woensdag 17 augustus 2016

ING selecteert fintech startups voor zijn ‘bedrijvenversneller’

Vier fintech startups sluiten zich aan bij de Innovation Studio van ING. Dat meldt de bank op haar site. Axyon AI, Gekko, Startup Insight en Surance nemen deel aan het accelerator-programma van de bank, de derde sinds daar in juli 2015 mee werd begonnen. Er waren niet minder dan 98 aanmeldingen. De Innovation Studio is het open platform van ING waar met nieuwe bedrijfsmodellen geëxperimenteerd kan worden. In het  programma werken externe en interne start-ups samen met coaches, mentoren en bedrijfsonderdelen van ING.

Begunstigde controleren bij overboekingen

Bij een overboeking via internetbankieren wordt af en toe een verkeerd rekeningnummer voor de begunstigde ingevoerd, waardoor de betaling terechtkomt bij iemand anders dan de bedoeling is. Op grond van Europese richtlijnen kijken banken in heel Europa bij een betaalopdracht uitsluitend naar het rekeningnummer van de begunstigde en niet naar de naam die de opdrachtgever ook moet invullen. Het rekeningnummer is de unieke adressering op grond waarvan alle betrokken banken de betaalopdracht binnen één werkdag volledig moeten afhandelen, in heel Europa. De naam van de begunstigde moet alleen worden ingevoerd voor administratieve doeleinden. Daarmee kan bijvoorbeeld een betaling achteraf in internetbankieren worden teruggevonden.

Eind 2015 hebben de Nederlandse banken in overleg met de Consumentenbond afgesproken dat ze gedurende 2016 in kaart brengen hoevaak verkeerde overboekingen voorkomen en wat daarvan de diverse oorzaken zijn. Op grond van de uitkomsten van dat onderzoek kunnen de banken dan vaststellen of er aanvullende maatregelen nodig zijn en welke maatregelen dat zouden kunnen zijn.

Bij internetbankieren is in Nederland nooit gecontroleerd op de naam van de begunstigde, behalve bij overboekingen binnen de voormalige Postbank, tussen twee Postbank-rekeninghouders. Dat was nodig omdat de Postbank afwijkende, korte rekeningnummers hanteerde waarin tikfouten niet konden worden herkend. Alle andere banken gebruikten langere rekeningnummers met een ingebouwd controlemechanisme dat vrijwel alle tikfouten uitsloot.

Bij de invoering van SEPA in 2014, de Single Euro Payments Area of uniforme euro-betaalmarkt, zijn alle rekeningnummers in Europa vervangen door IBAN-rekeningnummers. Iedere IBAN bevat twee controlecijfers waarmee tikfouten in het rekeningnummer nagenoeg worden uitgesloten. Daardoor wordt er bij overboekingen tussen twee IBAN-rekeningnummers van de voormalige Postbank ook niet meer op naam gecontroleerd.

Een bank heeft geen inzage in de rekeningadministraties van andere banken. Dat kon al niet bij Nederlandse banken, laat staan dat dat bij banken in de rest van Europa kan. Daardoor kan een bank bij een betaalopdracht naar een andere bank niet controleren of de opdrachtgever de juiste naam van de begunstigde heeft ingevoerd.

Wanneer iemand per ongeluk geld heeft overgeboekt naar een verkeerde begunstigde, dan kan die een beroep doen op de Procedure Onverschuldigde Betalingen. Daarbij vraagt de bank van de opdrachtgever schriftelijk aan de onbedoelde begunstigde om het geld terug te boeken. Als die  na 21 dagen het geld nog niet heeft teruggeboekt, krijgt de opdrachtgever van zijn bank de naam, het adres en de woonplaats van de begunstigde. De opdrachtgever kan dan zelf proberen het geld terug te krijgen, desnoods via een civielrechtelijke procedure.

Ongeveer 80 procent van alle verkeerde overboekingen wordt op deze manier door de onbedoelde begunstigde teruggeboekt naar de opdrachtgever.

Wanneer iemand geld heeft overgeboekt naar een verkeerde rekening als gevolg van fraude of oplichting, kan géén beroep worden gedaan op de Procedure Onverschuldigde Betalingen. Dat heeft ook geen zin omdat in zo’n geval de malafide begunstigde nooit vrijwillig het geld zal terugboeken. Bij fraude of oplichting moet het slachtoffer dat zo snel mogelijk melden bij zijn eigen bank, aangifte doen bij de politie en afwachten of de dader door justitie kan worden opgespoord en vervolgd.

Een verkeerde overboeking door fraude of oplichting kun je voorkomen door eerst goed te controleren of de naam en het rekeningnummer van de begunstigde juist zijn. Doe dat vooral bij rekeningnummers die je al langer dan een jaar niet hebt gebruikt en bij rekeningnummers die je nooit eerder hebt gebruikt. Daartoe kun je een particuliere begunstigde vragen om eerst 1 eurocent naar je eigen rekeningnummer over te boeken. Met die overboeking kun je dan op je rekeningafschrift de werkelijke naam bij de rekening van de begunstigde controleren. Dat werkt voor alle bankrekeningen in de hele EU.

Om te controleren of een bedrijf of organisatie te goeder trouw is, kun je onder meer de ConsuWijzer van de Autoriteit Consument & Markt of de Fraudehelpdesk raadplegen. Marktplaats geeft ook nuttige tips over veilig kopen en betalen via internet.

