties die door huishoudens werden aangehouden afliepen en er slechts weinig aankopen tegenover stonden.
De beleggingen in beleggingsfondsen, het type effect waar huishoudens het meest in investeren, stegen wel met ruim een procent, tot € 130,6 miljard.
Net als in 2023 en 2024 verkochten huishoudens in het vierde kwartaal dus meer beleggingen dan dat zij kochten. Het zwaartepunt van die verkopen ligt consequent in de decembermaanden.
Waar in december 2022 en 2023 huishoudens opvallend veel waarde uit beleggingsfondsen trokken, ging dat in 2024 en 2025 voornamelijk om de verkoop van directe beleggingen in beursgenoteerde aandelen. Sinds 2024 zijn huishoudens ook meer in kortlopend schuldpapier gaan beleggen, waardoor er ook voor grotere waarde aflossingen te zien zijn.
In 2025 was januari de populairste maand voor het doen van aankopen: in totaal werd voor netto € 2,7 miljard aangekocht, waarvan meer dan twee derde participaties in beleggingsfondsen betrof. In december verkochten huishoudens voor netto € 1,3 miljard aan beursgenoteerde aandelen, vooral aandelen ASML, ING Groep en Coöperatieve Rabobank. Hierdoor is het ook stuivertje wisselen in de top 25 populairste aandelen onder huishoudens: Shell is in waarde ASML weer net voorbijgestreefd.
Het totale effectenbezit van Nederlandse huishoudens bestaat uit beursgenoteerde aandelen, beleggingsfondsen en obligaties voor in totaal € 204,3 miljard aan het einde van 2025. Ter vergelijking: Nederlandse huishoudens hebben veel meer spaargeld op spaarrekeningen bij Nederlandse banken (€ 528,6 miljard) dan beleggingen. Ook staat er nog € 109 miljard op betaalrekeningen bij Nederlandse banken. Huishoudens hebben daarnaast nog omvangrijke vermogens bij pensioenfondsen en verzekeraars, in eigen ondernemingen en in de huizenmarkt, die buiten het directe effectenbezit vallen.
Volgens cijfers van het CBS(Verwijst naar een externe site) telt Nederland 8,4 miljoen particuliere huishoudens, waarvan volgens onderzoek van de AFM ongeveer een kwart huishoudens beleggen (2,2 miljoen).
Een op zes Nederlanders: Grote kans dat ik later miljonair word
Maar liefst zeventien procent van alle Nederlanders tot vijftig jaar oud denkt dat er een goede kans bestaat dat ze later in het leven miljonair worden. Onder mannen bedraagt dit zelfs een kwart van alle ondervraagden. Dit blijkt uit onderzoek van internationaal handelsplatform Toobit onder 1.107 volwassen Nederlanders tot vijftig jaar oud, uitgevoerd door Panelwizard. Ondanks hooggespannen verwachtingen over hun eigen financiële toekomst zegt meer dan de helft van alle Nederlandse mannen open te staan voor een toekomst als huisman, mits hun (toekomstig) partner genoeg verdient.
Opvallend genoeg zijn vrouwen in dezelfde situatie minder vaak bereid om thuis te blijven met én voor de kinderen (slechts veertig procent). “Of je nu miljonair of huisman wil worden: om er te komen, heb je naast heldere doelen vaak ook een duidelijk plan nodig”, zegt Mike Williams, Chief Communications Officer bij Toobit. “Van Bill Gates tot Jeff Bezos, ieder groot vermogen is klein begonnen.”
Uit het onderzoek blijkt dat driekwart van alle ondervraagden zich op dit moment actief bezighoudt met hun financiële toekomst. Maar liefst 39 procent van hen belegt daarbij een gedeelte van hun spaargeld in aandelen en/of cryptovaluta. Opvallend genoeg doen mannen dit bijna dubbel zo vaak als vrouwen: vijftig procent tegenover slechts 27 procent. Ongeveer de helft van alle ondervraagden heeft hierbij een specifiek doel voor de komende tien jaar voor ogen, zo zegt 48 procent van hen een bepaald bedrag aan spaargeld of een specifiek salaris na te streven. Williams: “Van ETF’s en cryptovaluta tot aandelen, zeker in de huidige wereld zijn de mogelijkheden qua sparen en beleggen eindeloos. Financiële doelen op de lange termijn geven naast duidelijkheid ook rust. In plaats van jezelf te laten (ver)leiden door dagkoersen kan het enorm lonen om het grotere perspectief te blijven zien.”
Of ze nu miljonair worden of niet, maar liefst vier op de tien respondenten verwacht in de toekomst meer te gaan óf blijven verdienen dan hun partner. Mannen zijn met 59 procent het meest overtuigd van hun toekomstige verdienvermogen. Onder vrouwen bedraagt dit slechts een kwart van de ondervraagden. De overgrote meerderheid van de Nederlanders lijkt hier verder echter weinig waarde aan te hechten. Zo zou slechts vier procent van hen het vervelend vinden als hun partner, nu of in de toekomst, meer verdient dan zij. Williams: “Dankzij crypto kunnen ook huisvaders en -moeders beleggen zonder ingewikkelde tussenpersonen, hoge instapdrempels en andere ondoorzichtige poespas. Financiële voorlichting is echter cruciaal; crypto heeft wat mij betreft alleen een toekomst als gebruikers begrijpen wat ze doen, waarom ze het doen en welke risico’s daarbij horen.”
Opvallend genoeg zijn vrouwen in dezelfde situatie minder vaak bereid om thuis te blijven met én voor de kinderen (slechts veertig procent). “Of je nu miljonair of huisman wil worden: om er te komen, heb je naast heldere doelen vaak ook een duidelijk plan nodig”, zegt Mike Williams, Chief Communications Officer bij Toobit. “Van Bill Gates tot Jeff Bezos, ieder groot vermogen is klein begonnen.”
Uit het onderzoek blijkt dat driekwart van alle ondervraagden zich op dit moment actief bezighoudt met hun financiële toekomst. Maar liefst 39 procent van hen belegt daarbij een gedeelte van hun spaargeld in aandelen en/of cryptovaluta. Opvallend genoeg doen mannen dit bijna dubbel zo vaak als vrouwen: vijftig procent tegenover slechts 27 procent. Ongeveer de helft van alle ondervraagden heeft hierbij een specifiek doel voor de komende tien jaar voor ogen, zo zegt 48 procent van hen een bepaald bedrag aan spaargeld of een specifiek salaris na te streven. Williams: “Van ETF’s en cryptovaluta tot aandelen, zeker in de huidige wereld zijn de mogelijkheden qua sparen en beleggen eindeloos. Financiële doelen op de lange termijn geven naast duidelijkheid ook rust. In plaats van jezelf te laten (ver)leiden door dagkoersen kan het enorm lonen om het grotere perspectief te blijven zien.”
Of ze nu miljonair worden of niet, maar liefst vier op de tien respondenten verwacht in de toekomst meer te gaan óf blijven verdienen dan hun partner. Mannen zijn met 59 procent het meest overtuigd van hun toekomstige verdienvermogen. Onder vrouwen bedraagt dit slechts een kwart van de ondervraagden. De overgrote meerderheid van de Nederlanders lijkt hier verder echter weinig waarde aan te hechten. Zo zou slechts vier procent van hen het vervelend vinden als hun partner, nu of in de toekomst, meer verdient dan zij. Williams: “Dankzij crypto kunnen ook huisvaders en -moeders beleggen zonder ingewikkelde tussenpersonen, hoge instapdrempels en andere ondoorzichtige poespas. Financiële voorlichting is echter cruciaal; crypto heeft wat mij betreft alleen een toekomst als gebruikers begrijpen wat ze doen, waarom ze het doen en welke risico’s daarbij horen.”
vrijdag 20 februari 2026
PayPal: al 7,6 miljoen geregistreerde gebruikers in Duitsland
PayPal lijkt succesvol te zijn met contactloos betalen in fysieke winkels in Duitsland. Nieuwe cijfers sinds de start van deze dienst in mei 2025 zijn nu beschikbaar.
In mei vorig jaar breidde PayPal zijn aanbod in Duitsland uit met de mogelijkheid om met de smartphone contactloos te betalen bij de kassa. Daarmee positioneerde het bedrijf zich als alternatief voor diensten zoals Apple Pay en Google Pay. Dit specifieke aanbod is op dit moment alleen in Duitsland beschikbaar en blijkt goed aan te slaan.
Volgens Alexander Bellabarba, Senior Vice President Global Product Solutions bij PayPal, hebben zich inmiddels ongeveer 7,6 miljoen gebruikers van de PayPal-app in Duitsland geregistreerd om via de app aan de kassa te betalen. Deze registratie-aantal werd genoemd tijdens de Digital Finance Conference in Frankfurt en gedeeld op LinkedIn. PayPal deelde echter geen concrete cijfers over het daadwerkelijke gebruik — alleen over het aantal geregistreerde gebruikers.
Voor het betalen in winkels hoeven gebruikers alleen de PayPal-app te gebruiken; de betalingen verlopen via een virtuele debit-Mastercard die in de app kan worden opgeslagen. Zo kan er overal worden betaald waar contactloze Mastercard-betalingen worden geaccepteerd.
Volgens PayPal zijn er in Duitsland in totaal ongeveer 35 miljoen actieve PayPal-accounts, waarvan de genoemde 7,6 miljoen dus ongeveer 22 % vormen.
Tegelijkertijd probeert de Europese betaalapp Wero zich op de Duitse markt te vestigen als alternatief, maar die is momenteel nog niet op grote schaal beschikbaar aan de kassa’s.
In mei vorig jaar breidde PayPal zijn aanbod in Duitsland uit met de mogelijkheid om met de smartphone contactloos te betalen bij de kassa. Daarmee positioneerde het bedrijf zich als alternatief voor diensten zoals Apple Pay en Google Pay. Dit specifieke aanbod is op dit moment alleen in Duitsland beschikbaar en blijkt goed aan te slaan.
Volgens Alexander Bellabarba, Senior Vice President Global Product Solutions bij PayPal, hebben zich inmiddels ongeveer 7,6 miljoen gebruikers van de PayPal-app in Duitsland geregistreerd om via de app aan de kassa te betalen. Deze registratie-aantal werd genoemd tijdens de Digital Finance Conference in Frankfurt en gedeeld op LinkedIn. PayPal deelde echter geen concrete cijfers over het daadwerkelijke gebruik — alleen over het aantal geregistreerde gebruikers.
