ABN AMRO staat positief tegenover het voornemen van de Minister van Financiën om ABN AMRO op termijn naar de beurs te brengen. Een beursgang heeft ook de voorkeur van de bank. Gerrit Zalm, voorzitter van de Raad van Bestuur van ABN AMRO: “Het voornemen van de Minister is een eerste stap op weg naar de private markt. Indien het parlement hiermee instemt zou de eerste mogelijkheid voor een beursgang in de eerste helft van 2015 kunnen zijn. We blijven uitvoering geven aan de ingezette lange termijnstrategie, waarbij de klant voor ons het uitgangspunt is.”
ABN AMRO is klaar om met de voorbereidingen, die bij een beursgang horen, te beginnen. De integratie is succesvol afgerond en de bank heeft de afgelopen drie jaar haar positie op vrijwel alle marktsegmenten waarin zij actief is, verstevigd. Ook is de financiële positie verbeterd. De bank heeft op dit moment wel last van de recessie in Nederland. De gedefinieerde lange termijnstrategie wordt nu verder uitgerold, wat ook tot betere financiële resultaten moet leiden.
Het voornemen van de Minister heeft voor de klanten van de bank geen gevolgen. De strategie van de bank stelt het klantbelang centraal. Daarbij hanteert ABN AMRO een gematigd risicoprofiel door alleen risico’s te nemen die ze kan overzien. ABN AMRO focust op Nederland. In het buitenland wil de bank groeien in specifieke activiteiten in een select aantal markten.
vrijdag 23 augustus 2013
Goudbeleggers ook niet meer welkom bij RBS
RBS is in korte tijd de tweede bank die beperkende maatregelen treft in het aanbod van fysiek gedekte edelmetaalbeleggingen. Eerder gaf ABN Amro in een brief aan hun klanten aan dat de opslag van fysiek edelmetaal middels de edelmetaalrekeningen werd overgedragen naar een andere partij. Volgens de website van RBS zal de Fysiek Goud Tracker per 2 september aanstaande worden beëindigd en dienen beleggers uiterlijk 27 augustus hun posities te sluiten.
Jaap Raijmans, directeur van edelmetaalaanbieder Goudstandaard geeft in een reactie aan, dat banken steeds minder heil zien in het aanbieden van edelmetaal of beleggingen in edelmetaal. Beleggers in edelmetaal zullen daarom hun heil zoeken bij gespecialiseerde ondernemingen. Goudstandaard biedt een overstap aan.
Jaap Raijmans: "Beleggers welke in goud beleggen kunnen dus naast additionele kosten ook met koersrisico's worden geconfronteerd. Door de positie bij de bank af te wikkelen en deze gelijktijdig om te zetten naar een positie in fysiek goud bij Goudstandaard wordt het koersrisico uitgesloten"
Goudstandaard, als AFM vergunninghouder, slaat het goud veilig en verzekerd op bij een gespecialiseerde partner. Daarnaast wordt de belegger, middels de stichting derdengelden, additionele zekerheid geboden.
"Steeds meer belegger zien, om begrijpelijke redenen, af van derivaten en wensen in echt fysiek goud te beleggen. De grootbanken trekken zich juist terug op dit terrein en bieden liever derivaten aan. Bij ons staat het belang van de klant voorop en door onze specialisatie en schaalgrootte kunnen wij aantrekkelijke tarieven hanteren. Zo blijft fysiek goud bereikbaar voor de belegger", aldus Jaap Raijmans.
Jaap Raijmans, directeur van edelmetaalaanbieder Goudstandaard geeft in een reactie aan, dat banken steeds minder heil zien in het aanbieden van edelmetaal of beleggingen in edelmetaal. Beleggers in edelmetaal zullen daarom hun heil zoeken bij gespecialiseerde ondernemingen. Goudstandaard biedt een overstap aan.
Jaap Raijmans: "Beleggers welke in goud beleggen kunnen dus naast additionele kosten ook met koersrisico's worden geconfronteerd. Door de positie bij de bank af te wikkelen en deze gelijktijdig om te zetten naar een positie in fysiek goud bij Goudstandaard wordt het koersrisico uitgesloten"
Goudstandaard, als AFM vergunninghouder, slaat het goud veilig en verzekerd op bij een gespecialiseerde partner. Daarnaast wordt de belegger, middels de stichting derdengelden, additionele zekerheid geboden.
"Steeds meer belegger zien, om begrijpelijke redenen, af van derivaten en wensen in echt fysiek goud te beleggen. De grootbanken trekken zich juist terug op dit terrein en bieden liever derivaten aan. Bij ons staat het belang van de klant voorop en door onze specialisatie en schaalgrootte kunnen wij aantrekkelijke tarieven hanteren. Zo blijft fysiek goud bereikbaar voor de belegger", aldus Jaap Raijmans.
Middenbedrijf financiert groei vooral uit eigen middelen
Nederlandse middelgrote ondernemingen financieren de noodzakelijke groei vooral uit eigen middelen. Externe financiers spelen binnen het middenbedrijf een beperkte rol bij het realiseren van de groeiambities van de bedrijven, zo blijkt uit onderzoek van KPMG onder ruim tweehonderd Nederlandse middelgrote ondernemingen.
Ruim 80% van de ondernemingen geeft aan op dit moment over voldoende mogelijkheden te beschikken om groei te kunnen financieren. Drie van de vier bedrijven zijn in staat om de gewenste groei uit eigen middelen te financieren. De helft van de bedrijven die zelf over onvoldoende middelen beschikken, doen een beroep op de bank. Een kleine 20% maakt gebruik van externe, alternatieve financiering. Overigens is slechts 25% van de bedrijven van mening dat de banken de kredietkraan voldoende open zetten voor bedrijven om te kunnen groeien. Een ruime meerderheid van de ondernemingen geeft bovendien aan te maken te hebben met een duidelijke verzwaring van de aangeboden leningvoorwaarden.
"Hoewel ruim 70% van de bedrijven bekend is met de mogelijkheden van alternatieve financieringen en ook in staat is om de verschillende financieringsvormen met elkaar te vergelijken, maken bedrijven daar in beperkte mate gebruik van", constateert Ferdinand Veenman, partner bij KPMG Corporate Finance.
Veenman: "De beperkte inzet van alternatieve financiering blijkt dan ook vooral ingegeven door het feit dat een meerderheid van de bedrijven niet bereid is een hogere marge te betalen voor alternatieve financieringen. Zelfs niet als de voorwaarden, zoals de omvang van de lening en de bevoorschotting, die van de banken overtreffen. Dat betekent dus dat wanneer ondernemers niet bereid zijn om hogere marges te betalen voor de hogere risico's, zij vooral aangewezen zullen zijn op bankfinanciering. Gezien de verscherpte regels die banken hanteren, zal dit naar verwachting grote druk zetten op de financierbaarheid van de noodzakelijke groei. De inzet van een grote verscheidenheid aan financieringsinstrumenten is dan ook van essentieel belang om ondernemingen optimaal te financieren."
De bedrijven blijken steeds minder vaak 'negatieve' maatregelen te hanteren om de bedrijfsprestatie op peil te houden. Een minderheid van de ondernemingen geeft aan gebruik te maken van kostenbesparingen, personeelreducties, arbeidstijdverkorting en werkkapitaalbesparingen. En ook het bevriezen van investeringsbudgetten wordt door een beperkt groep bedrijven als middel gehanteerd. Een beperkt aantal bedrijven heeft het economische vooruitzicht vergeleken met vorig jaar zien verbeteren.
Bijna de helft van de ondernemingen verwacht echter dat de economie de komende twee jaar zal aantrekken. Gebrek aan gekwalificeerd personeel (24%), financiering (36%) en wet- en regelgeving (40%) vormen volgens de bedrijven de belangrijkste obstakels die economische groei in de weg staan. Veenman: "Overigens draagt het huidige kabinetsbeleid volgens de bedrijven niet bij aan het herstel van vertrouwen bij de consument. Bijna 80% van de ondernemingen vindt dat het kabinet te weinig investeert en teveel bezuinigt."
Ruim 80% van de ondernemingen geeft aan op dit moment over voldoende mogelijkheden te beschikken om groei te kunnen financieren. Drie van de vier bedrijven zijn in staat om de gewenste groei uit eigen middelen te financieren. De helft van de bedrijven die zelf over onvoldoende middelen beschikken, doen een beroep op de bank. Een kleine 20% maakt gebruik van externe, alternatieve financiering. Overigens is slechts 25% van de bedrijven van mening dat de banken de kredietkraan voldoende open zetten voor bedrijven om te kunnen groeien. Een ruime meerderheid van de ondernemingen geeft bovendien aan te maken te hebben met een duidelijke verzwaring van de aangeboden leningvoorwaarden.
"Hoewel ruim 70% van de bedrijven bekend is met de mogelijkheden van alternatieve financieringen en ook in staat is om de verschillende financieringsvormen met elkaar te vergelijken, maken bedrijven daar in beperkte mate gebruik van", constateert Ferdinand Veenman, partner bij KPMG Corporate Finance.
Veenman: "De beperkte inzet van alternatieve financiering blijkt dan ook vooral ingegeven door het feit dat een meerderheid van de bedrijven niet bereid is een hogere marge te betalen voor alternatieve financieringen. Zelfs niet als de voorwaarden, zoals de omvang van de lening en de bevoorschotting, die van de banken overtreffen. Dat betekent dus dat wanneer ondernemers niet bereid zijn om hogere marges te betalen voor de hogere risico's, zij vooral aangewezen zullen zijn op bankfinanciering. Gezien de verscherpte regels die banken hanteren, zal dit naar verwachting grote druk zetten op de financierbaarheid van de noodzakelijke groei. De inzet van een grote verscheidenheid aan financieringsinstrumenten is dan ook van essentieel belang om ondernemingen optimaal te financieren."
De bedrijven blijken steeds minder vaak 'negatieve' maatregelen te hanteren om de bedrijfsprestatie op peil te houden. Een minderheid van de ondernemingen geeft aan gebruik te maken van kostenbesparingen, personeelreducties, arbeidstijdverkorting en werkkapitaalbesparingen. En ook het bevriezen van investeringsbudgetten wordt door een beperkt groep bedrijven als middel gehanteerd. Een beperkt aantal bedrijven heeft het economische vooruitzicht vergeleken met vorig jaar zien verbeteren.