Verkeerde overboekingen komen in de hele wereld voor. Binnen Europa wordt nu onderzocht hoe die op een makkelijke en efficiënte manier kunnen worden teruggedrongen. Daarbij wordt onder meer gekeken naar het gebruik van ‘aliassen’. Een alias is een alternatieve adressering van een betaalrekening, bijvoorbeeld via een zorgvuldig geverifieerd telefoonnummer en emailadres. Die zou je dan bij een overboeking kunnen gebruiken in plaats van een IBAN-rekeningnummer. Ook andere soorten aliassen worden onderzocht.

dinsdag 16 augustus 2016

NVB sponsor Fraude Film Festival

Op 13 en 14 oktober vindt weer het Fraude Film Festival plaats. Doel van het festival is het maatschappelijk bewustzijn over fraude te vergroten en een trendbreuk in de bestrijding ervan te forceren. Net zoals voorgaande jaren is de NVB partner van het festival.

Fraude kent vele verschijningsvormen, dat geldt zeker ook voor het betalingsverkeer, denk aan phishing of de verspreiding van malware (kwaadaardige software). Banken zijn zeer actief in de bestrijding hiervan, maar kunnen dit niet alleen af zonder de hulp en oplettendheid van hun klanten. Vandaar dat de NVB graag meewerkt aan het vergroten van het bewustzijn bij het publiek rond fraude, een van de voorname doelen van het Fraude Film Festival.


Het Fraude Filmfestival vindt dit jaar voor de derde maal plaats. Op het festival worden twee dagen lang films en documentaires over fraude en de bestrijding ervan vertoond. Het festival kent ook de zogeheten Anti Fraude Award. Deze wordt jaarlijks uitgereikt aan een persoon of organisatie die zich op bijzondere wijze heeft ingezet voor de bestrijding van fraude.

Banken steunen streven naar meer transparantie

Banken steunen het streven naar meer transparantie. Dat stelt de Nederlandse Vereniging van Banken (NVB) in haar reactie op het conceptwetsvoorstel van de Wet transparant toezicht financiële markten, ook wel ‘naming and shaming’ genoemd.

De NVB stelt een aantal voorwaarden waaraan het wetsvoorstel zou moeten voldoen om tot een verantwoorde invoering te komen. ‘We begrijpen dat de wetgever - onder omstandigheden - wil dat toezichthouders (vaker) openlijk namen van instellingen zouden kunnen noemen. Dat kan in het belang van consumenten zijn.

Om die reden hebben de banken er in de Vertrouwensmonitor zelf voor gekozen om namen van banken te koppelen aan cijfers over vertrouwen en bepaalde prestaties,’ schrijft de NVB. Waar het noemen van namen het karakter van 'shaming' krijgt, dringt de NVB er bij de wetgever op aan uiterst zorgvuldig en terughoudend te werk te gaan. ‘Immers, daarbij staan de reputatie van de instelling en de sector op het spel.’ De NVB geeft haar reactie in het kader van een openbare consultatie van het ministerie van Financiën

maandag 15 augustus 2016

Jurgen Stegmann nieuw lid Raad van Commissarissen ABN

ABN AMRO heeft tijdens een Buitengewone Algemene Vergadering van Aandeelhouders (BAvA) gestemd over de voordracht van Jurgen Stegmann als nieuw lid van de Raad van Commissarissen van ABN AMRO.

De Raad van Commissarissen bestaat nu uit Olga Zoutendijk (voorzitter), Steven ten Have (vicevoorzitter), Arjen Dorland, Frederieke Leeflang, Annemieke Roobeek, Jurgen Stegmann en Tjalling Tiemstra.

Bankieren apps worden om de dag gebruikt

Apps om mee te bankieren worden veelvuldig gebruikt en krijgen wat kwaliteit betreft een hoge waardering. De app van de ING is het populairst, drie op de tien Nederlanders met een smartphone hebben deze app geïnstalleerd. Rabobankieren en de app van ABN Amro volgen op plaats twee en drie. Degenen die de app hebben geïnstalleerd, gebruiken hem gemiddeld om de dag. Er blijkt hier nauwelijks verschil tussen de drie grootste apps, zo blijkt uit de nieuwe versie van het Dutch Apps Market rapport van Telecompaper.

Inmiddels hebben 3,7 miljoen Nederlanders de ING app geïnstalleerd, 3,2 miljoen de Rabobankieren app en 2 miljoen de app van ABN AMRO. De kleinere banken (o.a. SNS Bank, Knab en Regiobank) hebben alle minder dan 400.000 installs. Gebruikers zijn over het algemeen erg tevreden over de kwaliteit van de drie grootste apps. Deze apps worden ongeveer gelijk gewaardeerd als de apps van Netflix en WhatsApp, die beide het hoogst scoren binnen hun segment (respectievelijk video en communicatie).

VEH: eerst huis kopen en dan verkopen komt door marktdruk weer terug

De Eigen Huis Marktindicator die het consumentenvertrouwen in de woningmarkt weergeeft, stond in juli onverminderd hoog op 120 punten, in juli 2015 was dat nog 103. Belangrijke aanjager voor het hoge consumentenvertrouwen is de lage rente. Ook de toegenomen verkoopbaarheid van de eigen woning draagt bij aan het optimisme bij huiseigenaren. Aan de andere kant zien steeds meer consumenten dat het aanbod aan geschikte koopwoningen schaars begint te worden.

Onder invloed van het schaarse aanbod en het zelfvertrouwen over de verkoopbaarheid van de eigen woningen ziet Vereniging Eigen Huis met name in Amsterdam en Utrecht waar de druk op de woningmarkt groot is, dat eerst kopen en dan verkopen steeds vaker gewoonte begint te worden.

Kopers in de meest gewilde gebieden willen het risico uitsluiten dat ze niet tijdig een geschikt huis kunnen vinden, waardoor ze tijdelijk moeten huren. De huidige woningmarkt geeft hun kennelijk voldoende zelfvertrouwen over de opbrengst en courantheid van hun huidige woning om daar al een voorschot op te nemen.