Voor het betalen in winkels hoeven gebruikers alleen de PayPal-app te gebruiken; de betalingen verlopen via een virtuele debit-Mastercard die in de app kan worden opgeslagen. Zo kan er overal worden betaald waar contactloze Mastercard-betalingen worden geaccepteerd.
Volgens PayPal zijn er in Duitsland in totaal ongeveer 35 miljoen actieve PayPal-accounts, waarvan de genoemde 7,6 miljoen dus ongeveer 22 % vormen.
Tegelijkertijd probeert de Europese betaalapp Wero zich op de Duitse markt te vestigen als alternatief, maar die is momenteel nog niet op grote schaal beschikbaar aan de kassa’s.
donderdag 19 februari 2026
Eén op de drie jongvolwassenen weleens in financiële problemen door impulsaankopen
Impulsaankopen lijken onschuldig, maar voor veel jongvolwassenen (18-34 jaar) hebben ze serieuze financiële gevolgen. Uit ING-onderzoek blijkt dat één op de drie jongvolwassenen door impulsaankopen weleens in de financiële problemen is gekomen. Ook geeft één op de drie aan dat impulsief koopgedrag hun vermogen om te sparen aantast. Online verleiding, sociale druk en het gemak van achteraf betalen maken het moeilijk om impulsaankopen te weerstaan.
Hoewel bijna iedereen weleens spontaan iets koopt, doen jongvolwassenen dit verreweg het vaakst. Eén op de drie jongvolwassenen kan door impulsaankopen minder goed sparen en 30% geeft aan hierdoor weleens in financiële problemen te zijn gekomen. Bijna 80% van hen doet maandelijks een impulsaankoop, vooral schoenen en kleding zijn populair. Jongvolwassenen kopen daarnaast vaker elektronica, terwijl 50-plussers graag een boek aanschaffen.
Het is niet altijd makkelijk om weerstand te bieden aan de verleiding. Bijna een derde van de Nederlanders heeft het gevoel dat sociale media-algoritmes steeds beter begrijpen wat iemand leuk vindt en een deel voelt zich ook onder druk gezet door trends. Dit leidt soms tot een miskoop: een derde van de jongvolwassenen geeft aan regelmatig aankopen te doen die ze niet nodig hebben. Een ruime meerderheid (57%) van de jongvolwassenen koopt minimaal één keer per maand iets uit verveling of omdat anderen het hebben (53%). Bij 50-plussers is dat slechts 10%.
“Uit dit onderzoek blijkt duidelijk hoe ouder iemand is, hoe beter hij of zij bestand is tegen impulsaankopen”, zegt Japke Kaastra, Hoofd Financiële Gezondheid bij ING. “Wat opvalt is hoe zeer impulsaankopen de financiële gezondheid van jongvolwassenen kunnen ondermijnen.” Het onderzoek toont ook aan dat vooral mensen die gebruikmaken van achteraf betalen risico lopen. Van deze groep zegt een groter deel weleens in de financiële problemen te zijn gekomen. Kaastra: “Achteraf betalen kan handig en veilig zijn, maar voor mensen met een beperkt budget en weinig financieel overzicht brengt het reële risico’s op geldproblemen met zich mee. Daarom zijn strengere regels nodig om opstapelende schulden te voorkomen, en ook meer financiële educatie en hulpmiddelen die beschermen tegen impulsaankopen.”
Veel mensen doen impulsaankopen na het zien van een (tijdelijke) aanbieding, soms extra aangemoedigd door gratis verzending. Ook doen velen een impulsaankoop om zichzelf te belonen. Daarnaast speelt de sociale beïnvloeding een rol. Vooral jongvolwassenen voelen een sterke invloed van familie en vrienden. Ook hebben – het woord zegt het al – ‘influencers’ een behoorlijk sterke invloed op aankopen. Ruim een kwart van de (jong)volwassenen ervaart sociale druk om met trends mee te doen. Eén op de drie jongvolwassenen praat een aankoop achteraf voor zichzelf goed. Onder volwassenen is dit één op de vijf.
Hoewel bijna iedereen weleens spontaan iets koopt, doen jongvolwassenen dit verreweg het vaakst. Eén op de drie jongvolwassenen kan door impulsaankopen minder goed sparen en 30% geeft aan hierdoor weleens in financiële problemen te zijn gekomen. Bijna 80% van hen doet maandelijks een impulsaankoop, vooral schoenen en kleding zijn populair. Jongvolwassenen kopen daarnaast vaker elektronica, terwijl 50-plussers graag een boek aanschaffen.
Het is niet altijd makkelijk om weerstand te bieden aan de verleiding. Bijna een derde van de Nederlanders heeft het gevoel dat sociale media-algoritmes steeds beter begrijpen wat iemand leuk vindt en een deel voelt zich ook onder druk gezet door trends. Dit leidt soms tot een miskoop: een derde van de jongvolwassenen geeft aan regelmatig aankopen te doen die ze niet nodig hebben. Een ruime meerderheid (57%) van de jongvolwassenen koopt minimaal één keer per maand iets uit verveling of omdat anderen het hebben (53%). Bij 50-plussers is dat slechts 10%.
“Uit dit onderzoek blijkt duidelijk hoe ouder iemand is, hoe beter hij of zij bestand is tegen impulsaankopen”, zegt Japke Kaastra, Hoofd Financiële Gezondheid bij ING. “Wat opvalt is hoe zeer impulsaankopen de financiële gezondheid van jongvolwassenen kunnen ondermijnen.” Het onderzoek toont ook aan dat vooral mensen die gebruikmaken van achteraf betalen risico lopen. Van deze groep zegt een groter deel weleens in de financiële problemen te zijn gekomen. Kaastra: “Achteraf betalen kan handig en veilig zijn, maar voor mensen met een beperkt budget en weinig financieel overzicht brengt het reële risico’s op geldproblemen met zich mee. Daarom zijn strengere regels nodig om opstapelende schulden te voorkomen, en ook meer financiële educatie en hulpmiddelen die beschermen tegen impulsaankopen.”
Veel mensen doen impulsaankopen na het zien van een (tijdelijke) aanbieding, soms extra aangemoedigd door gratis verzending. Ook doen velen een impulsaankoop om zichzelf te belonen. Daarnaast speelt de sociale beïnvloeding een rol. Vooral jongvolwassenen voelen een sterke invloed van familie en vrienden. Ook hebben – het woord zegt het al – ‘influencers’ een behoorlijk sterke invloed op aankopen. Ruim een kwart van de (jong)volwassenen ervaart sociale druk om met trends mee te doen. Eén op de drie jongvolwassenen praat een aankoop achteraf voor zichzelf goed. Onder volwassenen is dit één op de vijf.
woensdag 18 februari 2026
Openbank schaft kosten voor internationale overboekingen af
Openbank, de 100% digitale bank van Santander Group, heeft de kosten voor internationale overboekingen afgeschaft. Klanten van de bank kunnen gratis geld naar het buitenland overmaken en ontvangen, in verschillende valuta en zonder minimumbedrag per overboeking.
Deze dienst is 24 uur per dag, zeven dagen per week beschikbaar in de app en op de website van de bank. Om een overboeking te doen, hoeven klanten alleen maar de gegevens van de begunstigde in te voeren, het bedrag te bepalen en de overboeking te bevestigen.
In een steeds mondialere context vereenvoudigt Openbank met deze nieuwe maatregel het dienstenaanbod. De bank maakt het voor klanten gemakkelijker om hun internationale overboekingen te beheren via een comfortabel, snel en veilig proces. Het initiatief biedt een concurrerende oplossing die aansluit bij de dagelijkse behoeften.
Daarnaast beschikken klanten van de bank ook over verschillende gratis digitale betaalmethoden, zoals instant overboekingen en automatische incasso’s.
Deze dienst is 24 uur per dag, zeven dagen per week beschikbaar in de app en op de website van de bank. Om een overboeking te doen, hoeven klanten alleen maar de gegevens van de begunstigde in te voeren, het bedrag te bepalen en de overboeking te bevestigen.
In een steeds mondialere context vereenvoudigt Openbank met deze nieuwe maatregel het dienstenaanbod. De bank maakt het voor klanten gemakkelijker om hun internationale overboekingen te beheren via een comfortabel, snel en veilig proces. Het initiatief biedt een concurrerende oplossing die aansluit bij de dagelijkse behoeften.
Daarnaast beschikken klanten van de bank ook over verschillende gratis digitale betaalmethoden, zoals instant overboekingen en automatische incasso’s.
dinsdag 17 februari 2026
'Kabinet moet witwascontrole centraal gaan organiseren'
Het kabinet moet de strijd tegen witwassen slimmer organiseren en niet verder versnipperen. Banken extra toegang geven tot de Basisregistratie Personen lijkt efficiënt, maar vergroot de spanning tussen publieke taken en private poortwachters. De oplossing ligt in centrale regie, uniforme digitale standaarden en versnelling van digitale identificatie.
De overheid heeft de opsporing van witwassen nadrukkelijk bij banken en andere poortwachters zoals accountants belegd. Zij moeten klanten identificeren, transacties analyseren en afwijkingen melden. Dat is feitelijk een publieke taak, maar zonder dat deze partijen altijd beschikken over een uniform en toekomstbestendig instrumentarium. Het gevolg is dat iedere instelling eigen systemen, interpretaties en risicomodellen ontwikkelt, zegt expert Joris Poppe.
Het is opvallend dat nu wordt ingezet op extra toegang tot de BRP. Privacyexperts plaatsen daar terecht vraagtekens bij. Tegelijkertijd werkt Europa aan de invoering van de digitale identiteit, de EDI-Wallet, die naar verwachting uiterlijk in 2026 voor alle burgers en bedrijven beschikbaar moet zijn. Zo’n digitale wallet biedt juist een gestandaardiseerde en gecontroleerde manier om identiteitsgegevens te delen, zonder dat databanken breder worden opengesteld.
Een deel van de oplossing ligt ook in het verplicht stellen van e-facturatie voor alle transacties in Nederland. Wanneer facturen volledig digitaal en volgens vaste Europese standaarden worden uitgewisseld, ontstaat een uniform datamodel met gestructureerde informatie over verzender, ontvanger, bedragen en btw. In landen waar dit al verplicht is zoals Italië en België, kan de overheid vrijwel realtime afwijkende patronen signaleren, zoals onlogische factuurketens of plotselinge volumestijgingen.