Bijna de helft van de ondernemingen verwacht echter dat de economie de komende twee jaar zal aantrekken. Gebrek aan gekwalificeerd personeel (24%), financiering (36%) en wet- en regelgeving (40%) vormen volgens de bedrijven de belangrijkste obstakels die economische groei in de weg staan. Veenman: "Overigens draagt het huidige kabinetsbeleid volgens de bedrijven niet bij aan het herstel van vertrouwen bij de consument. Bijna 80% van de ondernemingen vindt dat het kabinet te weinig investeert en teveel bezuinigt."
woensdag 21 augustus 2013
Duitsland gaat belasting heffen op bitcoin
De digitale munteenheid bitcoin is in Duitsland een erkende valuta. Burgers zullen dan ook belasting moeten betalen over de bitcoins die zij bezitten. Dat heeft het ministerie van Financiën in het land bepaald. Op bitcoins zal een tarief van 25 procent worden toegepast. Als de eigenaar ze echter langer dan een jaar in bezit heeft, hoeft hij niet over de waardeverandering in die periode belasting te betalen.
dinsdag 20 augustus 2013
'Dijsselbloem wil volledige verkoop ABN'
Minister van Financien Jeroen Dijsselbloem lijkt aan te sturen op een volledige verkoop van ABN-Amro door de Staat.Dat schrijft Het Financieele Dagblad (FD), waarbij de krant refereert aan een bijeenkomst van de partij van Dijsselbloem, de PvdA, maandag in Amsterdam, waar hij zijn voorkeur voor een volledige verkoop volgens de krant liet blijken. Het kabinet neemt een dezer weken een beslissing over de toekomst van de bank die in 2008 in handen van de overheid terechtkwam.
maandag 19 augustus 2013
Bank ten Cate neemt SNS Private Banking over
Bank ten Cate & Cie neemt SNS Private Banking, een onderdeel van SNS Securities, over van de staatsbank. Na een onderzoek van de De Nederlandsche Bank is de inlijving een feit. Dat maakte Bank ten Cate & Cie maandag bekend. De gesprekken over de overname dateren al uit de tijd van voor de nationalisatie op 1 februari van dit jaar. Het vermogen van Bank ten Cate wordt met de overname verdubbeld naar ongeveer 2 miljard euro.
Helft van de jongeren maakt zich zorgen over geldzaken
Jongeren krijgen te maken met veel veranderingen op financieel gebied zodra ze achttien jaar worden en voor de wet volwassen zijn. Maar uit onderzoek van Wijzer in geldzaken blijkt dat er nog veel onwetendheid is. De helft van de jongeren maakt zich wel eens zorgen over geldzaken en dat is niet geheel onterecht. Eén op de tien 17-jarigen heeft namelijk niet voldoende geld om maandelijks rond te komen. Dit blijkt uit onderzoek van Wijzer in geldzaken onder ruim 400 17-jarigen. Het platform, waar het Verbond ook in participeert, introduceert vandaag de Checklist 18 jaar en je geldzaken om jongeren te helpen inzicht en overzicht te krijgen in de veranderingen op weg naar financiële zelfstandigheid.
Uit het onderzoek blijkt verder dat een op de tien jongen schulden heeft. De schulden hebben de jongeren dan vooral bij ouders (56 procent) en bij vrienden (22 procent). Het gemiddelde schuldbedrag is met € 309,- fors, waarbij zelfs twintig procent van die groep een schuldbedrag heeft van meer dan € 500,-. Het geld besteden de jongeren met name aan kleding, boodschappen, vakantie en elektronica.
Driekwart van de 17-jarigen weet dat er iets verandert in hun financiële zaken als ze achttien jaar worden. Zo zijn ze op de hoogte van het feit dat ze in aanmerking komen voor studiefinanciering en dat er geen kinderbijslag meer komt. Daarnaast weten ze dat ze de mogelijkheid hebben om een zorgverzekering af te sluiten en zijn ze op de hoogte van verzekeringen in het algemeen. Zes op de tien 17-jarigen geeft aan een zorgverzekering zelf af te sluiten als ze achttien jaar worden. Dit aantal is daarnaast ook van plan om zorgtoeslag aan te vragen.
Uit het onderzoek blijkt verder dat een op de tien jongen schulden heeft. De schulden hebben de jongeren dan vooral bij ouders (56 procent) en bij vrienden (22 procent). Het gemiddelde schuldbedrag is met € 309,- fors, waarbij zelfs twintig procent van die groep een schuldbedrag heeft van meer dan € 500,-. Het geld besteden de jongeren met name aan kleding, boodschappen, vakantie en elektronica.
Driekwart van de 17-jarigen weet dat er iets verandert in hun financiële zaken als ze achttien jaar worden. Zo zijn ze op de hoogte van het feit dat ze in aanmerking komen voor studiefinanciering en dat er geen kinderbijslag meer komt. Daarnaast weten ze dat ze de mogelijkheid hebben om een zorgverzekering af te sluiten en zijn ze op de hoogte van verzekeringen in het algemeen. Zes op de tien 17-jarigen geeft aan een zorgverzekering zelf af te sluiten als ze achttien jaar worden. Dit aantal is daarnaast ook van plan om zorgtoeslag aan te vragen.
donderdag 15 augustus 2013
VNO-NCW en MKB-Nederland: Economie heeft vaste grond nodig
VNO-NCW en MKB-Nederland zijn geschrokken van de nieuwste cijfers van CPB en CBS. Waar Europa als geheel voorzichtig uit de crisis klimt, blijft Nederland pijnlijk achter. Als Nederland dit jaar uit de recessie wil komen, dan dienen lastenverhogingen voor burgers en bedrijven achterwege te blijven.
Nederland is in een negatieve spiraal terecht gekomen door een dalende consumptie. Consumenten zijn bezorgd over de economie en lossen daarom versneld hun schulden af. Ook de stijgende lasten beperken de uitgaven van de consumenten. Als gevolg hiervan beperken bedrijven hun investeringen, en lopen de inkomsten van de overheid terug. Nieuwe lastenverhogingen versnellen deze negatieve spiraal.
Voorop moet staan dat de economie moet gaan groeien. Dat betekent direct lagere werkloosheid en meer vertrouwen. Naast het voorkomen van nieuwe lastenverzwaringen, moeten we hiervoor onze sterke punten aanwenden. De Nederlandse economie is structureel zeer sterk. We kennen een overschot op de betalingsbalans en een groot pensioenvermogen. Een oplossing kan liggen in een deel van ons pensioenvermogen op verantwoorde en aantrekkelijke wijze in te zetten voor de binnenlandse problematiek, in het bijzonder op de huizenmarkt.
De krimp in de export onderstreept tot slot de absolute noodzaak een offensieve handelsagenda te voeren. Door aansluiting te zoeken bij groeimarkten, met de inzet van het volledige kabinet en door buitenlandse bedrijven naar Nederland te halen en de bezuinigingen op de posten te stoppen.
Nederland is in een negatieve spiraal terecht gekomen door een dalende consumptie. Consumenten zijn bezorgd over de economie en lossen daarom versneld hun schulden af. Ook de stijgende lasten beperken de uitgaven van de consumenten. Als gevolg hiervan beperken bedrijven hun investeringen, en lopen de inkomsten van de overheid terug. Nieuwe lastenverhogingen versnellen deze negatieve spiraal.
Voorop moet staan dat de economie moet gaan groeien. Dat betekent direct lagere werkloosheid en meer vertrouwen. Naast het voorkomen van nieuwe lastenverzwaringen, moeten we hiervoor onze sterke punten aanwenden. De Nederlandse economie is structureel zeer sterk. We kennen een overschot op de betalingsbalans en een groot pensioenvermogen. Een oplossing kan liggen in een deel van ons pensioenvermogen op verantwoorde en aantrekkelijke wijze in te zetten voor de binnenlandse problematiek, in het bijzonder op de huizenmarkt.
De krimp in de export onderstreept tot slot de absolute noodzaak een offensieve handelsagenda te voeren. Door aansluiting te zoeken bij groeimarkten, met de inzet van het volledige kabinet en door buitenlandse bedrijven naar Nederland te halen en de bezuinigingen op de posten te stoppen.
dinsdag 13 augustus 2013
Marianne Tijssen versterkt bestuur Univé
Het bestuur van Coöperatie Univé U.A. draagt mevrouw Marianne Tijssen ter benoeming als niet-uitvoerende bestuurder / vice-voorzitter aan de ledenraad voor. Daarnaast zal zij de rol van voorzitter van de Raad van Commissarissen (RvC) van dochterbedrijven N.V. Univé Schade en N.V. Univé Her gaan vervullen.
Met de benoeming van Tijssen geeft Coöperatie Univé U.A. invulling aan haar doelstelling om tenminste één vrouwelijke bestuurder / RvC-lid te benoemen. Het one tier board van Coöperatie Univé U.A. zal na haar benoeming bestaan uit vier niet-uitvoerende bestuurders en twee uitvoerende bestuurders. De overige bestuurders zijn:
Tijssen heeft haar sporen verdiend binnen ABN AMRO. Haar laatste functie daar was statutair directeur van een dochteronderneming (in consumentenkredieten en credit cards). Zij is momenteel founder/directeur (CFO/COO) van een nieuwe IT-vendor in Nederland in financial services. Daarnaast bekleedt zij enkele toezichthoudende functies. “Univé is een prachtig merk. Ik verheug me erop om vanuit de centrale organisatie samen met de Regionale Univé’s te bouwen aan de toekomst van Univé.”, aldus Tijssen.
Met de benoeming van Tijssen geeft Coöperatie Univé U.A. invulling aan haar doelstelling om tenminste één vrouwelijke bestuurder / RvC-lid te benoemen. Het one tier board van Coöperatie Univé U.A. zal na haar benoeming bestaan uit vier niet-uitvoerende bestuurders en twee uitvoerende bestuurders. De overige bestuurders zijn:
Tijssen heeft haar sporen verdiend binnen ABN AMRO. Haar laatste functie daar was statutair directeur van een dochteronderneming (in consumentenkredieten en credit cards). Zij is momenteel founder/directeur (CFO/COO) van een nieuwe IT-vendor in Nederland in financial services. Daarnaast bekleedt zij enkele toezichthoudende functies. “Univé is een prachtig merk. Ik verheug me erop om vanuit de centrale organisatie samen met de Regionale Univé’s te bouwen aan de toekomst van Univé.”, aldus Tijssen.
maandag 12 augustus 2013
Nepnota´s van Corpus Justitia in de prullenbak
Het nep-incassobureau Corpus Justitia heeft brieven verstuurd waarin zij eisen dat per ommegaande €129,80 betaald wordt. Dat bedrag zou zogenaamd nog openstaan bij het bedrijf Prime Collections. Het advies van de Consumentenbond luidt: niet te betalen en niet te reageren op de brief. De Autoriteit Consument en Markt (ACM) is inmiddels op de hoogte van de agressieve praktijken van Corpus Justitia.
Wanneer niet binnen 5 tot betaling wordt overgegaan volgt, volgens de brief, inschakeling van een deurwaarder en wordt tot dagvaarding overgegaan. Consumenten hoeven zich echter geen zorgen te maken over de dreigende taal van Corpus Justitia. De vorderingen zijn nergens op gebaseerd. Corpus Justitia probeert consumenten te intimideren, kennelijk in de hoop dat consumenten tot betaling overgaan. Een 0900-nummer dat gebeld kon worden voor meer informatie is door de ACM al uit de lucht gehaald. Via het betaalnummer wilde Corpus Justitia alleen maar gemakkelijk geld verdienen. Groei van vertrouwen in mondiale fusie- en overnamemarkt stagneert
Het vertrouwen van ondernemingen in de mondiale fusie- en overnamemarkt stagneert ondanks het feit dat de financiële armslag van bedrijven naar verwachting de komende maanden fors zal toenemen. Vooral de onzekerheid over een aantal macro-economische factoren zoals kwantitatieve geldverruiming, tempert het vertrouwen van bedrijven in een fusie of overname.