Ook in het verleden was het gebruikelijk om eerst een huis te kopen en pas daarna het huidige huis in de verkoop te zetten. Toen bij het begin van de crisis in 2008 veel kopers met twee huizen bleven zitten en daardoor in grote financiële problemen kwamen, kenterde de praktijk en werd eerst verkopen en daarna kopen de norm. Dit heeft als voordeel dat de financiële risico's beperkt zijn en de koper precies weet wat hij aan zijn nieuwe huis kan besteden.

Vereniging Eigen Huis raadt doorstromers die eerst willen kopen aan om goed advies in te winnen bij een onafhankelijk financieel adviseur. Maarten Eeke van der Veen, woningmarktspecialist: "Zorg dat je de risico's van te voren goed in beeld hebt. Pas dan kun je beslissen of je die stap kunt en wilt zetten." Overbruggingsleningen worden aanzienlijk minder snel verstrekt dan in het verleden. Als het huidige huis niet opbrengt waarop gerekend is of minder snel wordt verkocht, liggen problemen op de loer.

vrijdag 12 augustus 2016

Forse afname restschuldenproblematiek

Het aantal huishoudens met een (potentiële) restschuld neemt met rasse schreden af. Dat is een direct gevolg van de aantrekkende koopwoningmarkt. Dit is de belangrijkste conclusie uit de studie 'Restschulden: de crisis voorbij'* van de Amsterdam School of Real Estate (ASRE). Uit het onderzoek blijkt dat in 2014 ruim 1 miljoen huishoudens in Nederland bij de verkoop van hun woning nog geconfronteerd zouden worden met een restschuld. Meer dan 2 jaar later is dat aantal volgens de NVM geslonken tot om en nabij de 800.000 huishoudens.

Als de huidige prijsontwikkeling op de woningmarkt de komende jaren verder doorzet, daalt het aantal huishoudens met een restschuld de komende jaren flink verder. "Recente hervormingen op de woningmarkt dragen daar voor een belangrijk deel aan bij. Door de verplichte aflossing en het terugbrengen van de loan-to-value raken de woningen van nieuwe eigenaar-bewoners zelfs bij dalende prijzen niet snel meer onder water", zegt NVM-woordvoerder Roeland Kimman.

Een verdere verlaging van de loan-to-value, zoals De Nederlandsche Bank wil, is volgens de NVM en ASRE echter geen goed idee. "De discussie over een versnelling of verdieping van de huidige hervormingen op de woningmarkt heeft onvoldoende oog voor de consequenties op de korte termijn. Huishoudens hebben te weinig opties om verdere versobering van kredietverstrekking adequaat op te vangen", stelt Johan Conijn, aan de ASRE verbonden als bijzonder hoogleraar Woningmarkt en één van de auteurs van het rapport.

Uit het ASRE-onderzoek blijkt verder dat aan het profiel van de gemiddelde eigenaar-bewoner met een potentiële restschuld de afgelopen jaren weinig tot niets veranderd is. Het gaat voornamelijk om jongere huishoudens, die een woning hebben gekocht tussen 2000 en 2008. Er bestaan bij de restschuldproblematiek geen grote regionale verschillen. Ondanks de grote verschillen in prijsontwikkeling en transacties op de Nederlandse woningmarkt, blijkt de restschuldproblematiek een landelijk fenomeen.

Phishingmail klanten Nationale-Nederlanden CreditCard

Sinds enige tijd zijn er valse e-mails in omloop die worden verzonden uit naam van International Card Services (ICS), de partij waar Nationale-Nederlanden mee samenwerkt voor de uitgifte van de Nationale-Nederlanden CreditCard. 

Het onderwerp van deze e-mail is: "Opzegging van uw Card’’. Deze e-mails zijn niet door ICS verzonden. Heeft u de e-mail ontvangen? Verwijder deze dan direct en klik niet op de link in de e-mail!

De link in de e-mail gaat naar een nagebouwde website van ICS waarop wordt gevraagd naar de naam op de creditcard, het Card-nummer, vervaldatum, CVC-code, postcode en huisnummer en het IBAN nummer. Medewerkers van ICS zullen nooit naar de gebruikersnaam, Card-nummer, wachtwoord en/of pincode vragen. Niet via e-mail, telefoon of op welke andere manier dan ook.

donderdag 11 augustus 2016

Aegon neemt Cofunds over

Aegon neemt Cofunds over van Legal & General voor 140 miljoen pond (164 miljoen euro). Met deze transactie heeft Aegon in het Verenigd Koninkrijk zijn strategische transformatie van traditionele levensverzekeraar naar platformaanbieder afgerond en wordt de onderneming de toonaangevende speler op de platformmarkt. De transactie wordt naar verwachting eind 2016 afgerond, afhankelijk van de goedkeuring door de toezichthouder. Cofunds is naar verwachting in 2018 volledig geïntegreerd.

Aegon verwacht 60 miljoen pond te besparen door de synergievoordelen die voortvloeien uit het gebruik van de nieuwste technologie en uit het verwijderen van dubbelingen in de bedrijfsvoering. Naar verwachting leiden deze kostenbesparingen eind 2017 tot een Solvency II kapitaalvoordeel van 150 miljoen pond. Hierdoor valt de netto-investering voor de overname van Cofunds aanzienlijk lager uit.

Resultaat Achmea beïnvloed door noodweer en hogere zorgkosten


Verzekeraar Achmea is het eerste halfjaar in het rood geëindigd, met een nettoverlies van 24 miljoen euro. De schade van het noodweer bij circa 30.000 klanten was een van de belangrijkste oorzaken.