Als zulke gegevens centraal beschikbaar zijn voor toezicht, hoeft niet iedere bank afzonderlijk dezelfde analyses uit te voeren. Monitoring van fraude en witwassen kan dan consistenter en transparanter worden ingericht, met minder verspreiding van privacygevoelige gegevens. Als die stap uitblijft, dreigt een steeds complexer stelsel waarin bevoegdheden worden uitgebreid, maar de structurele oplossing uit zicht blijft.
De overheid heeft de opsporing van witwassen nadrukkelijk bij banken en andere poortwachters zoals accountants belegd. Zij moeten klanten identificeren, transacties analyseren en afwijkingen melden. Dat is feitelijk een publieke taak, maar zonder dat deze partijen altijd beschikken over een uniform en toekomstbestendig instrumentarium. Het gevolg is dat iedere instelling eigen systemen, interpretaties en risicomodellen ontwikkelt, zegt expert Joris Poppe.
Het is opvallend dat nu wordt ingezet op extra toegang tot de BRP. Privacyexperts plaatsen daar terecht vraagtekens bij. Tegelijkertijd werkt Europa aan de invoering van de digitale identiteit, de EDI-Wallet, die naar verwachting uiterlijk in 2026 voor alle burgers en bedrijven beschikbaar moet zijn. Zo’n digitale wallet biedt juist een gestandaardiseerde en gecontroleerde manier om identiteitsgegevens te delen, zonder dat databanken breder worden opengesteld.
Een deel van de oplossing ligt ook in het verplicht stellen van e-facturatie voor alle transacties in Nederland. Wanneer facturen volledig digitaal en volgens vaste Europese standaarden worden uitgewisseld, ontstaat een uniform datamodel met gestructureerde informatie over verzender, ontvanger, bedragen en btw. In landen waar dit al verplicht is zoals Italië en België, kan de overheid vrijwel realtime afwijkende patronen signaleren, zoals onlogische factuurketens of plotselinge volumestijgingen.
Als zulke gegevens centraal beschikbaar zijn voor toezicht, hoeft niet iedere bank afzonderlijk dezelfde analyses uit te voeren. Monitoring van fraude en witwassen kan dan consistenter en transparanter worden ingericht, met minder verspreiding van privacygevoelige gegevens. Als die stap uitblijft, dreigt een steeds complexer stelsel waarin bevoegdheden worden uitgebreid, maar de structurele oplossing uit zicht blijft.
maandag 16 februari 2026
Nieuwe ABN AMRO klanten sneller toegang tot betaalrekening
Nieuwe particuliere klanten van ABN AMRO kunnen voortaan op dezelfde dag betalingen doen, zonder te hoeven wachten op een fysieke betaalpas. Dankzij de functie ‘Directe Toegang’ krijgen klanten diezelfde dag nog – na twee uur - toegang tot hun rekening. De twee uur wachttijd is ingesteld vanuit veiligheid.
Zodra de klant volledig het klantproces heeft doorlopen, kan deze direct online betalingen uitvoeren. Ook kan een digitale betaalpas worden toegevoegd aan Apple Pay of Google Wallet. Het uploaden van informatie rondom bewijs dat een klant woonachtig is in Nederland kan ook meteen plaatsvinden, als dat nodig is. Klanten verwachten direct toegang en gebruiksgemak.
Deze snelle, digitale dienstverlening sluit daarbij aan. Door het proces om ‘klant te worden’, te versnellen, wordt de overgang van het openen van een rekening naar daadwerkelijk bankieren eenvoudiger en efficiënter. De uitrol van Directe Toegang verloopt gefaseerd. Vanaf 9 februari is de functie beschikbaar in de nieuwste versie van de ABN AMRO app.
Op 16 februari volgt de landelijke uitrol, waarbij alle nieuwe particuliere klanten, zowel Nederlandse als internationale klanten, van de dienst gebruik kunnen maken. De mogelijkheid geldt uitsluitend voor enkelvoudige en gezamenlijke rekeningen die volledig via de ABN AMRO app geopend worden. Klanten hebben een NFC-compatibel ID-document en smartphone nodig, zodat veilig kan worden ingelogd zonder e.dentifier.
Zodra de klant volledig het klantproces heeft doorlopen, kan deze direct online betalingen uitvoeren. Ook kan een digitale betaalpas worden toegevoegd aan Apple Pay of Google Wallet. Het uploaden van informatie rondom bewijs dat een klant woonachtig is in Nederland kan ook meteen plaatsvinden, als dat nodig is. Klanten verwachten direct toegang en gebruiksgemak.
Deze snelle, digitale dienstverlening sluit daarbij aan. Door het proces om ‘klant te worden’, te versnellen, wordt de overgang van het openen van een rekening naar daadwerkelijk bankieren eenvoudiger en efficiënter. De uitrol van Directe Toegang verloopt gefaseerd. Vanaf 9 februari is de functie beschikbaar in de nieuwste versie van de ABN AMRO app.
Op 16 februari volgt de landelijke uitrol, waarbij alle nieuwe particuliere klanten, zowel Nederlandse als internationale klanten, van de dienst gebruik kunnen maken. De mogelijkheid geldt uitsluitend voor enkelvoudige en gezamenlijke rekeningen die volledig via de ABN AMRO app geopend worden. Klanten hebben een NFC-compatibel ID-document en smartphone nodig, zodat veilig kan worden ingelogd zonder e.dentifier.
vrijdag 13 februari 2026
ING viert 40 jaar pionierschap in digitaal bankieren
Het is vandaag precies 40 jaar geleden dat Nederland kennismaakte met het fenomeen thuisbankieren. Met de introductie van Girotel op 13 februari 1986 zette ING-rechtsvoorganger de Postbank een destijds futuristische stap: vanuit huis je bankzaken doen via de computer. Het systeem werd ontwikkeld binnen de net geprivatiseerde Postbank en vormde de basis voor de digitale transformatie van het betalingsverkeer zoals we dat nu kennen.
Waar consumenten tot 1986 waren aangewezen op papieren overschrijfformulieren en de post, maakte Girotel het mogelijk om volledig via de computer vanuit huis bankzaken te regelen. Daarmee was Girotel een van de allereerste digitale financiële diensten in Europa. Het systeem bouwde voort op de technische fundamenten die begin jaren tachtig binnen de Postgiro werden gelegd dankzij experimenten met nieuwe technologieën zoals netwerken, cryptografie en Viditel systemen.
Bob Timmerman, hoofd Digitaal Bankieren bij ING in Nederland: “Girotel was zijn tijd ver vooruit. Het zette Nederland op de kaart als digitale fintech pionier, lang voordat het woord ‘fintech’ überhaupt bestond. De stap van papieren overschrijvingen naar digitale opdrachten vanuit huis was een enorme sprong in klantgemak en betrouwbaarheid.”
Voor Girotel moesten klanten met een modem via de vaste telefoonlijn inbellen op de computersystemen van de Postbank. Hoewel dit destijds revolutionair was, bracht het continu inbellen hoge telefoonkosten met zich mee. Daarom werd al snel een offline variant ontwikkeld. Klanten konden hun betaalopdrachten offline voorbereiden en vervolgens in één keer verzenden, wat de kosten drastisch verlaagde.
Volgens Timmerman was de offline variant voor die tijd ‘een briljante innovatie’. “Het laat zien hoe we toen al klantgericht dachten. Hoe de technologie werd aangepast om, net zoals nu, het dagelijks gebruik betaalbaar, gemakkelijk en toegankelijk te maken. Ook laat het zien hoe diep innovatie is verankerd in het DNA van ING.” Dankzij deze verbetering groeide het aantal Girotel gebruikers snel, met zo’n 10.000 nieuwe klanten per jaar. Dit was een aanzienlijk aantal in een tijd waarin computers nog lang geen vanzelfsprekendheid waren in Nederlandse huishoudens.
Beveiliging stond vanaf het begin centraal. Girotel introduceerde een combinatie van een persoonlijke identificatiecode en een TAN code voor het bevestigen van betalingen. Dit TAN systeem zou later ook worden gebruikt bij de internetbankierplatformen, eerst bij Mijnpostbank.nl en later bij mijning.nl. Timmerman: “De TAN codes van Girotel vormden de basis voor de beveiligingsprincipes die we nu nog steeds herkennen in moderne authenticatiemethoden. Het was destijds ongekend vooruitstrevend dat een consumentenproduct zulke geavanceerde beveiliging toepaste.”
Vanaf 1997 werd Girotel beschikbaar via ISDN, en in 1998 werd een internetvariant gelanceerd. Een periode lang bestonden Girotel en internetbankieren naast elkaar. Maar in 2005 beëindigde de Postbank de dienst voor particulieren en drie jaar later voor zakelijke klanten. Daarmee had internetbankieren het stokje definitief overgenomen. “Girotel plaveide de weg voor de moderne digitale betaalinfrastructuur die we vandaag vanzelfsprekend vinden. Denk aan mobiele apps, realtime betalingen, Apple Pay, Google Pay en iDEAL/Wero en 24/7 toegang”, besluit Timmerman.
Waar consumenten tot 1986 waren aangewezen op papieren overschrijfformulieren en de post, maakte Girotel het mogelijk om volledig via de computer vanuit huis bankzaken te regelen. Daarmee was Girotel een van de allereerste digitale financiële diensten in Europa. Het systeem bouwde voort op de technische fundamenten die begin jaren tachtig binnen de Postgiro werden gelegd dankzij experimenten met nieuwe technologieën zoals netwerken, cryptografie en Viditel systemen.
Bob Timmerman, hoofd Digitaal Bankieren bij ING in Nederland: “Girotel was zijn tijd ver vooruit. Het zette Nederland op de kaart als digitale fintech pionier, lang voordat het woord ‘fintech’ überhaupt bestond. De stap van papieren overschrijvingen naar digitale opdrachten vanuit huis was een enorme sprong in klantgemak en betrouwbaarheid.”
Voor Girotel moesten klanten met een modem via de vaste telefoonlijn inbellen op de computersystemen van de Postbank. Hoewel dit destijds revolutionair was, bracht het continu inbellen hoge telefoonkosten met zich mee. Daarom werd al snel een offline variant ontwikkeld. Klanten konden hun betaalopdrachten offline voorbereiden en vervolgens in één keer verzenden, wat de kosten drastisch verlaagde.