Uit internationaal onderzoek dat KPMG iedere zes maanden verricht onder duizend beursgenoteerde bedrijven blijkt dat de geprognosticeerde koers-winst-verhoudingen op basis van de verwachte winst met 14% zijn gestegen ten opzichte van juni 2012. “Een indicatie voor het vertrouwen van ondernemingen”, constateert Wouter van de Bunt, managing partner van KPMG Corporate Finance. Van de Bunt: “Vergeleken met het begin van dit jaar liggen de geprognosticeerde koers-winst-verhoudingen echter op hetzelfde niveau, hetgeen erop wijst dat de toename van het vertrouwen van de bedrijven duidelijk getemperd wordt.”
Terwijl ondernemingen volgens Van de Bunt terughoudend blijven als het om fusies en overnames gaat, lijkt de financiële armslag – gemeten naar de verhouding tussen netto schuld tot EBITDA – toe te nemen. Van de Bunt: “Dit valt op te maken uit de te verwachte daling in schuldverhoudingen met 13% over de komende twaalf maanden. Hoewel de voorspellingen wijzen op een aantal jaren waarin de financiële armslag zal toenemen, lijkt de markt echter nog steeds te lijden onder macro-economische factoren die het aantal fusies en overnames onder druk zetten. Deze onbalans zal leiden tot aanhoudende spanningen tussen ondernemingen en hun aandeelhouders over hoe het surplus aan beschikbare middelen dient te worden ingezet.”
Vooral Japan en de Verenigde Staten blijken zich te onderscheiden van de andere landen als het gaat om het vertrouwen in een fusie of overname en de financiële armslag om een transactie tot stand te brengen. In Japan is het vertrouwen het afgelopen jaar met ruim 240% gegroeid en nam de financiële armslag ten opzichte van een jaar eerder met 8% toe. Van de Bunt: “Datzelfde geldt voor de Verenigde Staten, die opnieuw bovengemiddeld scoorden in een moeilijke markt. De geprognosticeerde koers-winstverhoudingen stegen met 4% ten opzichte van het begin van dit kalenderjaar en met 14% ten opzichte van een jaar eerder. En ook voor de toekomst lijkt de financiële armslag van de Verenigde Staten sterk te blijven, met een verwachte verbetering van 20% voor het komende jaar.
Uit het onderzoek van KPMG blijkt verder dat het aantal fusies en overnames het afgelopen jaar met bijna 10% is gedaald. Met name in het Verre Oosten, Afrika en het Midden-Oosten was sprake van een aanzienlijke teruggang van het aantal transacties. Van de Bunt: “Het volume daalt wereldwijd, in een aantal regio’s meer dan in andere. Daarbij komt dat de vooruitzichten voor de komende maanden ook wijzen op een verdere daling. Toch gloort er licht aan de horizon. Ondanks het feit dat het totale volume wereldwijd daalt, blijkt de gemiddelde waarde per transactie nog steeds toe te nemen.”
Uit internationaal onderzoek dat KPMG iedere zes maanden verricht onder duizend beursgenoteerde bedrijven blijkt dat de geprognosticeerde koers-winst-verhoudingen op basis van de verwachte winst met 14% zijn gestegen ten opzichte van juni 2012. “Een indicatie voor het vertrouwen van ondernemingen”, constateert Wouter van de Bunt, managing partner van KPMG Corporate Finance. Van de Bunt: “Vergeleken met het begin van dit jaar liggen de geprognosticeerde koers-winst-verhoudingen echter op hetzelfde niveau, hetgeen erop wijst dat de toename van het vertrouwen van de bedrijven duidelijk getemperd wordt.”
Terwijl ondernemingen volgens Van de Bunt terughoudend blijven als het om fusies en overnames gaat, lijkt de financiële armslag – gemeten naar de verhouding tussen netto schuld tot EBITDA – toe te nemen. Van de Bunt: “Dit valt op te maken uit de te verwachte daling in schuldverhoudingen met 13% over de komende twaalf maanden. Hoewel de voorspellingen wijzen op een aantal jaren waarin de financiële armslag zal toenemen, lijkt de markt echter nog steeds te lijden onder macro-economische factoren die het aantal fusies en overnames onder druk zetten. Deze onbalans zal leiden tot aanhoudende spanningen tussen ondernemingen en hun aandeelhouders over hoe het surplus aan beschikbare middelen dient te worden ingezet.”
Vooral Japan en de Verenigde Staten blijken zich te onderscheiden van de andere landen als het gaat om het vertrouwen in een fusie of overname en de financiële armslag om een transactie tot stand te brengen. In Japan is het vertrouwen het afgelopen jaar met ruim 240% gegroeid en nam de financiële armslag ten opzichte van een jaar eerder met 8% toe. Van de Bunt: “Datzelfde geldt voor de Verenigde Staten, die opnieuw bovengemiddeld scoorden in een moeilijke markt. De geprognosticeerde koers-winstverhoudingen stegen met 4% ten opzichte van het begin van dit kalenderjaar en met 14% ten opzichte van een jaar eerder. En ook voor de toekomst lijkt de financiële armslag van de Verenigde Staten sterk te blijven, met een verwachte verbetering van 20% voor het komende jaar.
Uit het onderzoek van KPMG blijkt verder dat het aantal fusies en overnames het afgelopen jaar met bijna 10% is gedaald. Met name in het Verre Oosten, Afrika en het Midden-Oosten was sprake van een aanzienlijke teruggang van het aantal transacties. Van de Bunt: “Het volume daalt wereldwijd, in een aantal regio’s meer dan in andere. Daarbij komt dat de vooruitzichten voor de komende maanden ook wijzen op een verdere daling. Toch gloort er licht aan de horizon. Ondanks het feit dat het totale volume wereldwijd daalt, blijkt de gemiddelde waarde per transactie nog steeds toe te nemen.”
zaterdag 10 augustus 2013
'Rabo scherpt toezicht kantoren aan'
De Rabobank heeft de teugels bij de lokale banken aangehaald. Dat meldt de NOS. Dertien lokale banken staan onder streng toezicht van het hoofdkantoor in Utrecht omdat ze de financiën of administratie niet op orde hebben. Dat is bijna tien procent van alle lokale Rabobank-filialen. In totaal heeft Rabobank 136 zelfstandige, lokale banken. Ook staan dertig banken onder een lichtere vorm van curatele van de centrale bank in Utrecht omdat die kantoren de zaken niet op orde hebben, zich niet aan de regels houden, geen winst maken of te hoge kosten hebben.
vrijdag 9 augustus 2013
Grote geldvangst op Schiphol
Bij een securitycontrole op de luchthaven Schiphol van twee vrouwen die op weg waren naar Brazilië is zaterdag een geldbedrag aangetroffen van € 300.000,-. Het bedrag zat verstopt in het ondergoed.
De Douane heeft de verdachten overgedragen aan de FIOD. De FIOD heeft het geld in beslag genomen en de vrouwen aangehouden op verdenking van witwassen en overtreding van de Algemene Douanewet.Als een reiziger de Europese Unie binnenkomt of verlaat met € 10.000 of meer aan liquide middelen, dan moet deze hiervan aangifte doen bij de Douane. Het doel hiervan is illegale activiteiten tegen gaan. Zoals het witwassen van geld of het financieren van terroristische activiteiten.
De verdachten zijn dinsdag voorgeleid aan de rechter-commissaris en voor 14 dagen in bewaring gesteld. De FIOD doet nader onderzoek onder leiding van het Openbaar Ministerie Noord-Holland
donderdag 8 augustus 2013
Winst Aegon daalt licht
Verzekeraar Aegon heeft in het afgelopen kwartaal meer pensioenen verkocht in Nederland en Groot-Brittannië. In de Verenigde Staten wist het bedrijf meer levensverzekeringen aan de man te brengen. In totaal stegen de verkopen met 23 procent. Toch daalde de winst licht met 2 procent naar 243 miljoen euro vergeleken met dezelfde periode vorig jaar, vanwege een verlies op beleggingen. In een toelichting zegt bestuursvoorzitter Alex Wynaendts: 'De toename van ons onderliggend resultaat en onze verkopen in het afgelopen kwartaal bevestigen dat Aegon op de juiste weg is met zijn strategische transformatie. Vooral de goede verkopen van pensioenen en variable annuities in onze belangrijkste markten laten zien dat er een aanhoudend sterke vraag is naar onze aan pensioen gerelateerde producten."
Door de sterke kapitaalpositie en goede kasstromen kan Aegon het interim-dividend verhogen als teken van vertrouwen. 'We hebben ons zodanig gepositioneerd dat we van stijgende rentetarieven en van recente marktontwikkelingen in de VS en elders kunnen profiteren en zijn in staat ook op de lange termijn waarde te creëren voor onze klanten en aandeelhouders.'
Door de sterke kapitaalpositie en goede kasstromen kan Aegon het interim-dividend verhogen als teken van vertrouwen. 'We hebben ons zodanig gepositioneerd dat we van stijgende rentetarieven en van recente marktontwikkelingen in de VS en elders kunnen profiteren en zijn in staat ook op de lange termijn waarde te creëren voor onze klanten en aandeelhouders.'
Sparende huishoudens verliezen een miljard euro per jaar
Een miljoen Nederlandse huishoudens zien hun vermogen gezamenlijk met een miljard euro per jaar minder waard worden, omdat de spaarrente historisch laag ligt en Nederland kampt met een relatief hoge inflatie.
In Nederland heeft 24 procent van de huishoudens hun vrije vermogen uitsluitend op spaarrekeningen en deposito's staan. Dit spaargeld bedraagt opgeteld ten minste 80 miljard euro. Vanwege de lage rente die spaarders ontvangen en de stijgende prijzen van consumptie wordt het gezamenlijke vermogen van deze sparende huishoudens jaarlijks zeker 1,1 miljard euro minder waard.
Mogelijk zien mensen sparen als veilige optie in deze tijd van recessie. "Maar het spaargeld van veel particulieren gaat alleen maar achteruit", zegt Tjade Groot, Hoofd OXBY vermogensbeheer. "Terwijl er goede alternatieven zijn waarbij het vermogen wel groeit, met een beperkt risico. Je hoeft geen tonnen te bezitten om gespreid en verstandig te beleggen."
De cijfers komen uit een onafhankelijk onderzoek dat OXBY heeft laten uitvoeren door marktonderzoekbureau The Choice. The Choice ondervroeg Nederlands huishoudens met een vrij besteedbaar vermogen van minimaal Euro 15.000,- Dit is de eerste keer dat dit onderzoek werd gedaan.
Vooral de huishoudens met een 'lager' inkomen (tot twee keer modaal) worden getroffen door de lage spaarrente en de hoge inflatie. Meer dan huishoudens met een hoger inkomen hebben zij hun vrij besteedbare vermogen geheel op spaarrekeningen (en deposito's) staan. Huishoudens met een inkomen van twee keer modaal of meer kiezen vaker voor het beleggen van (een deel van) hun vrij besteedbare vermogen. Driekwart van alle huishoudens (76 procent) belegt een deel van hun vrij besteedbare vermogen.