De schade veroorzaakt door het noodweer in juni aan onder meer auto's, woningen en bij land- en tuinbouwbedrijven liep op tot 267 miljoen euro voor Achmea. Meer dan de helft van dit schadebedrag is uit oogpunt van risicobeheersing afgedekt via herverzekering.

De resterende netto schadelast heeft een grote invloed op het resultaat. Daarnaast stegen de uitgaven aan zorg harder dan vooraf was geraamd door hogere uitgaven aan geneesmiddelen en minder compensatie vanuit de verevening.

Aanzienlijk nettoverlies voor Aegon

Verzekeraar Aegon boekte het afgelopen kwartaal een aanzienlijk nettoverlies, maar eindigt wel met een iets hogere solvabiliteit.

Afschrijvingen op de Britse lijfrenteportefeuille droegen bij aan een nettoverlies van 385 miljoen euro, maar de uitzonderlijke lage rente hielp ook al niet. In hetzelfde kwartaal vorig jaar boekte Aegon nog een nettowinst van 350 miljoen euro.

De solvabiliteit van Aegon verbeterde licht, van 155 procent aan het einde van het eerste kwartaal naar 158 procent na het tweede kwartaal.

'Nieuwe hypothekenrichtlijn schiet zijn doel voorbij'

Op 14 juli is de Mortgage Credive Directive (MCD) in Nederland definitief van kracht geworden. Deze Europese hypothekenrichtlijn heeft als doel om de consument tijdens het hypotheekproces tegen onder meer overfinanciering te beschermen. Uit een willekeurige selectie van 25 woningen is er echter al bij 25% sprake van overfinanciering. De Nederlandse uitvoering van de MCD schiet dan ook op dit punt tekort.

Op basis van een motie in de Tweede Kamer heeft minister Dijsselbloem ervoor gekozen om middels een Algemene Maatregel van Bestuur (AMvB) een hypothecaire financiering mogelijk te maken. Dit gebeurt door middel van een modelwaarderapport, een door een computer afgegeven waarde voor een huis. De computer heeft het huis niet gezien, maar geeft de waarde af aan de hand van een aantal kenmerken en vergelijkbare verkopen. Minister Dijsselbloem stelt als voorwaarde dat de financiering van een woning niet meer mag bedragen dan 90% van de woningwaarde .

VastgoedPRO heeft een eerste steekproef gedaan naar de consequenties voor de consument bij het gebruik van modelwaardes voor de financiering van hun hypotheek. We hebben 25 willekeurige woningen bekeken die allemaal in juni 2016 in verschillende regio's zijn verkocht. Bij 6 van de 25 woningen was er bij gebruik van de modelwaarderapporten risico op overfinanciering. In één geval was zelfs het risico op overfinanciering 30 procent. Onze steekproef wijst uit dat het gebruik van modelwaarderapporten aanzienlijke risico's met zich mee brengt. Bij overfinanciering blijft de consument bij een (gedwongen) verkoop over met een restschuld. Wat dat voor gevolgen heeft is duidelijk geworden tijdens de afgelopen economische crisis.

Alef Aalfs, directeur VastgoedPRO, roept in het belang van de consument financiers op terughoudend te zijn met het uitsluitend gebruiken van modelwaardes bij de financiering van vastgoed. Aalfs: "Ik hoop dat de politiek de AMvB binnenkort evalueert en de resultaten van het onderzoek meeneemt. Tot dan ziet het ernaar uit dat de individuele consument onnodige risico's loopt bij de financiering van zijn woning. De implementatie van de MCD in Nederland schiet dan ook haar doel voorbij. Dat is jammer, en moeten we ook niet willen."

woensdag 10 augustus 2016

ING maakt iDeal-betalingen via QR-code mogelijk

Door een update van de ING-app is het mogelijk geworden om iDeal-betalingen op het web af te ronden via een smartphone. Tijdens de betaling kan een QR-code worden gescand met de smartphone. Vervolgens kan de betaling worden afgerond door de pincode van de mobiele app in te voeren. Een TAN-code, die normaal in een sms'je zou worden verstuurd, is dan niet meer nodig.

Optima Group maakt 30 miljoen euro verlies

Optima Group, de houdstermaatschappij van de failliete Optima Bank, heeft in het verlengde boekjaar 2014-2015 een verlies geleden van 30,5 miljoen euro. Dat blijkt uit de jaarrekening die de Optima Group eind juli indiende bij de Nationale Bank. Bedrijfsrevisor Ernst & Young heeft de jaarrekening ook nog afgekeurd. 

AFM publiceert beoordelingskader voor actief beheerde ETF’s

De Autoriteit Financiële Markten (AFM) heeft eind 2015 een verkennend onderzoek uitgevoerd naar actief beheerde ETF’s (Exchange Traded Funds) en ETF’s op een alternatieve index. Op basis van dit onderzoek naar de verschillende productkenmerken en daaraan verbonden risico’s, heeft de AFM een beoordelingskader gemaakt voor vermogensbeheerders, adviseurs en fondsaanbieders. Dit kader biedt hulp bij de ontwikkeling of selectie van actief beheerde ETF’s zodat er een zorgvuldige afweging en vergelijking met alternatieven kan worden gemaakt in het belang van de klant.