Volgens Timmerman was de offline variant voor die tijd ‘een briljante innovatie’. “Het laat zien hoe we toen al klantgericht dachten. Hoe de technologie werd aangepast om, net zoals nu, het dagelijks gebruik betaalbaar, gemakkelijk en toegankelijk te maken. Ook laat het zien hoe diep innovatie is verankerd in het DNA van ING.” Dankzij deze verbetering groeide het aantal Girotel gebruikers snel, met zo’n 10.000 nieuwe klanten per jaar. Dit was een aanzienlijk aantal in een tijd waarin computers nog lang geen vanzelfsprekendheid waren in Nederlandse huishoudens.
Beveiliging stond vanaf het begin centraal. Girotel introduceerde een combinatie van een persoonlijke identificatiecode en een TAN code voor het bevestigen van betalingen. Dit TAN systeem zou later ook worden gebruikt bij de internetbankierplatformen, eerst bij Mijnpostbank.nl en later bij mijning.nl. Timmerman: “De TAN codes van Girotel vormden de basis voor de beveiligingsprincipes die we nu nog steeds herkennen in moderne authenticatiemethoden. Het was destijds ongekend vooruitstrevend dat een consumentenproduct zulke geavanceerde beveiliging toepaste.”
Vanaf 1997 werd Girotel beschikbaar via ISDN, en in 1998 werd een internetvariant gelanceerd. Een periode lang bestonden Girotel en internetbankieren naast elkaar. Maar in 2005 beëindigde de Postbank de dienst voor particulieren en drie jaar later voor zakelijke klanten. Daarmee had internetbankieren het stokje definitief overgenomen. “Girotel plaveide de weg voor de moderne digitale betaalinfrastructuur die we vandaag vanzelfsprekend vinden. Denk aan mobiele apps, realtime betalingen, Apple Pay, Google Pay en iDEAL/Wero en 24/7 toegang”, besluit Timmerman.
Aangifte doen als ondernemer? Bereid je voor met de aangiftechecklist
Vanaf 1 maart doen bijna 2,5 miljoen ondernemers weer belastingaangifte. Jij ook? En wil je soepel en snel aangifte doen? Gebruik de aangiftechecklist voor ondernemers van de Belastingdienst. Je vindt de aangiftechecklist op belastingdienst.nl/ondernemersaangifte. We lichten een paar aandachtspunten uit de checklist uit.
In de aangiftechecklist staat alles wat je nodig hebt om vanaf 1 maart soepel aangifte te doen. Het eerste aandachtspunt? Checken of je ondernemer bent voor de inkomstenbelasting. Want dat heeft gevolgen voor hoe je aangifte doet. Als je ingeschreven staat bij Kamer van Koophandel ben je niet automatisch ondernemer voor de inkomstenbelasting. Je moet dan aan een aantal voorwaarden voldoen. Je gaat dit na met de OndernemersCheck op belastingdienst.nl/ondernemerscheck. Vul ‘m in om snel te controleren of je je inkomsten als ‘Winst uit onderneming’ moet invullen of als ‘Inkomsten uit overig werk’.
Ben je ondernemer voor de inkomstenbelasting? Check dan alvast welke gegevens je moet verzamelen voor je belastingaangifte. Denk aan de winst- en verliesrekening en de balans. Wat je precies nodig hebt, vind je in de aangiftechecklist op belastingdienst.nl/ondernemersaangifte.
Ben je géén ondernemer voor de inkomstenbelasting, maar heb je wel inkomsten uit overig werk? Ook dan moet je het geld dat je hiermee verdient aangeven in de aangifte. Sommige kosten die je maakt mag je aftrekken. Welke kosten dat zijn, vind je hier.
Doe je jouw belastingaangifte over 2025 zelf? Meld je aan voor het webinar ‘Invullen aangifte Inkomstenbelasting’ van de Belastingdienst op dinsdag 3 maart om 20:00 uur. Tijdens dit gratis webinar nemen experts van de Belastingdienst je stap voor stap mee door de belastingaangifte. Kun je er niet bij zijn? Meld je toch aan. Dan ontvang je de link om het webinar terug te kijken op een moment dat jou uitkomt. Inschrijven doe je via deze link.
Kom je er niet uit of heb je een vraag? De Belastingdienst helpt je graag. Dat kan online of telefonisch. Onze hulp is gratis. Bekijk op belastingdienst.nl/ondernemers-hulp de mogelijkheden.

In de aangiftechecklist staat alles wat je nodig hebt om vanaf 1 maart soepel aangifte te doen. Het eerste aandachtspunt? Checken of je ondernemer bent voor de inkomstenbelasting. Want dat heeft gevolgen voor hoe je aangifte doet. Als je ingeschreven staat bij Kamer van Koophandel ben je niet automatisch ondernemer voor de inkomstenbelasting. Je moet dan aan een aantal voorwaarden voldoen. Je gaat dit na met de OndernemersCheck op belastingdienst.nl/ondernemerscheck. Vul ‘m in om snel te controleren of je je inkomsten als ‘Winst uit onderneming’ moet invullen of als ‘Inkomsten uit overig werk’.
Ben je ondernemer voor de inkomstenbelasting? Check dan alvast welke gegevens je moet verzamelen voor je belastingaangifte. Denk aan de winst- en verliesrekening en de balans. Wat je precies nodig hebt, vind je in de aangiftechecklist op belastingdienst.nl/ondernemersaangifte.
Ben je géén ondernemer voor de inkomstenbelasting, maar heb je wel inkomsten uit overig werk? Ook dan moet je het geld dat je hiermee verdient aangeven in de aangifte. Sommige kosten die je maakt mag je aftrekken. Welke kosten dat zijn, vind je hier.
Doe je jouw belastingaangifte over 2025 zelf? Meld je aan voor het webinar ‘Invullen aangifte Inkomstenbelasting’ van de Belastingdienst op dinsdag 3 maart om 20:00 uur. Tijdens dit gratis webinar nemen experts van de Belastingdienst je stap voor stap mee door de belastingaangifte. Kun je er niet bij zijn? Meld je toch aan. Dan ontvang je de link om het webinar terug te kijken op een moment dat jou uitkomt. Inschrijven doe je via deze link.
Kom je er niet uit of heb je een vraag? De Belastingdienst helpt je graag. Dat kan online of telefonisch. Onze hulp is gratis. Bekijk op belastingdienst.nl/ondernemers-hulp de mogelijkheden.

donderdag 12 februari 2026
AFM geeft Onafhankelijk Vermogensbeheer ’s Gravenhage een aanwijzing vanwege meerdere tekortkomingen
De Autoriteit Financiële Markten (AFM) heeft op 29 september 2025 een aanwijzing opgelegd aan Onafhankelijk Vermogensbeheer ’s Gravenhage B.V. (OVG) vanwege tekortkomingen in de naleving van regelgeving over geschiktheid, het productgoedkeurings- en productdistributieproces (PARP) en kostentransparantie. De aanwijzing volgt uit een onderzoek naar de naleving van beleggersbeschermingsnormen.
‘Vermogensbeheerders dragen een grote verantwoordelijkheid richting hun klanten. Als zij structureel tekortschieten in het naleven van essentiële regels, grijpen wij in. Deze aanwijzing maakt duidelijk dat beleggersbescherming en compliance geen vrijblijvende begrippen zijn — ook niet voor kleinere partijen’, aldus Jos Heuvelman, bestuurder bij de AFM.
Beleggingsondernemingen die aan individueel vermogensbeheer doen, zijn verplicht om voldoende informatie bij cliënten in te winnen, zodat zij hen kunnen voorzien van een geschikte beleggingsportefeuille en geschikte aan- en verkopen kunnen doen. De AFM heeft onder meer geconstateerd dat OVG bij sommige cliënten onvoldoende informatie heeft ingewonnen over hun financiële positie. Daarnaast heeft OVG geen passende beleidsregels en procedures om het risico van haar beleggingsportefeuilles goed in te schatten, omdat zij dit risico niet meet en niet actief volgt.
De door de AFM onderzochte PARP-norm verplicht beleggingsondernemingen beleid op te stellen over de wijze waarop zij financiële instrumenten distribueren aan de juiste doelgroep en heeft als doel om ‘misselling’ te voorkomen. De AFM heeft geconstateerd dat OVG haar doelgroepbeschrijvingen onvoldoende gedetailleerd heeft opgesteld. Hierdoor kan zij niet garanderen dat zij alleen financiële producten aanbiedt aan cliënten die daadwerkelijk tot die doelgroep behoren.
‘Vermogensbeheerders dragen een grote verantwoordelijkheid richting hun klanten. Als zij structureel tekortschieten in het naleven van essentiële regels, grijpen wij in. Deze aanwijzing maakt duidelijk dat beleggersbescherming en compliance geen vrijblijvende begrippen zijn — ook niet voor kleinere partijen’, aldus Jos Heuvelman, bestuurder bij de AFM.
Beleggingsondernemingen die aan individueel vermogensbeheer doen, zijn verplicht om voldoende informatie bij cliënten in te winnen, zodat zij hen kunnen voorzien van een geschikte beleggingsportefeuille en geschikte aan- en verkopen kunnen doen. De AFM heeft onder meer geconstateerd dat OVG bij sommige cliënten onvoldoende informatie heeft ingewonnen over hun financiële positie. Daarnaast heeft OVG geen passende beleidsregels en procedures om het risico van haar beleggingsportefeuilles goed in te schatten, omdat zij dit risico niet meet en niet actief volgt.
De door de AFM onderzochte PARP-norm verplicht beleggingsondernemingen beleid op te stellen over de wijze waarop zij financiële instrumenten distribueren aan de juiste doelgroep en heeft als doel om ‘misselling’ te voorkomen. De AFM heeft geconstateerd dat OVG haar doelgroepbeschrijvingen onvoldoende gedetailleerd heeft opgesteld. Hierdoor kan zij niet garanderen dat zij alleen financiële producten aanbiedt aan cliënten die daadwerkelijk tot die doelgroep behoren.
woensdag 11 februari 2026
ABN AMRO rapporteert nettowinst van EUR 410 miljoen
ABN AMRO heeft in het vierde kwartaal van 2025 een nettowinst gerealiseerd van 410 miljoen euro. Daarmee kwam het rendement op eigen vermogen over heel 2025 uit op 8,7 procent. De bank boekte verdere vooruitgang op haar strategische prioriteiten, waaronder winstgevende groei, kostenbeheersing en optimalisatie van kapitaal.