De waardedaling van particulier vermogen door sparen lijkt te groeien. 29% van de huishoudens zegt nu (veel) meer te sparen dan 6 maanden geleden, terwijl 25% aangeeft juist (veel) minder te sparen.
In Nederland heeft 24 procent van de huishoudens hun vrije vermogen uitsluitend op spaarrekeningen en deposito's staan. Dit spaargeld bedraagt opgeteld ten minste 80 miljard euro. Vanwege de lage rente die spaarders ontvangen en de stijgende prijzen van consumptie wordt het gezamenlijke vermogen van deze sparende huishoudens jaarlijks zeker 1,1 miljard euro minder waard.
Mogelijk zien mensen sparen als veilige optie in deze tijd van recessie. "Maar het spaargeld van veel particulieren gaat alleen maar achteruit", zegt Tjade Groot, Hoofd OXBY vermogensbeheer. "Terwijl er goede alternatieven zijn waarbij het vermogen wel groeit, met een beperkt risico. Je hoeft geen tonnen te bezitten om gespreid en verstandig te beleggen."
De cijfers komen uit een onafhankelijk onderzoek dat OXBY heeft laten uitvoeren door marktonderzoekbureau The Choice. The Choice ondervroeg Nederlands huishoudens met een vrij besteedbaar vermogen van minimaal Euro 15.000,- Dit is de eerste keer dat dit onderzoek werd gedaan.
Vooral de huishoudens met een 'lager' inkomen (tot twee keer modaal) worden getroffen door de lage spaarrente en de hoge inflatie. Meer dan huishoudens met een hoger inkomen hebben zij hun vrij besteedbare vermogen geheel op spaarrekeningen (en deposito's) staan. Huishoudens met een inkomen van twee keer modaal of meer kiezen vaker voor het beleggen van (een deel van) hun vrij besteedbare vermogen. Driekwart van alle huishoudens (76 procent) belegt een deel van hun vrij besteedbare vermogen.
De waardedaling van particulier vermogen door sparen lijkt te groeien. 29% van de huishoudens zegt nu (veel) meer te sparen dan 6 maanden geleden, terwijl 25% aangeeft juist (veel) minder te sparen.
woensdag 7 augustus 2013
Delta Lloyd verkleint verlies
Delta Lloyd heeft zijn nettoverlies in de eerste helft van dit jaar aanzienlijk verkleind ten opzichte van een jaar eerder. De operationele winst ging met 5 procent achteruit. Delta Lloyd boekte afgelopen halfjaar een nettoverlies van 103 miljoen euro. Dat was een jaar eerder nog 942 miljoen euro. Het netto operationeel resultaat kwam uit op 209 miljoen euro, tegen 220 miljoen euro vorig jaar. De bruto premie-inkomsten zakten met circa 400 miljoen euro tot 2,4 miljard euro. Dit kwam door dalende inkomsten uit levensverzekeringen, bij de schadeverzekeringen bleven de premie-opbrengsten stabiel.
dinsdag 6 augustus 2013
De cijfers geven ons niet vaak zó gelijk
De indices voor het ondernemersvertrouwen zijn de laatste tijd goed, beter dan verwacht zelfs. De grootste verrassing is ongetwijfeld de Amerikaanse inkoopmanagersindex ISM. Die is van 50,9 punten in juni naar 55,4 punten in juli geschoten en de onderliggende componenten van de index schetsen bovendien eenduidig een fraai beeld van hoge productie, robuuste orders, geringe voorraden en langere levertijden. Dat alles wijst op stijgende productie en investeringen in de komende maanden. Vooral indrukwekkend is de stijging van 4,5 punt in één maand. Het lijkt wel of iemand precies halverwege het jaar een knop heeft omgezet, en we zien nu een flinke toename van de groei. Natuurlijk schommelen de cijfers van maand tot maand en is dit slechts één indicator, maar de ISM-index heeft bewezen een goede maatstaf voor de algehele staat van de Amerikaanse economie te zijn. Op de dag waarop de ISM werd gepubliceerd, bleek ook weer
'Blijf alert op fraude'
Het Centrum Bestrijding Verzekeringscriminaliteit (CBV) van het Verbond waarschuwde onlangs voor mogelijke zwendel met facturen voor het herstellen van autoruitschade. Het persbericht hierover heeft veel publiciteit opgeleverd. Ook de Stichting Glasgarant is blij met de aandacht voor fraude maar waarschuwt wel dat mensen alert moeten blijven; fraude zal altijd blijven bestaan.
Het CBV ontving van meerdere verzekeraars tientallen signalen over autoruitherstellers, die verzekerden confronteren met rekeningen voor ruitreparaties die een paar jaar geleden zijn uitgevoerd. Bij de factuur wordt aangegeven dat de klant alsnog zelf moet betalen, omdat de verzekeraar de schade niet aan de reparateur zou hebben vergoed. In de meeste gevallen gaat het om rekeningen van enkele tientallen euro’s.
De factuur is voorzien van een zogeheten akte van cessie, die de klant ondertekend heeft ten tijde van de ruitreparatie. Dat is een verklaring waarbij de verzekerde in geval van schade een andere partij, in dit geval de ruitreparateur, machtigt om de herstelkosten te claimen bij de verzekeraar. In strijd met de wettelijke voorschriften op het gebied van herinneringen en aanmaning wordt in de factuur gesteld dat de nota binnen vijf dagen moet worden betaald, omdat anders incassokosten dreigen. Verzekerden worden zo onder druk gezet tot betaling van kosten die zij in veruit de meeste gevallen niet meer verschuldigd zijn. Het Verbond van Verzekeraars adviseert verzekerden die geconfronteerd worden met een factuur voor in het verleden uitgevoerd ruitherstel niet meteen te betalen, maar het herstelbedrijf te verzoeken eerst de afwijzing van de verzekeraar te tonen. Als de hersteller dat niet doet of niet thuis geeft, adviseert het Verbond om contact op te nemen met de nationale fraudehelpdesk voor fraudemeldingen: www.fraudehelpdesk.nl
Joop Jansen, voorzitter van de Stichting Glasgarant sluit zich aan bij dat advies, maar waarschuwt dat fraude altijd zal blijven bestaan en we dus alert moeten blijven. “Een aantal jaren geleden bestond er een ander manier van frauderen. Toen werden consumenten gewezen op bijvoorbeeld een sterretje in hun ruit, terwijl er helemaal geen sterretje in hun ruit zat, maar er slechts sprake was van een oppervlakkige beschadiging. Nu is het deze vorm van frauderen. Bedrijven die dit doen blijven altijd op zoek naar een vorm van fraude, daar zullen we niet aan ontkomen.” Het beste advies dat kan worden geven is volgens Jansen om de factuur niet te betalen. “Neem daar contact over op met je verzekeraar of met de fraudehelpdesk.”
Het CBV ontving van meerdere verzekeraars tientallen signalen over autoruitherstellers, die verzekerden confronteren met rekeningen voor ruitreparaties die een paar jaar geleden zijn uitgevoerd. Bij de factuur wordt aangegeven dat de klant alsnog zelf moet betalen, omdat de verzekeraar de schade niet aan de reparateur zou hebben vergoed. In de meeste gevallen gaat het om rekeningen van enkele tientallen euro’s.
De factuur is voorzien van een zogeheten akte van cessie, die de klant ondertekend heeft ten tijde van de ruitreparatie. Dat is een verklaring waarbij de verzekerde in geval van schade een andere partij, in dit geval de ruitreparateur, machtigt om de herstelkosten te claimen bij de verzekeraar. In strijd met de wettelijke voorschriften op het gebied van herinneringen en aanmaning wordt in de factuur gesteld dat de nota binnen vijf dagen moet worden betaald, omdat anders incassokosten dreigen. Verzekerden worden zo onder druk gezet tot betaling van kosten die zij in veruit de meeste gevallen niet meer verschuldigd zijn. Het Verbond van Verzekeraars adviseert verzekerden die geconfronteerd worden met een factuur voor in het verleden uitgevoerd ruitherstel niet meteen te betalen, maar het herstelbedrijf te verzoeken eerst de afwijzing van de verzekeraar te tonen. Als de hersteller dat niet doet of niet thuis geeft, adviseert het Verbond om contact op te nemen met de nationale fraudehelpdesk voor fraudemeldingen: www.fraudehelpdesk.nl
Joop Jansen, voorzitter van de Stichting Glasgarant sluit zich aan bij dat advies, maar waarschuwt dat fraude altijd zal blijven bestaan en we dus alert moeten blijven. “Een aantal jaren geleden bestond er een ander manier van frauderen. Toen werden consumenten gewezen op bijvoorbeeld een sterretje in hun ruit, terwijl er helemaal geen sterretje in hun ruit zat, maar er slechts sprake was van een oppervlakkige beschadiging. Nu is het deze vorm van frauderen. Bedrijven die dit doen blijven altijd op zoek naar een vorm van fraude, daar zullen we niet aan ontkomen.” Het beste advies dat kan worden geven is volgens Jansen om de factuur niet te betalen. “Neem daar contact over op met je verzekeraar of met de fraudehelpdesk.”
maandag 5 augustus 2013
Staat in cassatie inzake SNS
De Staat heeft na grondige bestudering van de tussenbeschikking van de Ondernemingskamer – over de schadeloosstelling van onteigende effecten en vermogensbestanddelen van SNS REAAL – besloten om in cassatie te gaan.
Het is de eerste keer dat de Interventiewet is toegepast. De Staat vindt het naar eigen zeggen belangrijk dat de Hoge Raad zich uitlaat over de vraag hoe bepaalde onderdelen van de wet moeten worden uitgelegd, voordat het door de Ondernemingskamer bevolen deskundigenonderzoek van start gaat. Het is voor het deskundigenonderzoek van belang dat deze uitleg in een zo vroeg mogelijk stadium wordt gegeven. De Staat heeft daarom besloten om gebruik te maken van de door de Ondernemingskamer geboden mogelijkheid om nu al in cassatie te gaan en niet te wachten totdat het deskundigenonderzoek en de procedure bij de Ondernemingskamer zijn afgerond.
In verband met het tussentijdse cassatieberoep heeft de Staat de Ondernemingskamer verzocht om de procedure bij de Ondernemingskamer voor onbepaalde tijd aan te houden. De Ondernemingskamer heeft dit verzoek gehonoreerd.
Het is de eerste keer dat de Interventiewet is toegepast. De Staat vindt het naar eigen zeggen belangrijk dat de Hoge Raad zich uitlaat over de vraag hoe bepaalde onderdelen van de wet moeten worden uitgelegd, voordat het door de Ondernemingskamer bevolen deskundigenonderzoek van start gaat. Het is voor het deskundigenonderzoek van belang dat deze uitleg in een zo vroeg mogelijk stadium wordt gegeven. De Staat heeft daarom besloten om gebruik te maken van de door de Ondernemingskamer geboden mogelijkheid om nu al in cassatie te gaan en niet te wachten totdat het deskundigenonderzoek en de procedure bij de Ondernemingskamer zijn afgerond.