Actief beheerde ETF’s zijn ETF’s die proberen door een actieve strategie een hoger rendement te behalen dan ETF’s die passief een index volgen. Bij een ETF op een alternatieve index is sprake van een anders samengestelde (niet-kapitaalgewogen) index. Deze ETF’s zijn ook bekend onder de namen factorbeleggen of smart bèta. Doordat deze 2 typen ETF’s anders zijn dan traditionele ETF’s, is het voor beleggers en adviseurs mogelijk onduidelijk wat de risico’s van de ETF’s zijn. Hoewel het aanbod van actief beheerde ETF’s en ETF’s op een alternatieve index in Nederland nog beperkt is, winnen deze typen ETF’s aan populariteit.

Uit het onderzoek van de AFM blijkt dat het aanbod in Nederland divers is. De complexiteit van de producten en daarmee de risico’s lopen sterk uiteen. Hoe de ETF’s zijn samengesteld kan moeilijk te doorgronden zijn voor een gemiddelde belegger. Ook is uit de verstrekte informatie niet altijd eenvoudig af te leiden op welke wijze de actief beheerde ETF afwijkt van de traditionele (kapitaalgewogen) index. Hierdoor kan het selecteren van een geschikte ETF voor een belegger complex zijn. In veel gevallen zullen zij daarvoor gebruik maken van de expertise van de aanbieder of beleggingsondernemingen.

De AFM heeft voor beleggingsadviseurs en vermogensbeheerders een beoordelingskader gemaakt dat helpt bij het inrichten van beleggingsportefeuilles van klanten. Hiermee kan men bepalen of een actief beheerde ETF of ETF op een alternatieve index past bij de belegger. Daarnaast kan het beoordelingskader door beheerders gebruikt worden bij het productontwikkelings- en evaluatieproces voor deze typen ETF’s.

dinsdag 9 augustus 2016

Uber investeert in Nederlandse startup Otly

Uber gaat voor een niet nader genoemd bedrag investeren in het Nederlandse Otly. De Otly app helpt kinderen de waarde van geld en het belang van sparen te begrijpen via een digitale spaarpot.

Otly nam eerder dit jaar deel aan het door Uber georganiseerde UberPITCH: een wedstrijd waarbij talentvolle ondernemers de kans kregen om hun startup onder de aandacht te brengen.

Van Lanschot koopt onderdeel Staalbankiers

Van Lanschot neemt het onderdeel van Staalbankiers dat financiële diensten verleent aan vermogende particulieren over van Achmea. Dat is inclusief alle klantrelaties, 1,7 miljard euro aan beheerd vermogen, 280 miljoen euro aan spaargelden en een beperkt aantal effectenkredieten.

De private bankers en beleggingsspecialisten van Staalbankiers komen in dienst bij Van Lanschot.

De Nederlandsche Bank moet nog akkoord geven, en de ondernemingsraden van Van Lanschot en Achmea moeten ook nog hun oordeel kunnen vellen.

maandag 8 augustus 2016

VEB waarschuwt voor effecten van beursfusie

De European Investors’ Association heeft met steun van de VEB bij de Europese Commissie haar zorgen geuit over de geplande fusie van de Londense en Duits beurs.

Hoewel de schaalvergroting die gepaard gaat met fusies en overnames positief kan zijn voor beleggers, vrezen European Investors en VEB nadelige gevolgen. De dominantie van de nieuwe combinatie is dermate hoog, dat andere beurzen geen betekenisvol tegenwicht meer kunnen bieden. De nieuwe combinatie LSE/DB zal qua marktkapitalisatie tien keer zo groot zijn als Euronext, de nummer twee op de Europese markt.

In een aantal belangrijke marktsegmenten waarin op dit moment een gezonde concurrentie plaatsvindt tussen drie grote spelers (LSE, DB en Euronext), zal een quasi-monopolie ontstaan waarbij de nieuwe beursgigant zo dominant is dat men niet meer kan spreken over serieuze concurrentie en de keuzevrijheid van beleggers zeer beperkt is.

vrijdag 5 augustus 2016

Grotere regionale vermogensverschillen door magere jaren

De magere jaren na de economische crisis hebben een gat geslagen in vermogens van huishoudens. Dit terwijl buffers door versobering van sociale zekerheid en flexibilisering van de arbeidsmarkt steeds belangrijker worden. Bij huishoudens in Flevoland is de teruggang met de huizenprijsdaling het hardst aangekomen. Het verschil met Zeeland, de provincie met de rijkste huishoudens, is hierdoor vier keer zo groot geworden. Nu de economie weer bestendiger groeit, nemen de particuliere vermogens ook weer toe. Met de stijgende huizenprijzen veren Noord-Hollanders en Utrechters het sterkst op.

Als gevolg van gedaalde huizenprijzen en de toename van de werkloosheid is het doorsnee vermogen van Nederlands huishoudens tussen 2008 en 2014 meer dan gehalveerd van 47.000 tot 19.000 euro. Ook de hoeveelheid spaargeld en beleggingen liep in deze periode terug. Hierop zijn huishoudens in zes jaar tijd een derde ingeteerd. Het totale vermogen van Nederlandse huishoudens bedroeg in 2014 nog 1.120 miljard.

Zeeuwen, Brabanders en Drentenaren zijn na de teruggang nog steeds het meest vermogend en dit geldt ook los van de eigen woning. Groningers, Zuid-Hollanders en Flevolanders eindigen onderaan. De verschillen zijn in de magere jaren toegenomen. Vooral huishoudens in Flevoland hebben een verzwakte financiële positie. De jongste provincie van Nederland telt het grootste aantal negatieve vermogens en naar schatting de helft van de huishoudens voldoet niet aan de minimale NIBUD-buffer van 3.300 euro. 