CEO Marguerite Bérard benadrukt dat ABN AMRO in het vierde kwartaal opnieuw solide resultaten heeft geleverd. “We hebben concrete stappen gezet in het beheer van onze portefeuilles en de optimalisatie van risicogewogen activa. Tegelijkertijd realiseerden we winstgevende groei, vooral binnen hypotheken en wealth management, en boekten we verdere vooruitgang in het verlagen van onze kosten.”
De Nederlandse economie bleef veerkrachtig, ondanks aanhoudende krapte op de arbeidsmarkt en mondiale handelsonzekerheden. ABN AMRO verwacht dat de huizenprijzen in 2026 verder stijgen, zij het in een gematigder tempo. In deze context blijft de bank zich richten op het ondersteunen van klanten in Noordwest-Europa.
Personal & Business Banking breidde de hypotheekproductie verder uit. Het marktaandeel steeg in het vierde kwartaal naar 21%, doordat meer klanten werden geholpen bij aankoop en herfinanciering van woningen. Wealth Management zag het beheerd vermogen toenemen met EUR 5,1 miljard tot ruim EUR 283 miljard. De netto-instroom van kernactiva bedroeg EUR 1,9 miljard, voornamelijk dankzij hogere deposito’s.
ABN AMRO bleef investeren in haar proposities. In december werd in Gent een nieuwe vestiging geopend voor wealth management-klanten na de rebranding van de Belgische private banking-activiteiten naar ABN AMRO MeesPierson. Daarnaast biedt Hauck Aufhäuser Digital Custody nu crypto-custody en transactiediensten aan institutionele klanten.
Ook startte de bank in december de pilot Beter Wonen, een initiatief dat Nederlandse klanten volledig begeleidt bij het verduurzamen van hun woning. Doel is dat de energiebesparing de investeringskosten dekt of overstijgt.
Het operationeel inkomen in het vierde kwartaal lag op een goed niveau, waarmee ABN AMRO verder opschoof richting het doel om uiterlijk in 2028 een operationeel inkomen van meer dan EUR 10 miljard te realiseren. De netto rentebaten stegen met 85 miljoen naar 1.665 miljoen euro, vooral dankzij sterkere resultaten binnen Treasury. Over heel 2025 kwamen de netto rentebaten uit op ruim EUR 6,3 miljard, in lijn met de verwachting.
De provisiebaten namen toe, met name binnen Wealth Management. Ook binnen Corporate Banking, Global Markets en Corporate Finance lagen de provisies hoger, mede door toegenomen volatiliteit op de financiële markten.
De kosten in het vierde kwartaal bedroegen EUR 1.575 miljoen, inclusief de jaarlijkse bankenbelasting. Over 2025 lagen de kosten, exclusief incidentele en herstructureringskosten, aan de onderkant van de eerder afgegeven bandbreedte. Voor 2026 verwacht ABN AMRO kosten van circa EUR 5,6 miljard, exclusief herstructureringskosten en de voorgenomen overname van NIBC.
CEO Marguerite Bérard benadrukt dat ABN AMRO in het vierde kwartaal opnieuw solide resultaten heeft geleverd. “We hebben concrete stappen gezet in het beheer van onze portefeuilles en de optimalisatie van risicogewogen activa. Tegelijkertijd realiseerden we winstgevende groei, vooral binnen hypotheken en wealth management, en boekten we verdere vooruitgang in het verlagen van onze kosten.”
De Nederlandse economie bleef veerkrachtig, ondanks aanhoudende krapte op de arbeidsmarkt en mondiale handelsonzekerheden. ABN AMRO verwacht dat de huizenprijzen in 2026 verder stijgen, zij het in een gematigder tempo. In deze context blijft de bank zich richten op het ondersteunen van klanten in Noordwest-Europa.
Personal & Business Banking breidde de hypotheekproductie verder uit. Het marktaandeel steeg in het vierde kwartaal naar 21%, doordat meer klanten werden geholpen bij aankoop en herfinanciering van woningen. Wealth Management zag het beheerd vermogen toenemen met EUR 5,1 miljard tot ruim EUR 283 miljard. De netto-instroom van kernactiva bedroeg EUR 1,9 miljard, voornamelijk dankzij hogere deposito’s.
ABN AMRO bleef investeren in haar proposities. In december werd in Gent een nieuwe vestiging geopend voor wealth management-klanten na de rebranding van de Belgische private banking-activiteiten naar ABN AMRO MeesPierson. Daarnaast biedt Hauck Aufhäuser Digital Custody nu crypto-custody en transactiediensten aan institutionele klanten.
Ook startte de bank in december de pilot Beter Wonen, een initiatief dat Nederlandse klanten volledig begeleidt bij het verduurzamen van hun woning. Doel is dat de energiebesparing de investeringskosten dekt of overstijgt.
Het operationeel inkomen in het vierde kwartaal lag op een goed niveau, waarmee ABN AMRO verder opschoof richting het doel om uiterlijk in 2028 een operationeel inkomen van meer dan EUR 10 miljard te realiseren. De netto rentebaten stegen met 85 miljoen naar 1.665 miljoen euro, vooral dankzij sterkere resultaten binnen Treasury. Over heel 2025 kwamen de netto rentebaten uit op ruim EUR 6,3 miljard, in lijn met de verwachting.
De provisiebaten namen toe, met name binnen Wealth Management. Ook binnen Corporate Banking, Global Markets en Corporate Finance lagen de provisies hoger, mede door toegenomen volatiliteit op de financiële markten.
De kosten in het vierde kwartaal bedroegen EUR 1.575 miljoen, inclusief de jaarlijkse bankenbelasting. Over 2025 lagen de kosten, exclusief incidentele en herstructureringskosten, aan de onderkant van de eerder afgegeven bandbreedte. Voor 2026 verwacht ABN AMRO kosten van circa EUR 5,6 miljard, exclusief herstructureringskosten en de voorgenomen overname van NIBC.
Boete voor beleggingsonderneming wegens niet tijdig rapporteren
De Nederlandsche Bank (DNB) heeft op 10 oktober 2023 een boete van € 16.830,- opgelegd aan een beleggingsonderneming. De boete is opgelegd, omdat de beleggingsonderneming de wettelijk verplichte rapportage over het derde kwartaal van 2022 niet tijdig bij DNB heeft ingediend. DNB heeft bij de berekening van de boetehoogte rekening gehouden met de door de beleggingsonderneming getroffen adequate maatregelen ter voorkoming van herhaling van de overtreding.
De beleggingsonderneming heeft de FINREP-rapportage over het derde kwartaal van 2022 niet tijdig bij DNB ingediend. De kwartaalrapportage had uiterlijk op vrijdag 11 november 2022 bij DNB ingediend moeten zijn. DNB heeft de rapportage, met de status geaccepteerd, echter pas op maandag 14 november 2022 ontvangen. Daarmee heeft de beleggingsonderneming de Wet op het financieel toezicht overtreden. Bij besluit van 10 oktober 2023 heeft DNB hiervoor – in lijn met het Handhavingsbeleid DNB voor tijdige indiening van toezichtrapportages – een bestuurlijke boete van 16.830,- opgelegd.
Op 20 november 2023 heeft de beleggingsonderneming bezwaar ingediend tegen het boetebesluit. Dit bezwaar is door DNB bij besluit van 13 februari 2024 ongegrond verklaard. Nu de wettelijke termijn voor het indienen van beroep is verstreken en er geen beroep is ingesteld, zijn het boetebesluit en de beslissing op bezwaar onherroepelijk geworden.
De beleggingsonderneming heeft de FINREP-rapportage over het derde kwartaal van 2022 niet tijdig bij DNB ingediend. De kwartaalrapportage had uiterlijk op vrijdag 11 november 2022 bij DNB ingediend moeten zijn. DNB heeft de rapportage, met de status geaccepteerd, echter pas op maandag 14 november 2022 ontvangen. Daarmee heeft de beleggingsonderneming de Wet op het financieel toezicht overtreden. Bij besluit van 10 oktober 2023 heeft DNB hiervoor – in lijn met het Handhavingsbeleid DNB voor tijdige indiening van toezichtrapportages – een bestuurlijke boete van 16.830,- opgelegd.
Op 20 november 2023 heeft de beleggingsonderneming bezwaar ingediend tegen het boetebesluit. Dit bezwaar is door DNB bij besluit van 13 februari 2024 ongegrond verklaard. Nu de wettelijke termijn voor het indienen van beroep is verstreken en er geen beroep is ingesteld, zijn het boetebesluit en de beslissing op bezwaar onherroepelijk geworden.
dinsdag 10 februari 2026
Inkomsten Rabo blijven stabiel
De nettowinst van Rabobank over 2025 bedroeg 4,9 miljard euro. De inkomsten bleven stabiel, de operationele kosten lieten een lichte stijging zien en de kwaliteit van de kredietportefeuille bleef sterk.
In het binnenlandse bankbedrijf (Domestic Retail Banking) daalden de marges op deposito's. De impact daarvan op de rentewinst werd verkleind door de stijging van deposito's met 25,4 miljard euro, en de aanhoudende groei van de leningenportefeuille met 10,6 miljard. Het bedrag aan uitstaande leningen bij W&R groeide met 9,3 miljard. Vergeleken met vorig jaar nam de leaseportefeuille toe met 1,1 miljard (beide op basis van constante wisselkoersen).
CAO-loonsverhogingen werden gecompenseerd door lagere kosten als gevolg van een reductie in het gemiddelde totaal aantal medewerkers (2% minder fte dan in 2024).
De kosten voor kredietverliezen kwamen terug op een meer genormaliseerd niveau van 764 (2024: 468) miljoen, na een aantal relatief gunstiger jaren. Dit kwam vooral door de macro-economische volatiliteit en ongunstige omstandigheden in Brazilië voor onze leasingactiviteiten.
De cost/income ratio bleef stabiel op 54,5% (2024: 54,4%) omdat zowel de inkomsten als de kosten beide gematigd groeiden. De Return on Equity bedroeg 9,1% (2024: 10,0%).
In het binnenlandse bankbedrijf (Domestic Retail Banking) daalden de marges op deposito's. De impact daarvan op de rentewinst werd verkleind door de stijging van deposito's met 25,4 miljard euro, en de aanhoudende groei van de leningenportefeuille met 10,6 miljard. Het bedrag aan uitstaande leningen bij W&R groeide met 9,3 miljard. Vergeleken met vorig jaar nam de leaseportefeuille toe met 1,1 miljard (beide op basis van constante wisselkoersen).