In verband met het tussentijdse cassatieberoep heeft de Staat de Ondernemingskamer verzocht om de procedure bij de Ondernemingskamer voor onbepaalde tijd aan te houden. De Ondernemingskamer heeft dit verzoek gehonoreerd.
Tuchtraad Assurantiën acht klacht ongegrond
De Tuchtraad Financiële Dienstverlening (Assurantiën) heeft onlangs een klacht ongegrond verklaard over een geschil rondom een vaststellingsovereenkomst. De klager in kwestie beklaagde zich erover dat de verzekeraar buiten zijn medeweten om ook afspraken had gemaakt met zijn adviseur.
De Tuchtraad Financiële Dienstverlening (Assurantiën) bestaat uit een negen onafhankelijke rechters, en ziet erop toe dat verzekeraars ten opzichte van consumenten de goede naam, het aanzien van en het vertrouwen in de bedrijfstak in stand houden. De raad kan klachten ontvangen via het Klachteninstituut Financiële Dienstverlening (Kifid), maar ook van verzekeraars zelf, overheden, toezichthouders, werkgevers- en werknemersorganisaties. Klachten worden getoetst op de bindende zelfregulering van het Verbond. Als een klacht gegrond wordt verklaard, bepaalt het Verbondsbestuur welke sanctie (zoals een berisping) hieraan wordt verbonden.
Recent kreeg de Tuchtraad een klacht binnen over de afwikkeling van een geschil over een levensverzekering. De klager en verzekeraar hebben hierover een vaststellingsovereenkomst gesloten, maar de klager is het niet eens met de manier waarop die overeenkomst tot stand is gekomen. Hij besluit daarop een klacht in te dienen bij de Geschillencommissie van Kifid en stelt dat de verzekeraar buiten zijn medeweten een separate overeenkomst met zijn adviseur heeft gesloten over de afronding van het geschil. Volgens de klager is dat niet juist. De Geschillencommissie heeft de klacht doorgezonden aan de Tuchtraad om te beoordelen of de verzekeraar bij de totstandkoming van de overeenkomst in strijd met de voor de verzekeraar geldende tuchtrechtelijke bepalingen heeft gehandeld. De Tuchtraad oordeelt dat dit niet het geval is en heeft de klacht ongegrond verklaard. Er volgt dus ook geen sanctie.
De Tuchtraad Financiële Dienstverlening (Assurantiën) bestaat uit een negen onafhankelijke rechters, en ziet erop toe dat verzekeraars ten opzichte van consumenten de goede naam, het aanzien van en het vertrouwen in de bedrijfstak in stand houden. De raad kan klachten ontvangen via het Klachteninstituut Financiële Dienstverlening (Kifid), maar ook van verzekeraars zelf, overheden, toezichthouders, werkgevers- en werknemersorganisaties. Klachten worden getoetst op de bindende zelfregulering van het Verbond. Als een klacht gegrond wordt verklaard, bepaalt het Verbondsbestuur welke sanctie (zoals een berisping) hieraan wordt verbonden.
Recent kreeg de Tuchtraad een klacht binnen over de afwikkeling van een geschil over een levensverzekering. De klager en verzekeraar hebben hierover een vaststellingsovereenkomst gesloten, maar de klager is het niet eens met de manier waarop die overeenkomst tot stand is gekomen. Hij besluit daarop een klacht in te dienen bij de Geschillencommissie van Kifid en stelt dat de verzekeraar buiten zijn medeweten een separate overeenkomst met zijn adviseur heeft gesloten over de afronding van het geschil. Volgens de klager is dat niet juist. De Geschillencommissie heeft de klacht doorgezonden aan de Tuchtraad om te beoordelen of de verzekeraar bij de totstandkoming van de overeenkomst in strijd met de voor de verzekeraar geldende tuchtrechtelijke bepalingen heeft gehandeld. De Tuchtraad oordeelt dat dit niet het geval is en heeft de klacht ongegrond verklaard. Er volgt dus ook geen sanctie.
vrijdag 2 augustus 2013
Consument kritischer op zorgrekening
Consumenten controleren de zorgrekeningen steeds kritischer. Zeker de hoogte van de rekening en de juistheid van de rekening worden scherper gecontroleerd. Dat blijkt uit een onderzoek van vergelijkingssite Geld.nl. “Het stijgende eigen risico speelt hierbij een belangrijke rol”, legt Sieto de Vries van Geld.nl uit. “Consumenten betalen nu zelf een deel van de zorg uit het eigen risico. Daarom controleren zij scherper of de rekening in orde is. Ook de berichtgeving rondom fraude en verspilling in de zorg heeft de consument gestimuleerd de rekeningen beter te controleren.”
Het eigen risico is de belangrijkste motivatie voor consumenten om de rekening te controleren, constateren Eno, Achmea en CZ. Zij merken dat consumenten sinds het stijgende eigen risico een stuk vaker mailtjes sturen of bellen naar de klantenservice met vragen en opmerkingen naar aanleiding van een rekening. Er wordt steeds vaker melding gemaakt van incorrecte facturen. Ook leggen de consumenten steeds vaker ideeën voor om te besparen op zorgkosten en laten het weten als zij het niet eens zijn met de hoogte van bepaalde kosten.
De Vries vindt dit een goede ontwikkeling. “Het is heel belangrijk dat je als consument je zorgrekening goed controleert. Zo voorkom je dat je zelf te veel betaalt voor de zorg die je krijgt. Bovendien kunnen probleempunten alleen aangepakt worden als verzekeraars weten waar deze liggen. Wij hopen dan ook dat de verzekeraars de vragen en opmerkingen van de consument oppikken en er mee aan de slag gaan.”
De verspilling en fraude in de zorg kwamen de afgelopen periode regelmatig in het nieuws. Het bleek om miljarden euro’s te gaan die onnodig in de zorg verdwenen. De consument betaalt hier indirect de rekening voor. Maar tot een massale toename in het aantal meldingen en vragen bij verzekeraars heeft de berichtgeving niet geleid. VGZ zegt zelfs geen verschil te zien en ook de andere verzekeraars kunnen geen exacte cijfers noemen.
Wel zien de verzekeraars een piek op het moment dat de verspilling en fraude in het nieuws zijn, zeker als het gaat om de kosten die de consument vanuit het eigen risico betaalt. “Als de verspilling groot in het nieuws is en er valt net een rekening voor het eigen risico op de deurmat, dan komt het ineens dichtbij”, aldus een woordvoerder van Achmea. Ook CZ merkt dat consumenten de rekening dan beter controleren.
Dat de consument pas aan de bel trekt over incorrecte facturen wanneer het om het eigen risico gaat, is een goed begin. “Door de zorgfacturen helder en overzichtelijk te maken zodat de consument goed inzicht heeft in de kosten en door de consument ook te vragen om deze goed te controleren, kan er veel winst behaald worden. De rekening van de garage controleer je tenslotte ook nauwkeurig”, besluit De Vries.
Het eigen risico is de belangrijkste motivatie voor consumenten om de rekening te controleren, constateren Eno, Achmea en CZ. Zij merken dat consumenten sinds het stijgende eigen risico een stuk vaker mailtjes sturen of bellen naar de klantenservice met vragen en opmerkingen naar aanleiding van een rekening. Er wordt steeds vaker melding gemaakt van incorrecte facturen. Ook leggen de consumenten steeds vaker ideeën voor om te besparen op zorgkosten en laten het weten als zij het niet eens zijn met de hoogte van bepaalde kosten.
De Vries vindt dit een goede ontwikkeling. “Het is heel belangrijk dat je als consument je zorgrekening goed controleert. Zo voorkom je dat je zelf te veel betaalt voor de zorg die je krijgt. Bovendien kunnen probleempunten alleen aangepakt worden als verzekeraars weten waar deze liggen. Wij hopen dan ook dat de verzekeraars de vragen en opmerkingen van de consument oppikken en er mee aan de slag gaan.”
De verspilling en fraude in de zorg kwamen de afgelopen periode regelmatig in het nieuws. Het bleek om miljarden euro’s te gaan die onnodig in de zorg verdwenen. De consument betaalt hier indirect de rekening voor. Maar tot een massale toename in het aantal meldingen en vragen bij verzekeraars heeft de berichtgeving niet geleid. VGZ zegt zelfs geen verschil te zien en ook de andere verzekeraars kunnen geen exacte cijfers noemen.
Wel zien de verzekeraars een piek op het moment dat de verspilling en fraude in het nieuws zijn, zeker als het gaat om de kosten die de consument vanuit het eigen risico betaalt. “Als de verspilling groot in het nieuws is en er valt net een rekening voor het eigen risico op de deurmat, dan komt het ineens dichtbij”, aldus een woordvoerder van Achmea. Ook CZ merkt dat consumenten de rekening dan beter controleren.
Dat de consument pas aan de bel trekt over incorrecte facturen wanneer het om het eigen risico gaat, is een goed begin. “Door de zorgfacturen helder en overzichtelijk te maken zodat de consument goed inzicht heeft in de kosten en door de consument ook te vragen om deze goed te controleren, kan er veel winst behaald worden. De rekening van de garage controleer je tenslotte ook nauwkeurig”, besluit De Vries.
woensdag 31 juli 2013
BNP Paribas ziet winst in tweede kwartaal afzwakken
De in Parijs gevestigde financial BNP Paribas, Europa's op twee na grootste beursgenoteerde bank naar activa, zag de nettowinst in de drie maanden tot en met juni met 5% afnemen tot EUR1,76 miljard, in vergelijking tot EUR1,85 miljard in dezelfde periode een jaar eerder. De nettowinst komt hiermee boven de verwachting van analisten uit van EUR1,51 miljard. De omzet daalde met 2% naar EUR9,92 miljard, aangetast door zijn investment banking activiteiten.
dinsdag 30 juli 2013
JP Morgan beschuldigd van marktmanipulatie
De Amerikaanse zakenbank JP Morgan Chase wordt beschuldigd van het manipuleren van de energiemarkt in delen van de Verenigde Staten. Dat heeft de toezichthouder voor de Amerikaanse energiesector FERC bekendgemaakt. Handelaren van de bank zouden de energiemarkt in Californië en het middenwesten van de VS bewerkt hebben met ongeoorloofde handelspraktijken.
maandag 29 juli 2013
Thaise centrale bank verklaart Bitcoin illegaal
De centrale bank in Thailand heeft verklaard dat het Bitcoin-betalingsverkeer illegaal is. Een van de redenen is dat er voor cryptografische valuta nog geen bestaande wetten zijn. Een lokale Bitcoin-exchange is door de bepaling offline gegaan. Dat meldt Wired, die stelt dat de Thaise centrale bank het kopen en verkopen van Bitcoins illegaal heeft verklaard. Ook mogen goederen niet gekocht of verkocht worden met Bitcoins en is het eveneens verboden om vanuit het buitenland Bitcoins te ontvangen of juist buitenlanders met de digitale valuta te betalen.
vrijdag 26 juli 2013
Kapitaaloverdracht verloopt sneller
De overdracht van particulier kapitaal tussen financiële instellingen verloopt aanzienlijk sneller sedert het Verbond van Verzekeraars en de Nederlandse Vereniging van Banken (NVB) medio vorig jaar een nieuw protocol overeenkwamen. Het overgrote deel van de kapitaal-overdrachten (95 procent) wordt nu gerealiseerd binnen 14 dagen nadat de overdragende partij alle benodigde documenten heeft ontvangen, zo blijkt uit een eerste evaluatie door het Centrum voor Verzekeringsstatistiek.