Als gevolg van de terugkerende economische groei heeft de vermogenspositie van huishoudens in 2014 een keerpunt bereikt, maar breed herstel is er nog niet. Met een huizenprijsstijging van respectievelijk 14 en 10 procent is de vooruitgang voor huishoudens in de provincies Noord-Holland en Utrecht het sterkst. Huiseigenaren in deze provincies hebben hun vermogens hierdoor met 34.000 en 25.000 euro zien toenemen, bij een gemiddelde van 17.000 euro. Noord-Holland en Utrecht lopen hierdoor met huishoudvermogens iets in, maar door de grote voorsprong is de top drie van Zeeland, Noord-Brabant en Drenthe naar verwachting nog onveranderd. Huiseigenaren in de steden Amsterdam en Utrecht gaan sterker vooruit. Hier is het vermogensverlies door lagere huizenprijzen al meer dan goedgemaakt.

FMO, Rabobank en Norfund investeren om groei in Afrika te stimuleren

FMO, Rabobank en Norfund investeren in Afrikaanse banken om groei in Afrika te stimuleren. De samenwerking is het bewijs van een sterke betrokkenheid bij de duurzame groei en ontwikkeling van Afrika en de lokale financiële sector. De partners willen met de samenwerking bijdragen aan de ontwikkeling van effectieve en 'inclusieve' financiële stelsels in Afrika. Het ligt in de verwachting dat Banco Montepio, een financiële groep uit Portugal met belangen in Afrikaanse banken, zich in de nabije toekomst ook zal aansluiten bij deze samenwerking.

FMO, Rabobank en Norfund hebben ieder belangen in meerdere financiële dienstverleners ten zuiden van de Sahara. De belangen zullen samengebracht worden in een nieuwe onderneming, genaamd Arise. Het netwerk van Afrikaanse banken zal vanaf de oprichting in meer dan 20 landen aanwezig zijn en 660 miljoen dollar aan activa beheren. Naar verwachting groeit dit naar 1 miljard dollar. Arise koopt en beheert minderheidsaandelen in Afrikaanse financiële dienstverleners met als doel sterke en stabiele dienstverleners te creëren die zich richten op het klein- en middenbedrijf, de rurale sector en mensen die tot op heden niet over bancaire diensten beschikken.

FMO, Rabobank en Norfund zijn al jaren actief in Afrika met als doel een positieve impact op lokale markten. Via het nieuwe bedrijf Arise, zetten de partners de ondersteuning en ontwikkeling van hun deelnemingen voort. Dit door onder meer het aanbieden van technische assistentie en managementservices op het vlak van bestuur, management, marketing, innovatie, risicomanagement en compliance. Ook reserveren zij kapitaal voor nieuwe investeringen. Arise is vanaf 1 januari 2017 operationeel.

"De investeringen van de Rabobank die gericht zijn op het creëren van sterke financiële dienstverleners in opkomende economieën, vooral in Sub-Sahara Afrika, sluiten naadloos aan op onze 'Banking for Food' -strategie. Met deze strategie willen wij samen met onze klanten oplossingen bieden voor het wereldvoedselvraagstuk. Dit partnerschap is daarmee voor ons van strategisch belang. Door de samenwerking met FMO en Norfund, twee zeer ervaren ontwikkelingsinstituten met een uitstekende reputatie, zetten we een belangrijke stap voorwaarts," aldus Berry Marttin, lid van de raad van bestuur van de Rabobank.

Kjell Roland, CEO bij Norfund: "Norfund investeert in financiële instellingen om de kapitaalverstrekking en dienstverlening aan het klein en middenbedrijf en personen zonder toegang tot financiële diensten in Sub-Sahara Afrika te versterken. Dit draagt bij aan economische groei en armoedebestrijding. De oprichting van Arise zal bijdragen aan de ontwikkeling van de financiële sector in Afrika op een schaal die Norfund nooit zelf had kunnen bereiken. De samenwerking met ervaren, gelijkgestemde investeerders als FMO en de Rabobank zorgt ervoor dat Arise profiteert van uitstekende bancaire, technische en bestuurlijke expertise."

"FMO is trots op deze co-creatie van een uniek platform voor investeringen in Afrikaanse banken samen met Rabobank en Norfund. Het nieuwe bedrijf, Arise kan optimaal gebruikmaken van de uitgebreide expertise en ervaring van de partners onder op het meer op het vlak van bankieren in de agrarische sector. Met dit partnerschap willen we de toegang tot financiële diensten voor het klein- en middenbedrijf verbeteren en verruimen. Uiteindelijk willen we mensen in Sub-Sahara Afrika in staat stellen om zelf een bankrekening te openen of een lening af te sluiten, zodat ze een beter leven voor hun gezin kunnen opbouwen", aldus Nanno Kleiterp, CEO bij FMO.

De transactie moet nog worden goedgekeurd door regulerende instanties, zowel op het niveau van aandeelhouders als van de verschillende onderliggende deelnemingen.

donderdag 4 augustus 2016

Stimuleringsmaatregelen doen balansomvang van De Nederlandsche Bank groeien

De balans van De Nederlandsche Bank (DNB) is sinds begin maart 2015 fors in omvang toegenomen (+EUR 117 miljard). Een dergelijke ontwikkeling werd eerder waargenomen tijdens de kredietcrisis en de daarop volgende Europese staatsschuldencrisis. Mede als gevolg van stress op de geldmarkt leenden en stalden banken in het eurogebied miljarden euro’s bij de centrale banken, waaronder DNB. De huidige toename wordt vooral verklaard door de bijzondere maatregelen die getroffen zijn om het monetaire beleid verder te verruimen, zoals de aankoopprogramma’s.