CAO-loonsverhogingen werden gecompenseerd door lagere kosten als gevolg van een reductie in het gemiddelde totaal aantal medewerkers (2% minder fte dan in 2024).
De kosten voor kredietverliezen kwamen terug op een meer genormaliseerd niveau van 764 (2024: 468) miljoen, na een aantal relatief gunstiger jaren. Dit kwam vooral door de macro-economische volatiliteit en ongunstige omstandigheden in Brazilië voor onze leasingactiviteiten.
De cost/income ratio bleef stabiel op 54,5% (2024: 54,4%) omdat zowel de inkomsten als de kosten beide gematigd groeiden. De Return on Equity bedroeg 9,1% (2024: 10,0%).
Doelbeleggen versterkt groei met overname FitVermogen
Doelbeleggen maakt bekend dat de overname van FitVermogen succesvol is afgerond. Met deze ontwikkeling versterkt Doelbeleggen haar positie in de markt voor particulier beleggen en onderstreept zij de ambitie om uit te groeien tot marktleider in aanvullend pensioen in Nederland. De overname sluit bovendien aan bij de toenemende vraag naar persoonlijke vermogensopbouw en digitale beleggingsoplossingen, mede als gevolg van de verschuiving naar meer geïndividualiseerde pensioenen binnen het Nederlandse pensioenstelsel.
Met de overname van FitVermogen wordt het totale dienstenaanbod voor beleggen en aanvullend pensioen verder verbreed. Particulieren, werkgevers en adviseurs krijgen hiermee toegang tot een compleet spectrum aan mogelijkheden: van volledig ontzorgd vermogensbeheer tot zelfstandig (pensioen-)beleggen op basis van execution-only.
FitVermogen, inclusief aanvullend pensioenoplossing FitVoorLater, behouden hun naam en blijven particulieren, werkgevers en adviseurs toegang bieden tot een exclusief en flexibel fondsenassortiment. De vorige eigenaar, Goldman Sachs Asset Management, heeft bijgedragen aan een solide basis van beleggingsexpertise en een professioneel ingerichte dienstverlening. Deze basis sluit goed aan bij het bekroonde beleggingsplatform van Doelbeleggen. Tegelijkertijd brengt Doelbeleggen diepgaande kennis van lijfrentes en andere fiscaal voordelige beleggingsoplossingen mee, waarmee het aanbod van FitVermogen en FitVoorLater verder kan worden versterkt.
“De mogelijkheden voor beleggen en aanvullend pensioen worden met deze stap nog ruimer. Particulieren, werkgevers en adviseurs bieden we nog meer keuze en flexibiliteit,” aldus Tjade Groot, directeur Doelbeleggen. “We combineren de kracht van FitVermogen met de lijfrente-expertise van Doelbeleggen. Want voor wie geldt niet, en dan val ik graag terug op een oude FitVermogen wijsheid; denk niet aan je toekomst, doe er iets aan!”
Doelbeleggen is onderdeel van Velthuyse · Mulder Vermogensbeheer, een onafhankelijke Nederlandse vermogensbeheerder met meer dan 25 jaar ervaring, en combineert een doelgerichte beleggingsaanpak met gebruiksvriendelijke technologie en een hoogwaardige klantenservice. Met name de uitgebreide expertise op het gebied lijfrentes en aanvullend pensioen maakt Doelbeleggen een veelgekozen oplossing voor adviseurs en beleggers met een pensioendoel. De afgelopen jaren ontving het bedrijf meerdere onderscheidingen voor het platform, haar producten en de dienstverlening.
Met de overname van FitVermogen wordt het totale dienstenaanbod voor beleggen en aanvullend pensioen verder verbreed. Particulieren, werkgevers en adviseurs krijgen hiermee toegang tot een compleet spectrum aan mogelijkheden: van volledig ontzorgd vermogensbeheer tot zelfstandig (pensioen-)beleggen op basis van execution-only.
FitVermogen, inclusief aanvullend pensioenoplossing FitVoorLater, behouden hun naam en blijven particulieren, werkgevers en adviseurs toegang bieden tot een exclusief en flexibel fondsenassortiment. De vorige eigenaar, Goldman Sachs Asset Management, heeft bijgedragen aan een solide basis van beleggingsexpertise en een professioneel ingerichte dienstverlening. Deze basis sluit goed aan bij het bekroonde beleggingsplatform van Doelbeleggen. Tegelijkertijd brengt Doelbeleggen diepgaande kennis van lijfrentes en andere fiscaal voordelige beleggingsoplossingen mee, waarmee het aanbod van FitVermogen en FitVoorLater verder kan worden versterkt.
“De mogelijkheden voor beleggen en aanvullend pensioen worden met deze stap nog ruimer. Particulieren, werkgevers en adviseurs bieden we nog meer keuze en flexibiliteit,” aldus Tjade Groot, directeur Doelbeleggen. “We combineren de kracht van FitVermogen met de lijfrente-expertise van Doelbeleggen. Want voor wie geldt niet, en dan val ik graag terug op een oude FitVermogen wijsheid; denk niet aan je toekomst, doe er iets aan!”
Doelbeleggen is onderdeel van Velthuyse · Mulder Vermogensbeheer, een onafhankelijke Nederlandse vermogensbeheerder met meer dan 25 jaar ervaring, en combineert een doelgerichte beleggingsaanpak met gebruiksvriendelijke technologie en een hoogwaardige klantenservice. Met name de uitgebreide expertise op het gebied lijfrentes en aanvullend pensioen maakt Doelbeleggen een veelgekozen oplossing voor adviseurs en beleggers met een pensioendoel. De afgelopen jaren ontving het bedrijf meerdere onderscheidingen voor het platform, haar producten en de dienstverlening.
maandag 9 februari 2026
Vasterente BV verbindt Nederlandse beleggers aan Britse hypotheken
In Nederland is recent een initiatief gestart waarbij Vasterente optreedt als Nederlandse fundingpartner voor investeringen in de Britse hypotheekmarkt. In dit kader faciliteert Vasterente de structurering en uitgifte van obligaties met een vaste rente, waarbij het aangetrokken kapitaal wordt ingezet binnen een marktsegment dat in het Verenigd Koninkrijk al langere tijd is ontwikkeld en gereguleerd.
Volgens initiatiefnemer Vasterente sluit deze aanpak aan bij een bredere ontwikkeling waarbij beleggers meer belang hechten aan spreiding en inzicht in de onderliggende beleggingen. In plaats van investeringen die afhankelijk zijn van afzonderlijke projecten, wordt gewerkt met een portefeuillebenadering binnen de woningmarkt.
Sander Cramer, oprichter van Vasterente BV, zegt: 'Na een lange en zorgvuldige voorbereiding zijn wij blij dat we dit project kunnen starten. Als Nederlandse fundingpartner van LiveMore faciliteren wij investeringen in een grote, gespreide portefeuille van woninghypotheken. Wij hebben bewust gekozen voor een defensieve opzet die aansluit bij beleggers die waarde hechten aan voorspelbaarheid en transparantie.'
Volgens initiatiefnemer Vasterente sluit deze aanpak aan bij een bredere ontwikkeling waarbij beleggers meer belang hechten aan spreiding en inzicht in de onderliggende beleggingen. In plaats van investeringen die afhankelijk zijn van afzonderlijke projecten, wordt gewerkt met een portefeuillebenadering binnen de woningmarkt.
Sander Cramer, oprichter van Vasterente BV, zegt: 'Na een lange en zorgvuldige voorbereiding zijn wij blij dat we dit project kunnen starten. Als Nederlandse fundingpartner van LiveMore faciliteren wij investeringen in een grote, gespreide portefeuille van woninghypotheken. Wij hebben bewust gekozen voor een defensieve opzet die aansluit bij beleggers die waarde hechten aan voorspelbaarheid en transparantie.'
vrijdag 6 februari 2026
Nederlanders gebruiken hun creditcard steeds vaker na corona: 37 procent meer transacties sinds 2022
Nederlanders gebruiken hun creditcard steeds vaker. Dat blijkt uit transactiedata van ruim 2,6 miljoen Nederlandse consumenten met een creditcard van ICS, aanbieder van Visa en Mastercard creditcards. Opvallend daarbij is dat het aantal betalingen aan Nederlandse ontvangers sterker groeit dan aan buitenlandse.
In 2025 lag het totale aantal creditcardtransacties 37 procent hoger dan in 2022, het jaar waarin alle coronamaatregelen werden opgeheven. Volgens ICS lijkt deze groei samen te hangen met een bredere verschuiving in betaalgedrag. Zo wordt contant geld minder gebruikt en kiezen consumenten vaker voor digitale betalingen, zowel in winkels als online. Daarnaast accepteren steeds meer (fysieke) winkels creditcards.
Ook het toegenomen gemak speelt volgens ICS een rol. Betalen met een telefoon is tegenwoordig snel en vertrouwd, waardoor consumenten de creditcard vaker inzetten voor uiteenlopende uitgaven. Daarmee lijkt het gebruik van de creditcard niet alleen te herstellen van de coronaperiode, maar een steeds vaster onderdeel te worden van het betaalgedrag.
De creditcard wordt traditioneel veel gebruikt voor betalingen aan buitenlandse partijen, bijvoorbeeld tijdens reizen of bij internationale online aankopen. Tussen 2022 en 2025 nam het aantal transacties bij buitenlandse partijen met 33 procent toe. In dezelfde periode groeide het aantal betalingen aan Nederlandse ontvangers met 45 procent. Daarmee groeit het gebruik van de creditcard bij Nederlandse partijen duidelijk sneller dan bij buitenlandse.
Dezelfde ontwikkeling is zichtbaar bij uitgaven voor vervoer en mobiliteit. Sinds 2022 groeide het aantal creditcardtransacties in deze categorie met 37 procent. Die groei werd vooral gedragen door betalingen aan Nederlandse vervoerders. Het aantal transacties bij Nederlandse aanbieders van onder meer taxi-, trein- en busvervoer nam met 83 procent toe.
Volgens ICS hangt deze sterke stijging samen met het toenemende gebruik van ‘inchecken met je telefoon’. Steeds vaker kunnen reizigers hun smartphone gebruiken om te betalen bij toegangspoortjes of in voertuigen, waarbij de creditcard een gangbare betaalmethode is. Bij buitenlandse vervoerders bleef de groei met 18 procent duidelijk achter.