Doel van het Protocol Stroomlijning Kapitaaloverdracht (PSK) is om de fiscaal geruisloze overdacht van kapitaal van consumenten - bijvoorbeeld bij de expiratie of afkoop van een bankspaarproduct, lijfrente of beleggingsverzekering - te vergemakkelijken en versnellen. Daartoe zijn afspraken gemaakt over doorlooptijd, procedures en formulieren die gebruikt moeten worden. Ook wordt de klant meer zekerheid geboden, doordat hij recht heeft op een wettelijke rentevergoeding als de overdracht langer duurt dan veertien dagen.
Het PSK blijkt in de praktijk zijn nut te bewijzen. Vorig jaar in de maanden maart en juni werd in ongeveer 84 procent van de gevallen het particulier kapitaal binnen 14 dagen overgeboekt, in de periode april-mei van dit jaar was deze score verbeterd tot 95%. Uit een enquête onder de deelnemers aan het PSK blijkt dat ook in de situaties waarin de overdracht langer duurt dan 14 dagen verbetering optrad. Zo daalde het aantal overdrachten waarmee 15 tot 30 dagen gemoeid was van 13 naar 4 procent en nam het aantal transacties dat langer duurde dan 30 dagen van 3 naar 1 procent.
Het Verbond van Verzekeraars en de NVB vinden de uitkomsten bemoedigend, maar blijven streven naar betere resultaten. Ook het komend jaar zal daarom de voortgang van het protocol worden gemonitord en de uitkomsten daarvan worden medio 2014 gepubliceerd.
Doel van het Protocol Stroomlijning Kapitaaloverdracht (PSK) is om de fiscaal geruisloze overdacht van kapitaal van consumenten - bijvoorbeeld bij de expiratie of afkoop van een bankspaarproduct, lijfrente of beleggingsverzekering - te vergemakkelijken en versnellen. Daartoe zijn afspraken gemaakt over doorlooptijd, procedures en formulieren die gebruikt moeten worden. Ook wordt de klant meer zekerheid geboden, doordat hij recht heeft op een wettelijke rentevergoeding als de overdracht langer duurt dan veertien dagen.
Het PSK blijkt in de praktijk zijn nut te bewijzen. Vorig jaar in de maanden maart en juni werd in ongeveer 84 procent van de gevallen het particulier kapitaal binnen 14 dagen overgeboekt, in de periode april-mei van dit jaar was deze score verbeterd tot 95%. Uit een enquête onder de deelnemers aan het PSK blijkt dat ook in de situaties waarin de overdracht langer duurt dan 14 dagen verbetering optrad. Zo daalde het aantal overdrachten waarmee 15 tot 30 dagen gemoeid was van 13 naar 4 procent en nam het aantal transacties dat langer duurde dan 30 dagen van 3 naar 1 procent.
Het Verbond van Verzekeraars en de NVB vinden de uitkomsten bemoedigend, maar blijven streven naar betere resultaten. Ook het komend jaar zal daarom de voortgang van het protocol worden gemonitord en de uitkomsten daarvan worden medio 2014 gepubliceerd.
donderdag 25 juli 2013
Schade hagelbui niet altijd gedekt door caravanverzekering
Het recente noodweer in Spanje en in sommige delen van Nederland kan voor veel vakantiegangers met een eigen caravan nare financiële gevolgen hebben. Verschillende verzekeraars bieden namelijk geen standaard dekking tegen hagelschade aan de caravan, zo blijkt uit onderzoek van financiële vergelijkingssite Geld.nl. “Indien consumenten geen aanvullende verzekering voor hagelschade hebben afgesloten, krijgen ze dus niets vergoed. En dat terwijl de kosten door hagelschade, afhankelijk van de ernst van de schade en de waarde van de caravan, in de honderden euro’s kunnen lopen”, aldus Paul Huibers van Geld.nl.
De dekking voor hagelschade aan de caravan loopt per verzekeraar flink uiteen. Sommige verzekeraars, zoals ANWB, Europeesche, Meeùs, SNS Bank en Univé, bieden geen standaard dekking voor hagelschade. Wil je hagelschade bij deze verzekeraars gedekt hebben, dan moet je een aanvullende verzekering afsluiten.
De verzekeraars noemen de schadelast van hagelschade als een van de redenen. Een woordvoerster van Univé: “Hagelschade komt sinds een aantal jaar bovenmatig veel voor en veroorzaakt veel schade aan toercaravans, wat extra schade-uitkeringen met zich meebrengt.”
Ook de keuzevrijheid van consumenten speelt een rol. “Mocht hagelschade altijd gedekt zijn, dan zou de premie hoger liggen. Klanten hebben nu zelf de keuze of zij hagelschade willen meeverzekeren”, aldus een woordvoerder van SNS Reaal.
Ook wat betreft het eigen risico in geval van hagelschade verschillen de verzekeraars. De meeste caravanverzekeraars hanteren een extra eigen risico in geval van hagelschade. De bedragen voor dit extra eigen risico lopen uiteen van 75 euro (Meeùs, Europeesche) tot 225 euro (Bovag).
Er zijn echter ook verzekeraars die geen extra risico in geval van hagelschade hanteren, zoals ANWB. “En sommige caravanverzekeraars, zoals Univé, hanteren geen eigen risico wanneer de caravan beschikt over een hagelbestendig dak of wanneer de verzekerde zijn schade laat herstellen bij een door de verzekeraar aangewezen schadeherstelbedrijf”, vult Huibers aan.
Huibers benadrukt het belang van goed vergelijken. “Verzekeraars geven zelf aan dat zij de laatste jaren last hebben van toenemende hagelschade. Dat laten de hagelbuien in Catalonië van vorige week ook zien. Consumenten moeten de kans op hagelschade dus absoluut niet onderschatten. Dit begint bij het vergelijken van verzekeraars: kijk niet alleen naar de premie, maar ook naar de voorwaarden. De kosten voor hagelschade kunnen immers flink oplopen. Een goedkope caravanverzekering die geen dekking biedt voor hagelschade of een hoog extra eigen risico rekent, kan later alsnog duurder uitvallen”, besluit Huibers.
De dekking voor hagelschade aan de caravan loopt per verzekeraar flink uiteen. Sommige verzekeraars, zoals ANWB, Europeesche, Meeùs, SNS Bank en Univé, bieden geen standaard dekking voor hagelschade. Wil je hagelschade bij deze verzekeraars gedekt hebben, dan moet je een aanvullende verzekering afsluiten.
De verzekeraars noemen de schadelast van hagelschade als een van de redenen. Een woordvoerster van Univé: “Hagelschade komt sinds een aantal jaar bovenmatig veel voor en veroorzaakt veel schade aan toercaravans, wat extra schade-uitkeringen met zich meebrengt.”
Ook de keuzevrijheid van consumenten speelt een rol. “Mocht hagelschade altijd gedekt zijn, dan zou de premie hoger liggen. Klanten hebben nu zelf de keuze of zij hagelschade willen meeverzekeren”, aldus een woordvoerder van SNS Reaal.
Ook wat betreft het eigen risico in geval van hagelschade verschillen de verzekeraars. De meeste caravanverzekeraars hanteren een extra eigen risico in geval van hagelschade. De bedragen voor dit extra eigen risico lopen uiteen van 75 euro (Meeùs, Europeesche) tot 225 euro (Bovag).
Er zijn echter ook verzekeraars die geen extra risico in geval van hagelschade hanteren, zoals ANWB. “En sommige caravanverzekeraars, zoals Univé, hanteren geen eigen risico wanneer de caravan beschikt over een hagelbestendig dak of wanneer de verzekerde zijn schade laat herstellen bij een door de verzekeraar aangewezen schadeherstelbedrijf”, vult Huibers aan.
Huibers benadrukt het belang van goed vergelijken. “Verzekeraars geven zelf aan dat zij de laatste jaren last hebben van toenemende hagelschade. Dat laten de hagelbuien in Catalonië van vorige week ook zien. Consumenten moeten de kans op hagelschade dus absoluut niet onderschatten. Dit begint bij het vergelijken van verzekeraars: kijk niet alleen naar de premie, maar ook naar de voorwaarden. De kosten voor hagelschade kunnen immers flink oplopen. Een goedkope caravanverzekering die geen dekking biedt voor hagelschade of een hoog extra eigen risico rekent, kan later alsnog duurder uitvallen”, besluit Huibers.
woensdag 24 juli 2013
Mensenrechten belangrijk punt van aandacht bij Wereldbank
Nederland is bezorgd over de kritiek dat de Wereldbank onvoldoende controleert of bij projecten die zij financiert, mensenrechten worden geschonden. Nederland zal hierover vragen stellen aan de Wereldbank. Dat stelt minister Lilianne Ploumen (Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking) dinsdag in reactie op het rapport Abuse-free Development van Human Rights Watch.
‘De Wereldbank beschikt over uitgebreide interne controlemechanismen om de naleving van mensenrechten te waarborgen. Het rapport van HRW maakt echter duidelijk dat deze ‘papieren’ mechanismen in de praktijk niet altijd toereikend zijn. Momenteel werkt de Wereldbank aan een herziening van de interne controles. Nederland spreekt daarover mee in de rol van aandeelhouder. De aanbevelingen van het HRW-rapport ondersteunen onze inzet daarbij’, aldus Ploumen.
Eind vorig jaar faciliteerde Nederland al een gesprek met diverse maatschappelijke organisaties, waaronder Human Rights Watch, om de herziening van de controlemechanismen van de Wereldbank te bespreken. Daarbij is de bescherming van mensenrechten expliciet aan bod gekomen.
De Wereldbank opereert vanwege de aard van haar werkzaamheden als grootste financier van ontwikkelingsprojecten in moeilijke en onoverzichtelijke gebieden. Onder dit soort omstandigheden bestaat een groter risico schendingen van mensenrechten. Nederland zet zich in om deze risico’s tot een minimum te beperken.
‘De Wereldbank beschikt over uitgebreide interne controlemechanismen om de naleving van mensenrechten te waarborgen. Het rapport van HRW maakt echter duidelijk dat deze ‘papieren’ mechanismen in de praktijk niet altijd toereikend zijn. Momenteel werkt de Wereldbank aan een herziening van de interne controles. Nederland spreekt daarover mee in de rol van aandeelhouder. De aanbevelingen van het HRW-rapport ondersteunen onze inzet daarbij’, aldus Ploumen.
Eind vorig jaar faciliteerde Nederland al een gesprek met diverse maatschappelijke organisaties, waaronder Human Rights Watch, om de herziening van de controlemechanismen van de Wereldbank te bespreken. Daarbij is de bescherming van mensenrechten expliciet aan bod gekomen.
De Wereldbank opereert vanwege de aard van haar werkzaamheden als grootste financier van ontwikkelingsprojecten in moeilijke en onoverzichtelijke gebieden. Onder dit soort omstandigheden bestaat een groter risico schendingen van mensenrechten. Nederland zet zich in om deze risico’s tot een minimum te beperken.