Sinds de start van het eerste aankoopprogramma van de ECB (Covered Bond Purchase Programme I) in juli 2009 is het bezit van waardepapier bij DNB met 60 miljard euro toegenomen tot 78 miljard euro in juni 2016. Door het aankopen van het waardepapier injecteert het Eurosysteem direct geld in de economie. De eerste aankoopprogramma’s (Covered Bond Purchase Programme I en II) hebben, mede als gevolg van de beperkte omvang en de aflopende looptijd van het waardepapier, een relatief klein effect op de huidige posities. Vooral als gevolg van de recente aankoopprogramma’s (Covered Bond Purchase Programme III en Public Sector Purchase Programme) neemt vanaf begin maart 2015 het bezit van waardepapier behoorlijk toe (+EUR 49 miljard). Hiervan is 40 miljard euro toe te schrijven aan papier uitgegeven door overheden en ruim 9 miljard euro aan gedekte obligaties uitgegeven door banken. Het aandeel van waardepapier in de totale activa van DNB komt hierdoor op 30%, ruim meer dan het aandeel van 20% begin maart 2015.

PostNL stopt met MoneyGram

PostNL en Moneygram beëindigen hun samenwerking per 1 april 2017. PostNL is tot de conclusie gekomen dat deze dienst niet meer past bij de toekomst van PostNL. Dit betekent dat het contract met de ondernemers die nu MoneyGram voeren niet wordt verlengd. Alle ondernemers die MoneyGram voeren ontvangen hierover van PostNL een brief. Hierin worden ze geïnformeerd over het besluit dat het MoneyGram contract na 1-4-2017 niet verlengd zal worden. In deze brief staat verder dat ze na 1-4-2017 verder kunnen met MoneyGram door een rechtstreeks contract met MoneyGram aan te gaan.

woensdag 3 augustus 2016

ING boekt sterke commerciële groei

ING heeft in het eerste halfjaar 2016 ongeveer 650.000 nieuwe particuliere klanten aangetrokken en ongeveer 350.000 primaire klantrelaties opgebouwd. Dat meldt de bank vanochtend bij de presentatie van de kwartaalcijfers.

De kernkredietverlening groeide in het tweede kwartaal met 14,8 miljard euro, dankzij financiering voor klanten in verschillende regio's en bedrijfstakken.

ING boekte een nettoresultaat van 1,417 miljoen euro, 27 procent meer dan een jaar geleden.

CEO Ralph Hamers in een toelichting: 'Gedurende het tweede kwartaal van 2016 lag, wat betreft digitaal bankieren en innovaties, onze focus vooral op gebruiksvriendelijke tools waarmee onze klanten hun geldzaken beter kunnen beheren. In Nederland hebben we onze mobiel bankieren-app uitgebreid met het onderdeel Kijk Vooruit. Klanten krijgen hiermee een overzicht van geplande en te verwachten transacties waardoor zij nog meer grip krijgen op hun geldzaken. In Spanje heeft ING My Money Coach geïntroduceerd. Deze digitale financieel adviseur helpt klanten hun huidige en toekomstige financiën actief te beheren. Dit initiatief is gebaseerd op de technologie van Coach Epargne, de spaarcoach die vorig kwartaal in Frankrijk werd geïntroduceerd, waarmee deze succesvolle innovatie versneld wordt uitgebreid.'

De resultaten van de vorige week door de Europese Bankautoriteit (EBA) uitgevoerde stresstest bevestigen volgens Hamers nogmaals de veerkracht van het bedrijfsmodel en de goede kapitaalpositie van ING. 'We willen een sterke fully loaded CET1-ratio handhaven die hoger ligt dan wat nu is vereist. We maken vandaag bekend dat we een interim-dividend in contanten zullen uitkeren van EUR 0,24 per gewoon aandeel, gelijk aan het interim-dividend over het eerste halfjaar van 2015.'

Bedrijven op de beurs veel meer waard dan in de boeken

De waarde van beursgenoteerde bedrijven ligt op de beursvloer gemiddeld ruim drie keer hoger dan de boekwaarde. Het absolute verschil tussen markt- en boekwaarde stijgt sinds het begin van de crisis en ligt hoger dan enig moment deze eeuw. Dat meldt CBS in samenwerking met de Universiteit Hasselt.

Uit panelonderzoek blijkt dat beursgenoteerde ondernemingen voor beleggers van grotere waarde zijn dan in de boeken staat. Dat komt onder meer doordat R&D vaak als kostenpost op de winst- en verliesrekening komt en vaak niet als een bezitting op de balans verschijnt, terwijl R&D een bedrijf op de beurs veel aantrekkelijker maakt. Ook worden moeilijk kwantificeerbare zaken als imago, naamsbekendheid en patenten vaak niet zo hoog gewaardeerd door accountants als door beleggers. Accountants zijn bij wet verplicht conservatief te boekhouden, waardoor de boekwaarde relatief laag blijft.



De beurswaarde is niet alleen groter dan de boekwaarde, maar ook veranderlijker. Tijdens de crash eind 2008 nam de beurswaarde sterk af en kwam deze dichter bij de boekwaarde te liggen. Hierna is de groei- en winstverwachting weer langzaam toegenomen, en daarmee het vertrouwen van beleggers. Dat deed de marktwaarde harder stijgen dan de boekwaarde. Ook hogere prijzen en een lagere rente kunnen ertoe leiden dat markt- en boekwaarde steeds verder uiteenlopen.



Voor de onderzochte bedrijven lag de waarde op de beurs eind 2014 absoluut gezien gemiddeld 4,5 miljard euro hoger dan de boekwaarde. Eind 2008 was dat verschil 1,7 miljard euro. Eind 2000 bedroeg het verschil tussen markt- en boekwaarde 3,3 miljard euro.