Ook bij restaurantbetalingen groeit het gebruik van de creditcard sterk. Sinds 2022 nam het aantal transacties bij Nederlandse horecazaken met 56 procent toe, tegenover 40 procent bij buitenlandse restaurants. Daarmee wordt de creditcard steeds vaker gebruikt bij betalingen in de Nederlandse horeca.
In 2025 lag het totale aantal creditcardtransacties 37 procent hoger dan in 2022, het jaar waarin alle coronamaatregelen werden opgeheven. Volgens ICS lijkt deze groei samen te hangen met een bredere verschuiving in betaalgedrag. Zo wordt contant geld minder gebruikt en kiezen consumenten vaker voor digitale betalingen, zowel in winkels als online. Daarnaast accepteren steeds meer (fysieke) winkels creditcards.
Ook het toegenomen gemak speelt volgens ICS een rol. Betalen met een telefoon is tegenwoordig snel en vertrouwd, waardoor consumenten de creditcard vaker inzetten voor uiteenlopende uitgaven. Daarmee lijkt het gebruik van de creditcard niet alleen te herstellen van de coronaperiode, maar een steeds vaster onderdeel te worden van het betaalgedrag.
De creditcard wordt traditioneel veel gebruikt voor betalingen aan buitenlandse partijen, bijvoorbeeld tijdens reizen of bij internationale online aankopen. Tussen 2022 en 2025 nam het aantal transacties bij buitenlandse partijen met 33 procent toe. In dezelfde periode groeide het aantal betalingen aan Nederlandse ontvangers met 45 procent. Daarmee groeit het gebruik van de creditcard bij Nederlandse partijen duidelijk sneller dan bij buitenlandse.
Dezelfde ontwikkeling is zichtbaar bij uitgaven voor vervoer en mobiliteit. Sinds 2022 groeide het aantal creditcardtransacties in deze categorie met 37 procent. Die groei werd vooral gedragen door betalingen aan Nederlandse vervoerders. Het aantal transacties bij Nederlandse aanbieders van onder meer taxi-, trein- en busvervoer nam met 83 procent toe.
Volgens ICS hangt deze sterke stijging samen met het toenemende gebruik van ‘inchecken met je telefoon’. Steeds vaker kunnen reizigers hun smartphone gebruiken om te betalen bij toegangspoortjes of in voertuigen, waarbij de creditcard een gangbare betaalmethode is. Bij buitenlandse vervoerders bleef de groei met 18 procent duidelijk achter.
Ook bij restaurantbetalingen groeit het gebruik van de creditcard sterk. Sinds 2022 nam het aantal transacties bij Nederlandse horecazaken met 56 procent toe, tegenover 40 procent bij buitenlandse restaurants. Daarmee wordt de creditcard steeds vaker gebruikt bij betalingen in de Nederlandse horeca.
donderdag 5 februari 2026
ING introduceert beleggen in cryptovaluta
ING breidt het beleggingsaanbod uit met de mogelijkheid om te beleggen in cryptovaluta via Crypto ETN’s (Exchange Traded Notes). De producten zijn beschikbaar voor klanten met een Zelf op de Beurs-rekening en bieden een indirecte manier om in digitale valuta te beleggen.
ING ziet onder particuliere beleggers een toenemende interesse in cryptovaluta. “Met Crypto ETN’s geven we klanten toegang tot een nieuwe beleggingscategorie op een manier die bij ons past: met heldere communicatie en via gereguleerde beurzen”, aldus Emre Susam, directeur Beleggen bij ING Nederland. “Omdat Crypto volatiel en speculatief is, blijft het een risicovolle belegging. Door te werken met beursgenoteerde producten bieden we een gecontroleerde route voor wie wil inspelen op deze trend.”
Crypto ETN’s zijn zogeheten beursgenoteerde schuldinstrumenten, waarvan de waarde is gekoppeld aan één of meerdere cryptovaluta. ING-klanten kunnen kiezen uit vijf verschillende Crypto ETN’s, waaronder WisdomTree Physical Bitcoin, WisdomTree Physical Ethereum, WisdomTree Physical Solana, WisdomTree Physical XRP en iShares Bitcoin ETP. Deze producten geven eenvoudig toegang tot de cryptomarkt, zonder dat de klant zelf de digitale wallets beheert. Voor aankoop geldt een verplichte kennistoets vanwege de complexiteit en risico’s van deze producten.
ING ziet onder particuliere beleggers een toenemende interesse in cryptovaluta. “Met Crypto ETN’s geven we klanten toegang tot een nieuwe beleggingscategorie op een manier die bij ons past: met heldere communicatie en via gereguleerde beurzen”, aldus Emre Susam, directeur Beleggen bij ING Nederland. “Omdat Crypto volatiel en speculatief is, blijft het een risicovolle belegging. Door te werken met beursgenoteerde producten bieden we een gecontroleerde route voor wie wil inspelen op deze trend.”
Crypto ETN’s zijn zogeheten beursgenoteerde schuldinstrumenten, waarvan de waarde is gekoppeld aan één of meerdere cryptovaluta. ING-klanten kunnen kiezen uit vijf verschillende Crypto ETN’s, waaronder WisdomTree Physical Bitcoin, WisdomTree Physical Ethereum, WisdomTree Physical Solana, WisdomTree Physical XRP en iShares Bitcoin ETP. Deze producten geven eenvoudig toegang tot de cryptomarkt, zonder dat de klant zelf de digitale wallets beheert. Voor aankoop geldt een verplichte kennistoets vanwege de complexiteit en risico’s van deze producten.
woensdag 4 februari 2026
ABN AMRO helpt woningbezitters grootschalig verduurzamen zonder hogere maandlasten
ABN AMRO introduceert het initiatief ‘Beter Wonen’ en gaat als hypotheekverstrekker actief klanten helpen om hun woning te verduurzamen, zonder dat de maandlasten hoeven te stijgen. Dankzij samenwerking met gespecialiseerde partners neemt ABN AMRO alle praktische zaken uit handen, waardoor grootschalige verduurzaming mogelijk wordt zonder gedoe voor de individuele klant. Uit onderzoek samen met TNO blijkt dat elke klant die instapt gemiddeld 35% CO₂‑reductie realiseert.
Toch zijn hoge kosten, gebrek aan vertrouwen in eigen kunnen en politieke onzekerheid voor velen een belemmering. Dit bedreigt niet alleen de klimaatdoelen, maar ook de doorstroom en betaalbaarheid van de woningmarkt.
Gitte van Haaren, Chief Executive Officer ABN AMRO Hypotheken Groep: “Veel huiseigenaren willen wel, maar weten niet waar ze moeten beginnen of hoe ze de uitvoering moeten regelen. Met ‘Beter Wonen’ maken we verduurzaming begrijpelijk en ontzorgen wij onze klanten. Bovendien biedt het ook kansen voor starters: zij kunnen een woning met een lager energielabel relatief betaalbaar aankopen en deze vervolgens verduurzamen zonder dat hun maandlasten hoeven te stijgen.”
Met ‘Beter Wonen’ benadert ABN AMRO actief woningeigenaren die in aanmerking komen om hun huis te verduurzamen, zonder dat hun maandlasten hoeven te stijgen. De energiebesparing kan mogelijk de maandelijkse kosten van de investering overtreffen, waardoor verduurzaming betaalbaar en toegankelijk wordt.
Wat ‘Beter Wonen’ uniek maakt, is de volledige ontzorging: samen met partners ENVEN en DuurzaamXL neemt ABN AMRO alle praktische zaken uit handen, van subsidieaanvraag tot uitvoering. De klant heeft één aanspreekpunt en ontvangt maatwerkadvies, een directe offerte en begeleiding bij het hele traject. Besparing op de energierekening dekt mogelijk de kosten van de verduurzaming, waardoor bewoners profiteren van meer wooncomfort en een toekomstbestendige woning huis, terwijl hun netto besteedbare ruimte gelijk kan blijven of zelfs verbetert.
Toch zijn hoge kosten, gebrek aan vertrouwen in eigen kunnen en politieke onzekerheid voor velen een belemmering. Dit bedreigt niet alleen de klimaatdoelen, maar ook de doorstroom en betaalbaarheid van de woningmarkt.
Gitte van Haaren, Chief Executive Officer ABN AMRO Hypotheken Groep: “Veel huiseigenaren willen wel, maar weten niet waar ze moeten beginnen of hoe ze de uitvoering moeten regelen. Met ‘Beter Wonen’ maken we verduurzaming begrijpelijk en ontzorgen wij onze klanten. Bovendien biedt het ook kansen voor starters: zij kunnen een woning met een lager energielabel relatief betaalbaar aankopen en deze vervolgens verduurzamen zonder dat hun maandlasten hoeven te stijgen.”
Met ‘Beter Wonen’ benadert ABN AMRO actief woningeigenaren die in aanmerking komen om hun huis te verduurzamen, zonder dat hun maandlasten hoeven te stijgen. De energiebesparing kan mogelijk de maandelijkse kosten van de investering overtreffen, waardoor verduurzaming betaalbaar en toegankelijk wordt.
Wat ‘Beter Wonen’ uniek maakt, is de volledige ontzorging: samen met partners ENVEN en DuurzaamXL neemt ABN AMRO alle praktische zaken uit handen, van subsidieaanvraag tot uitvoering. De klant heeft één aanspreekpunt en ontvangt maatwerkadvies, een directe offerte en begeleiding bij het hele traject. Besparing op de energierekening dekt mogelijk de kosten van de verduurzaming, waardoor bewoners profiteren van meer wooncomfort en een toekomstbestendige woning huis, terwijl hun netto besteedbare ruimte gelijk kan blijven of zelfs verbetert.
dinsdag 3 februari 2026
Ruim 70% van de Nederlanders bekend met de Nederlandse depositogarantie
In april vorig jaar publiceerde DNB al uitgebreid over de toename van de bekendheid in de afgelopen jaren. Eind 2025 liet DNB opnieuw onderzoek uitvoeren. Uit dat onderzoek bleek dat de recent geüpdatete mediacampagne het Nederlandse publiek goed heeft weten te bereiken.
Dit komt door het gebruik van mediakanalen, zoals sociale media en podcasts. Mensen lijken goed te weten dat hun geld op de rekening bij de bank veilig staat en er een wettelijke garantie geldt. 75% van alle ondervraagden zegt ook te weten dat er een maximaal bedrag geldt voor deze bescherming.