Woonfonds Hypotheken voortaan ook via SNS Bank
Vanaf 22 juli maakt Woonfonds Hypotheken deel uit van de SNS Huisselectie, het hypotheekassortiment van SNS Bank met ook hypotheken van andere aanbieders. Woonfonds biedt een aantal transparante en eenvoudige hypotheken met flexibele en klantgerichte productvoorwaarden die klanten zekerheid bieden. Woonfonds past dan ook goed bij de SNS Huisselectie. SNS Bank is de enige bank met hypotheken van andere aanbieders in haar assortiment. Dit maakt een onafhankelijk hypotheekadvies mogelijk, dat optimaal is toegesneden op de wensen van de klant.
SNS Bank is de enige bank die, inmiddels al sinds 2009, ook hypotheken van andere aanbieders in haar assortiment heeft. "Klanten van SNS Bank krijgen op basis van een breed assortiment een hypotheekadvies met een concurrerende prijs, dat is toegesneden op hun wensen. Deze 'SNS Huisselectie' bevat negen verschillende hypotheekmerken", aldus Ronald Pieters, directeur Advies bij SNS Bank. Voor een hypotheekadvies inclusief het afsluiten van bijbehorende verzekeringen vraagt SNS Bank € 2.195. Het brede assortiment sluit aan bij de wens van consumenten zich breed te kunnen oriënteren voordat zij een definitieve keuze voor een hypotheekaanbieder maken.
Woonfonds is onderdeel van Achmea en biedt sinds 1973 hypotheken aan particulieren aan. Woonfonds biedt een aantal transparante en eenvoudige hypotheken met flexibele productvoorwaarden die de klant zekerheid bieden. Woonfonds Hypotheken passen dan ook bij de wens van SNS Bank voor producten die klanten leveren wat klanten er van verwachten. Hierdoor scoort de Woonfonds Annuïteitenhypotheek Comfort Lijn voor flexibiliteit ook vijf sterren in de MoneyView ProductRating. Woonfonds Hypotheken heeft regelmatig scherpe rentetarieven, met name ivoor NHG hypotheken. Met de uitbreiding van het assortiment met Woonfonds Hypotheken, vergroot SNS Bank de mogelijkheden voor klanten op een hypotheek met een structureel concurrerende prijs en kwaliteit binnen het assortiment.
SNS Bank is de enige bank die, inmiddels al sinds 2009, ook hypotheken van andere aanbieders in haar assortiment heeft. "Klanten van SNS Bank krijgen op basis van een breed assortiment een hypotheekadvies met een concurrerende prijs, dat is toegesneden op hun wensen. Deze 'SNS Huisselectie' bevat negen verschillende hypotheekmerken", aldus Ronald Pieters, directeur Advies bij SNS Bank. Voor een hypotheekadvies inclusief het afsluiten van bijbehorende verzekeringen vraagt SNS Bank € 2.195. Het brede assortiment sluit aan bij de wens van consumenten zich breed te kunnen oriënteren voordat zij een definitieve keuze voor een hypotheekaanbieder maken.
Woonfonds is onderdeel van Achmea en biedt sinds 1973 hypotheken aan particulieren aan. Woonfonds biedt een aantal transparante en eenvoudige hypotheken met flexibele productvoorwaarden die de klant zekerheid bieden. Woonfonds Hypotheken passen dan ook bij de wens van SNS Bank voor producten die klanten leveren wat klanten er van verwachten. Hierdoor scoort de Woonfonds Annuïteitenhypotheek Comfort Lijn voor flexibiliteit ook vijf sterren in de MoneyView ProductRating. Woonfonds Hypotheken heeft regelmatig scherpe rentetarieven, met name ivoor NHG hypotheken. Met de uitbreiding van het assortiment met Woonfonds Hypotheken, vergroot SNS Bank de mogelijkheden voor klanten op een hypotheek met een structureel concurrerende prijs en kwaliteit binnen het assortiment.
maandag 22 juli 2013
'ABN volgend jaar klaar voor privatisering'
ABN Amro is volgende zomer klaar om geprivatiseerd te worden. Dat zegt topman Gerrit Zalm in een gesprek met de Financial Times. Zalm wil binnen ongeveer een jaar' het concern in gereedheid hebben gebracht, zodat de overheid het belang van 100 procent van de hand kan doen. "We bereiden ons voor. Maar het is een kwestie van timing", aldus Zalm, die daarbij aangeeft dat het niet duidelijk is hoe de financiële markten er op dat moment uitzien. Volgens de bestuurder ligt de definitieve beslissing bij minister van Financiën Jeroen Dijsselbloem.
woensdag 17 juli 2013
Meer en professioneler vraag naar crowdfunding
Symbid biedt een nieuwe dienst waardoor ook grotere investeerders op betrouwbaarder wijze aan crowdfunding kunnen doen. Daartoe sluit het Rotterdamse bedrijf een samenwerking met kredietbemiddelaar Credion. Hierdoor wordt een nieuwe dienst mogelijk: Symbid Groups. Daarbij kan een persoon, instelling of banken een gebruikersgroep aanmaken van belangstellende investeerders. Dat moet leiden tot investeringssommen die groter zijn dan wat individuen via het platform bij elkaar kunnen brengen.
maandag 15 juli 2013
Delta Lloyd verlaagt de premies voor overlijdensrisicoverzekeringen
Delta Lloyd verlaagt de premies voor de overlijdensrisicoverzekering met gemiddeld 10%. Naast de tariefswijziging is er een aantal verbeteringen doorgevoerd in het offreren en het aanvragen van een overlijdensrisicoverzekering.
De premieverlaging is een gevolg van de gestegen levensverwachtingen. Delta Lloyd maakt gebruik van de meest actuele grondslagen uit de prognosetafels om de premies vast te stellen. De tariefsverbetering geldt vanaf heden voor nieuwe contracten.
Het offreren en aanvragen van de overlijdensrisicoverzekering via Delta Lloyd Digitaal Domein is nu gebruiksvriendelijker. Met verbeterde offerteschermen en de informatiebuttons is het nu nog gemakkelijker om een overlijdensrisicoverzekering te offreren. Daarnaast zijn de offertes klantvriendelijker en duidelijker opgesteld zodat de klant het beter begrijpt.
De premieverlaging is een gevolg van de gestegen levensverwachtingen. Delta Lloyd maakt gebruik van de meest actuele grondslagen uit de prognosetafels om de premies vast te stellen. De tariefsverbetering geldt vanaf heden voor nieuwe contracten.
Het offreren en aanvragen van de overlijdensrisicoverzekering via Delta Lloyd Digitaal Domein is nu gebruiksvriendelijker. Met verbeterde offerteschermen en de informatiebuttons is het nu nog gemakkelijker om een overlijdensrisicoverzekering te offreren. Daarnaast zijn de offertes klantvriendelijker en duidelijker opgesteld zodat de klant het beter begrijpt.
vrijdag 12 juli 2013
Eén op drie ondernemers wil weg bij huisbank
Ondernemers geven lage rapportcijfers aan hun huisbank. Eén op drie wil overstappen, maar slechts één op zes ziet daartoe ook echt mogelijkheden. Dat blijkt uit onderzoek van marktonderzoeksbureau DVJ insights in opdracht van Z24 en met medewerking van faillissementsdossier.nl. Meer dan 500 ondernemers deden mee aan het onderzoek over de ervaringen met hun huisbankier. Daarvan zijn twee op vijf zzp'er en nog eens twee op vijf eigenaar bij een bedrijf tot 20 werknemers.
Grootbanken Rabobank, ABN Amro en ING krijgen alle drie een rapportcijfer dat net onder de zes ligt. Rabobank scoort van de drie grote banken het zwakst onder ondernemers. Op vrijwel alle gebieden, of het nu gaat om service, kredietverlening of de bereikbaarheid, krijgt de bank een lagere waardering van haar eigen klanten dan ABN Amro of ING.
"Hoe ontevreden ondernemers ook over hun bank zijn, overstappen is vaak geen optie", zegt Jeroen de Boer, redacteur van Z24. Zeventien procent overweegt de komende zes maanden zijn heil bij een andere bank te zoeken. Nog eens 19 procent wil wel, maar zegt niet weg te kunnen, mede vanwege verstrengeling met privé-financiën bij dezelfde bank. Van de gepeilde ondernemers zegt 64 procent te blijven zitten waar hij of zij zit.
Bij de groep die van plan is over te stappen is slechts een kwart zzp'er, tegen 40 procent van alle ondervraagden. Ofwel: het gros van de ondernemers die wil overstappen betreft bedrijven met personeel. Voor de groep die wel wil overstappen, maar zegt dat niet te kunnen, is het beeld vergelijkbaar.
Rabobank krijgt van haar klanten een 5,66. ABN Amro doet het een fractie beter met 5,68. ING doet het met een 5,85 van de drie grote banken het beste.
Van de gepeilde klanten is 57 procent bij Rabobank ontevreden of zelfs zeer ontevreden over de kredietverlening bij de bank, tegen 52 procent van de klanten van ABN Amro en 48 procent van de ING-klanten.
ING scoort op bijna alle vragen net ietsje beter dan de ander twee. Zo is 67 procent van de ING-klanten niet ontevreden of zelfs tevreden als het gaat om de helderheid van de tarieven en de producten. Bij ABN Amro is dat percentage 61 procent, bij Rabobank 59 procent.
Wat betreft de branches willen relatief veel ondernemers uit de detail- en groothandel overstappen naar een andere bank.
Ondernemers werd ook gevraagd naar de kredietverlening door hun bank. In lijn met alle berichten en eerdere onderzoeken, blijkt ook uit dit onderzoek dat ondernemers voor een lening weinig kans maken bij de bank.
Een derde van de ondernemers heeft in de afgelopen twee jaar wel een poging gedaan om geld van de bank te lenen. Maar deze aanvragen, of het nu ging om een nieuw krediet of een ophoging van de bestaande kredietfaciliteit, werden in 64 procent van de gevallen rigoureus door de bank afgewezen. "Je kunt wel geld krijgen, maar alleen als het niet nodig hebt", merkte een ondernemer cynisch op.
Grootbanken Rabobank, ABN Amro en ING krijgen alle drie een rapportcijfer dat net onder de zes ligt. Rabobank scoort van de drie grote banken het zwakst onder ondernemers. Op vrijwel alle gebieden, of het nu gaat om service, kredietverlening of de bereikbaarheid, krijgt de bank een lagere waardering van haar eigen klanten dan ABN Amro of ING.
"Hoe ontevreden ondernemers ook over hun bank zijn, overstappen is vaak geen optie", zegt Jeroen de Boer, redacteur van Z24. Zeventien procent overweegt de komende zes maanden zijn heil bij een andere bank te zoeken. Nog eens 19 procent wil wel, maar zegt niet weg te kunnen, mede vanwege verstrengeling met privé-financiën bij dezelfde bank. Van de gepeilde ondernemers zegt 64 procent te blijven zitten waar hij of zij zit.