Hoewel het absolute verschil tussen markt- en boekwaarde deze eeuw nog nooit zo hoog is geweest, lag het relatieve verschil aan het begin van het millennium hoger. De marktwaarde was toen zeven keer zo groot als de boekwaarde, tegen 3,5 keer eind 2014. Sinds 2000 is de boekwaarde gestaag gestegen, onder meer omdat R&D inmiddels steeds vaker als een bezitting in de boeken komt. Verder waren de marktwaarden aan het begin van deze eeuw overgewaardeerd. Hiervan lijkt de laatste jaren minder sprake. De verhouding van markt- en boekwaarde is een meer robuuste maat dan het absolute verschil, omdat deze niet gevoelig is voor inflatie.

dinsdag 2 augustus 2016

Vals geld blijft hardnekkig probleem voor winkeliers

Vals geld blijft een probleem. Dat zegt Detailhandel Nederland op basis van de halfjaarlijkse vals geld update van de Europese Centrale Bank en De Nederlandsche Bank. Vooral winkeliers blijven daar de dupe van, want vals geld inruilen voor echt geld, dat mag niet.

“Een vals biljet in de kassalade krijgt een winkelier namelijk niet vergoed”, legt Michel van Bommel van Detailhandel Nederland uit. “Een winkelier kan zich hiervoor verzekeren, maar dat betekent extra kosten. Dus moet een winkelier zelf voor goed detectiemateriaal zorgen en deze ook up to date houden. Daarnaast moet de winkelier altijd goed blijven controleren. Waakzaamheid is het advies.“

Er werden het afgelopen half jaar 26.000 valse biljetten onderschept  in Nederland, voornamelijk briefjes van 50 en 20 euro. “We zien gelukkig een dalende lijn, maar blijkbaar is valsmunterij nog steeds lucratief en blijft daarmee een hardnekkig probleem waar zowel winkelier als uiteindelijk de consument de dupe van zijn”. De strijd tegen valse eurobiljetten moet daarom onverminderd doorgaan”, vindt Detailhandel Nederland.

Detailhandel Nederland is daarom blij dat het – net gepresenteerde - nieuwe biljet van 50 euro in april 2017 op de markt komt. Het 50 euro biljet is namelijk het meest vervalste biljet in Europa. “We verwachten dat dit nieuwe biljet vals geld een stuk zal terugdringen en dat is hard nodig.”

maandag 1 augustus 2016

ABN: Stresstest bevestigt stevige kapitaalbuffer

Het resultaat van de stresstest voor ABN AMRO is in het basisscenario uitgeomen op een CET1 kapitaalratio van 16,21 procent eind 2018. In het ongunstige scenario was dat een CET1 kapitaalratio van 9,53 procent.

De stresstest is door toezichthouders ontworpen en wordt door hen gebruikt om kapitaaleisen vast te stellen als onderdeel van het komende SREP evaluatieproces. Hiermee kan de toezichthouder onder stressscenario’s en op basis van een gemeenschappelijke methodologie en aannames de eisen toetsen voor minimum en aanvullend kapitaal. Daarnaast helpt dit de toezichthouder bij het bespreken van risicobeperkende maatregelen. De stresstest dient ook om de transparantie van banken onderling te bevorderen. Voor deze stresstest kunnen banken niet slagen of zakken.

In het basisscenario hadden de belangrijkste aannames vooral negatieve gevolgen voor de nettorentebaten. Desalniettemin resulteerde dit in een lichte stijging van de CET1 ratio naar 16,21 procent. In het ongunstige scenario waren de gevolgen van de methodologische aannames groter en ook van invloed op de kredietvoorzieningen en credit risk-weighted assets. Hierdoor daalde de CET1 ratio naar 9,53 procent.

De stresstest gaat uit van een statische balans, en houdt dus geen rekening met nieuwe kredietverlening of risicobeperkende maatregelen. Daarnaast leiden de ondergrens voor de rente op verplichtingen en de bovengrens voor de rente op activa tot lagere nettorentebaten. De in de stresstest gebruikte aannames kunnen uiteraard niet als een prognose van de resultaat- en kapitaalontwikkeling van ABN AMRO worden beschouwd.

Brexit schaadt vertrouwen beleggers

Na het herstel dat de ING BeleggersBarometer de afgelopen maanden liet zien (van 110 in februari naar 132 in juni), zakt de index deze maand terug naar een score van 121. De daling van de Barometer wordt vooral veroorzaakt doordat meer beleggers de economische situatie in Nederland de afgelopen drie maanden zagen verslechteren én de waarde van de eigen beleggingsportefeuille zagen dalen. Het oordeel van beleggers over de algemene economische situatie in Nederland is nog steeds positief maar wel verslechterd ten opzichte van de vorige maand. Nederlandse beleggers beleggen nog steeds vooral in eigen land. Een vijfde van hun portefeuille bestaat uit beleggingen binnen Europa, dit is niet veranderd sinds de vorige meting in juni en de aangekondigde Brexit. Steeds meer beleggers verwachten grote beurskansen in Azië. Er zijn er dit jaar meer beleggers die hun beleggingsportefeuille goed in de gaten houden vanaf het vakantieadres.

Voor de komende maanden is het vertrouwen in de economische situatie in Nederland van beleggers negatiever dan de afgelopen maand. Bob Homan, hoofd ING Investment Office: “Het ziet er naar uit dat het aangekondigde uittreden van Engeland uit de Europese Unie en de gevolgen daarvan op de financiële markten een negatief effect op het vertrouwen van de Nederlandse beleggers. Je ziet ook dat instanties, zoals het IMF of de Wereldbank hun prognoses naar aanleiding van de Brexit verlagen”.