De Nederlandse Depositogarantie is de wettelijke bescherming van geld op bankrekeningen bij Nederlandse banken. Tot 100.000 euro per persoon per bank. Het gaat om enorme bedragen: eind september 2025 was het totaalbedrag aan gegarandeerd spaargeld 637 miljard euro. DNB is de uitvoerder van de Nederlandse Depositogarantie namens de overheid en moet ervoor zorgen dat het geld binnen zeven werkdagen beschikbaar wordt gesteld in het geval van een bankfaillissement.
Voor rekeninghouders is het geruststellend om te weten dat hun geld veilig is en ze het binnen zeven werkdagen terugkrijgen. Deze termijn volgt uit Europese regelgeving uit 2015, de herziene Europese richtlijn voor depositogarantiestelsels (DGS). Hierin is ook vastgelegd dat er een pot met geld beschikbaar moet zijn voor depositogarantie.
DNB heeft samen met de banken een fonds opgebouwd, het zogenoemde ‘Depositogarantiefonds’. Daarmee zorgen we ervoor dat er voldoende geld beschikbaar is mocht een bank ooit failliet gaan. Alle banken in Nederland dragen bij aan dit fonds, inclusief de eventuele omgevallen bank.
Verder vraagt DNB aan de banken dat zij hun klantgegevens op orde houden. Daardoor kunnen zij deze zo snel mogelijk aanleveren bij DNB zodat zo snel mogelijk kan worden uitgekeerd. Omdat Nederlandse banken ook actief zijn in andere landen in Europa, hebben we de afgelopen jaren gewerkt aan het opzetten van goede samenwerking met andere Europese DGS-autoriteiten. Zo organiseren we regelmatig crisissimulaties.
Dit komt door het gebruik van mediakanalen, zoals sociale media en podcasts. Mensen lijken goed te weten dat hun geld op de rekening bij de bank veilig staat en er een wettelijke garantie geldt. 75% van alle ondervraagden zegt ook te weten dat er een maximaal bedrag geldt voor deze bescherming.
De Nederlandse Depositogarantie is de wettelijke bescherming van geld op bankrekeningen bij Nederlandse banken. Tot 100.000 euro per persoon per bank. Het gaat om enorme bedragen: eind september 2025 was het totaalbedrag aan gegarandeerd spaargeld 637 miljard euro. DNB is de uitvoerder van de Nederlandse Depositogarantie namens de overheid en moet ervoor zorgen dat het geld binnen zeven werkdagen beschikbaar wordt gesteld in het geval van een bankfaillissement.
Voor rekeninghouders is het geruststellend om te weten dat hun geld veilig is en ze het binnen zeven werkdagen terugkrijgen. Deze termijn volgt uit Europese regelgeving uit 2015, de herziene Europese richtlijn voor depositogarantiestelsels (DGS). Hierin is ook vastgelegd dat er een pot met geld beschikbaar moet zijn voor depositogarantie.
DNB heeft samen met de banken een fonds opgebouwd, het zogenoemde ‘Depositogarantiefonds’. Daarmee zorgen we ervoor dat er voldoende geld beschikbaar is mocht een bank ooit failliet gaan. Alle banken in Nederland dragen bij aan dit fonds, inclusief de eventuele omgevallen bank.
Verder vraagt DNB aan de banken dat zij hun klantgegevens op orde houden. Daardoor kunnen zij deze zo snel mogelijk aanleveren bij DNB zodat zo snel mogelijk kan worden uitgekeerd. Omdat Nederlandse banken ook actief zijn in andere landen in Europa, hebben we de afgelopen jaren gewerkt aan het opzetten van goede samenwerking met andere Europese DGS-autoriteiten. Zo organiseren we regelmatig crisissimulaties.
maandag 2 februari 2026
AFM waarschuwt consumenten voor Ufunded
De Autoriteit Financiële Markten (AFM) waarschuwt consumenten voor Ufunded LLC (Ufunded). Ufunded is illegaal actief door beleggingsdiensten te verlenen, namelijk het uitvoeren van orders voor rekening van klanten met betrekking tot derivatencontracten. Specifiek gaat het om financiële contracten ter verrekening van verschillen (CFD’s). Ufunded beschikt niet over een vergunning van de AFM en is daarmee in overtreding van de wet.
Ufunded is een invite-only platform, wat betekent dat klanten enkel op uitnodiging door een partner van Ufunded welkom zijn. Ufunded heeft een samenwerking met in ieder geval één partij die zich hoofdzakelijk op Nederlandse consumenten richt. Deze partij ontvangt een vergoeding van Ufunded voor het doorverwijzen van klanten. De activiteiten van Ufunded kwalificeren naar het oordeel van de AFM als het verlenen van beleggingsdiensten in Nederland, namelijk het uitvoeren van orders van klanten.
In totaal hebben 1.279 Nederlandse beleggers meer dan 20 miljoen euro overgeboekt naar Ufunded, terwijl Ufunded niet beschikt over de vereiste vergunning van de AFM om beleggingsdiensten te verlenen in Nederland. Ufunded kan ook geen beroep doen op een uitzonderings- of vrijstellingsgrond. Het uitvoeren van orders voor cliënten zonder de vereiste vergunning is zeer schadelijk voor consumenten. De vergunningsplicht waarborgt namelijk dat partijen hun dienstverlening zodanig hebben ingericht dat beleggers de bescherming krijgen waar zij recht op hebben.
Ufunded biedt haar klanten naar eigen zeggen de mogelijkheid om met een ‘funding’ (Startkapitaal) te handelen in onder meer aandelen, valuta en grondstoffen. Klanten openen een account bij Ufunded en betalen hiervoor tussen de 1.400 en 32.200 euro. Hierna hebben klanten toegang tot het Ufunded-platform, waarop zij dan met het Startkapitaal van 45.000 tot 1.035.000 euro (factor 30 van de vergoeding) met een hefboom posities kunnen innemen. Door een positie in te nemen speculeren klanten of de prijs van de onderliggende waarde zal dalen of stijgen zonder die onderliggende waarde zelf te bezitten. Naar het oordeel van de AFM is daarmee sprake van handel in CFD’s en dus beleggingsdienstverlening. Daarvoor is in Nederland een vergunning vereist.
Daarbij komt dat de specifieke dienstverlening van Ufunded risicovol is voor cliënten: via Ufunded sluiten klanten CFD’s af. Dit zijn risicovolle producten die in de regel niet geschikt zijn voor de gemiddelde consument. Klanten handelen via het Ufunded-platform in de onderliggende waardes door met het Startkapitaal posities in te nemen tegen Ufunded. Klanten nemen met hoge hefbomen de CFD-posities in, waardoor zij een groot risico lopen dat zij de verlieslimiet overschrijden, uitgesloten worden van hun account en hun toegangsvergoeding kwijtraken. Als klanten opnieuw toegang willen tot het Ufunded-platform, dienen zij nogmaals de toegangsvergoeding te betalen. Dat klanten handelen tegen Ufunded en dat zij opnieuw de toegangsvergoeding moeten betalen maakt dat Ufunded geld verdient op het moment dat klanten verlies lijden. Daarnaast verbindt Ufunded strenge voorwaarden aan uitbetalingen van winst, wat de kans klein maakt dat klanten hun eventuele winsten kunnen opnemen. Tot slot doet Ufunded het voorkomen alsof Ufunded en haar klanten in de winst delen.
Ufunded is een invite-only platform, wat betekent dat klanten enkel op uitnodiging door een partner van Ufunded welkom zijn. Ufunded heeft een samenwerking met in ieder geval één partij die zich hoofdzakelijk op Nederlandse consumenten richt. Deze partij ontvangt een vergoeding van Ufunded voor het doorverwijzen van klanten. De activiteiten van Ufunded kwalificeren naar het oordeel van de AFM als het verlenen van beleggingsdiensten in Nederland, namelijk het uitvoeren van orders van klanten.
In totaal hebben 1.279 Nederlandse beleggers meer dan 20 miljoen euro overgeboekt naar Ufunded, terwijl Ufunded niet beschikt over de vereiste vergunning van de AFM om beleggingsdiensten te verlenen in Nederland. Ufunded kan ook geen beroep doen op een uitzonderings- of vrijstellingsgrond. Het uitvoeren van orders voor cliënten zonder de vereiste vergunning is zeer schadelijk voor consumenten. De vergunningsplicht waarborgt namelijk dat partijen hun dienstverlening zodanig hebben ingericht dat beleggers de bescherming krijgen waar zij recht op hebben.
Ufunded biedt haar klanten naar eigen zeggen de mogelijkheid om met een ‘funding’ (Startkapitaal) te handelen in onder meer aandelen, valuta en grondstoffen. Klanten openen een account bij Ufunded en betalen hiervoor tussen de 1.400 en 32.200 euro. Hierna hebben klanten toegang tot het Ufunded-platform, waarop zij dan met het Startkapitaal van 45.000 tot 1.035.000 euro (factor 30 van de vergoeding) met een hefboom posities kunnen innemen. Door een positie in te nemen speculeren klanten of de prijs van de onderliggende waarde zal dalen of stijgen zonder die onderliggende waarde zelf te bezitten. Naar het oordeel van de AFM is daarmee sprake van handel in CFD’s en dus beleggingsdienstverlening. Daarvoor is in Nederland een vergunning vereist.
Daarbij komt dat de specifieke dienstverlening van Ufunded risicovol is voor cliënten: via Ufunded sluiten klanten CFD’s af. Dit zijn risicovolle producten die in de regel niet geschikt zijn voor de gemiddelde consument. Klanten handelen via het Ufunded-platform in de onderliggende waardes door met het Startkapitaal posities in te nemen tegen Ufunded. Klanten nemen met hoge hefbomen de CFD-posities in, waardoor zij een groot risico lopen dat zij de verlieslimiet overschrijden, uitgesloten worden van hun account en hun toegangsvergoeding kwijtraken. Als klanten opnieuw toegang willen tot het Ufunded-platform, dienen zij nogmaals de toegangsvergoeding te betalen. Dat klanten handelen tegen Ufunded en dat zij opnieuw de toegangsvergoeding moeten betalen maakt dat Ufunded geld verdient op het moment dat klanten verlies lijden. Daarnaast verbindt Ufunded strenge voorwaarden aan uitbetalingen van winst, wat de kans klein maakt dat klanten hun eventuele winsten kunnen opnemen. Tot slot doet Ufunded het voorkomen alsof Ufunded en haar klanten in de winst delen.






