Bij de groep die van plan is over te stappen is slechts een kwart zzp'er, tegen 40 procent van alle ondervraagden. Ofwel: het gros van de ondernemers die wil overstappen betreft bedrijven met personeel. Voor de groep die wel wil overstappen, maar zegt dat niet te kunnen, is het beeld vergelijkbaar.
Rabobank krijgt van haar klanten een 5,66. ABN Amro doet het een fractie beter met 5,68. ING doet het met een 5,85 van de drie grote banken het beste.
Van de gepeilde klanten is 57 procent bij Rabobank ontevreden of zelfs zeer ontevreden over de kredietverlening bij de bank, tegen 52 procent van de klanten van ABN Amro en 48 procent van de ING-klanten.
ING scoort op bijna alle vragen net ietsje beter dan de ander twee. Zo is 67 procent van de ING-klanten niet ontevreden of zelfs tevreden als het gaat om de helderheid van de tarieven en de producten. Bij ABN Amro is dat percentage 61 procent, bij Rabobank 59 procent.
Wat betreft de branches willen relatief veel ondernemers uit de detail- en groothandel overstappen naar een andere bank.
Ondernemers werd ook gevraagd naar de kredietverlening door hun bank. In lijn met alle berichten en eerdere onderzoeken, blijkt ook uit dit onderzoek dat ondernemers voor een lening weinig kans maken bij de bank.
Een derde van de ondernemers heeft in de afgelopen twee jaar wel een poging gedaan om geld van de bank te lenen. Maar deze aanvragen, of het nu ging om een nieuw krediet of een ophoging van de bestaande kredietfaciliteit, werden in 64 procent van de gevallen rigoureus door de bank afgewezen. "Je kunt wel geld krijgen, maar alleen als het niet nodig hebt", merkte een ondernemer cynisch op.
Vrouwen zeer kritisch op de financiële levenswandel partner
Vrouwen zijn zeer kritisch op de financiële levenswandel van hun toekomstige levenspartner. Ruim twee op de vijf vrouwen (41 procent) vindt het heel belangrijk dat de kandidaat-partner zijn zaakjes financieel op orde heeft. Bij mannen (20 procent) ligt die noodzaak beduidend lager. Vrouwen voelen er ook weinig voor om financieel bij te dragen aan bestaande verplichtingen (kind, alimentatie, schulden) van een kandidaat-partner, blijkt uit onderzoek dat Ruigrok | NetPanel in opdracht van datingsite PARSHIP heeft uitgevoerd onder 650 singles van 18-69 jaar.
Vooral de inbreng van een kind door een nieuwe partner brengt een duidelijk verschil tussen man en vrouw aan het licht. Dik veertig procent (42) van de vrouwen vindt dat de man binnen de nieuwe relatie extra moet bijdragen voor een 'ingebrachte' zoon of dochter. Voor slechts 23 procent van de mannen is dat een hard punt.
'Deze cijfers tonen aan dat vrouwen een steeds sterkere drang naar financiële autonomie hebben. Dat komt ook doordat van vrouwen steeds meer wordt verwacht dat ze hun eigen boontjes doppen. Er ontstaat dan haast vanzelf een scherper onderscheid tussen mijn en dijn', constateert single-coach Nicole Vening van Van Een Naar Twee. Ze vindt dat aanstaande partners veel eerder open met elkaar in gesprek moeten gaan over hun uitgavenpatronen. 'Dat voorkomt oplopende spanningen in een later stadium.'
Drie op vijf vrouwen (61 procent) vindt het vanzelfsprekend een inkomensafhankelijk deel bij te dragen aan de gezamenlijke pot, verduidelijkt Vening die vooral alleenstaande vrouwen helpt bij het vinden van een nieuwe partner. 'En op het deel dat op hun eigen rekening blijft willen ze niet aangesproken worden. Onder het motto: da's niet jouw maar mijn pakkie-an. In mijn praktijk merk ik dat vooral hoger opgeleide vrouwen hier principieel in zitten. De aanwezigheid van financiële ballast bij een potentiële partner schrikt deze vrouwen haast bij voorbaat af om een relatie aan te gaan.'
De autonomietrend is in het PARSHIP-onderzoek ook terug te zien in de manier hoe nieuwe partners de gezamenlijke rekening willen gebruiken. De en/of-rekening is in hun ogen vooral voor het betalen van de huur/hypotheek (57 procent), gas/water/licht (56 procent) en boodschappen (50 procent). Verder geeft slechts 35 procent de rekening voor alle uitgaven te willen gebruiken. Vrouwen (32 procent) zijn daar nog iets terughoudender in dan mannen. En als er sprake is van een openstaande schuld van de partner dan is dat voor 57 procent van de vrouwen (tegen 51 procent van de mannen) reden om helemaal niet aan een en/of-rekening te beginnen.
Volgens Vening ontstaat er zo een merkwaardig onderscheid tussen ogenschijnlijk sluitende financiële afspraken en je eigen gevoel in een relatie. 'Terwijl die twee elementen juist in elkaar overlopen, óók in het begin van een relatie. In feite is een en/of-rekening behalve een financiële rekening ook een emotionele rekening. Het staat namelijk ook voor het samen aangaan van lusten en lasten, in voor en tegenspoed om het old school te zeggen. Maar juist dat emotionele aspect bepaalt uiteindelijk de waarde van je relatie.'
Vooral vrouwen doen zichzelf in deze situatie tekort, aldus Vening. 'Vrouwen benaderen een relatie veel zakelijker dan voorheen, zowel in financieel als emotioneel opzicht. Een man mag niet te veel gedonder met zijn ex hebben, of gedoe met kids uit een eerdere relatie. Terwijl als een man inzit over zijn kinderen dat juist voor hem pleit. Kennelijk is zo'n man zorgzaam en gaat hij zijn verantwoordelijkheden niet uit de weg. Op zich eigenschappen die ieder bij zijn partner zou wensen.'
Vooral de inbreng van een kind door een nieuwe partner brengt een duidelijk verschil tussen man en vrouw aan het licht. Dik veertig procent (42) van de vrouwen vindt dat de man binnen de nieuwe relatie extra moet bijdragen voor een 'ingebrachte' zoon of dochter. Voor slechts 23 procent van de mannen is dat een hard punt.
'Deze cijfers tonen aan dat vrouwen een steeds sterkere drang naar financiële autonomie hebben. Dat komt ook doordat van vrouwen steeds meer wordt verwacht dat ze hun eigen boontjes doppen. Er ontstaat dan haast vanzelf een scherper onderscheid tussen mijn en dijn', constateert single-coach Nicole Vening van Van Een Naar Twee. Ze vindt dat aanstaande partners veel eerder open met elkaar in gesprek moeten gaan over hun uitgavenpatronen. 'Dat voorkomt oplopende spanningen in een later stadium.'
Drie op vijf vrouwen (61 procent) vindt het vanzelfsprekend een inkomensafhankelijk deel bij te dragen aan de gezamenlijke pot, verduidelijkt Vening die vooral alleenstaande vrouwen helpt bij het vinden van een nieuwe partner. 'En op het deel dat op hun eigen rekening blijft willen ze niet aangesproken worden. Onder het motto: da's niet jouw maar mijn pakkie-an. In mijn praktijk merk ik dat vooral hoger opgeleide vrouwen hier principieel in zitten. De aanwezigheid van financiële ballast bij een potentiële partner schrikt deze vrouwen haast bij voorbaat af om een relatie aan te gaan.'
De autonomietrend is in het PARSHIP-onderzoek ook terug te zien in de manier hoe nieuwe partners de gezamenlijke rekening willen gebruiken. De en/of-rekening is in hun ogen vooral voor het betalen van de huur/hypotheek (57 procent), gas/water/licht (56 procent) en boodschappen (50 procent). Verder geeft slechts 35 procent de rekening voor alle uitgaven te willen gebruiken. Vrouwen (32 procent) zijn daar nog iets terughoudender in dan mannen. En als er sprake is van een openstaande schuld van de partner dan is dat voor 57 procent van de vrouwen (tegen 51 procent van de mannen) reden om helemaal niet aan een en/of-rekening te beginnen.
Volgens Vening ontstaat er zo een merkwaardig onderscheid tussen ogenschijnlijk sluitende financiële afspraken en je eigen gevoel in een relatie. 'Terwijl die twee elementen juist in elkaar overlopen, óók in het begin van een relatie. In feite is een en/of-rekening behalve een financiële rekening ook een emotionele rekening. Het staat namelijk ook voor het samen aangaan van lusten en lasten, in voor en tegenspoed om het old school te zeggen. Maar juist dat emotionele aspect bepaalt uiteindelijk de waarde van je relatie.'
Vooral vrouwen doen zichzelf in deze situatie tekort, aldus Vening. 'Vrouwen benaderen een relatie veel zakelijker dan voorheen, zowel in financieel als emotioneel opzicht. Een man mag niet te veel gedonder met zijn ex hebben, of gedoe met kids uit een eerdere relatie. Terwijl als een man inzit over zijn kinderen dat juist voor hem pleit. Kennelijk is zo'n man zorgzaam en gaat hij zijn verantwoordelijkheden niet uit de weg. Op zich eigenschappen die ieder bij zijn partner zou wensen.'
donderdag 11 juli 2013
ING BeleggersBarometer: Positieve stemming houdt niet aan
Het sentiment onder particuliere beleggers blijft wisselend. Waar de ING BeleggersBarometer in mei nog uitkwam op 110, de hoogste stand van dit jaar, kelderde in juni de stemming naar een dieptepunt van 91 punten. Beleggers waren in juni negatiever over de economie en over de waarde van hun beleggingen over het afgelopen kwartaal. Ook zijn ze minder positief over de komende drie maanden wat betreft economie, beleggingen, de eigen financiële situatie en over de vooruitzichten voor de AEX. Dit blijkt uit het maandelijks onderzoek onder particuliere beleggers in opdracht van het ING Investment Office.
De verwachting dat de centrale banken hun monetaire stimulering zullen verminderen, zorgt voor een grillig klimaat op de beurzen en onder beleggers. Daarnaast lijkt de groei in China te stagneren. “Door deze ontwikkelingen kregen de beurzen over de hele linie klappen en dat doet de stemming natuurlijk geen goed,” aldus Bob Homan, hoofd van het ING Investment Office. “Overigens denken wij dat het zo’n vaart niet zal lopen met dat afbouwen van het steunpakket. Ook voorzien we dat – ondanks de hobbel van de afgelopen maand – de rente toch op een laag niveau zal blijven. Maar de schommeling van de BeleggersBarometer geeft wel aan hoe nerveus particuliere beleggers zijn en hoe duidelijk de financiële markten invloed hebben op hun stemming met betrekking tot de economie en de eigen financiële situatie.” Waar het dalende sentiment voor veel beleggers aanleiding is om hun portefeuille te herzien, waarschuwt Homan voor overhaaste beslissingen. “Beleggers geven bijvoorbeeld aan minder geld in vastgoed te willen steken, terwijl de markt daar de afgelopen tijd veel heeft laten liggen (17% daling in 1 maand). Daar zit juist een kans op verbetering.”
De cijfers uit de BeleggersBarometer laten een duidelijk negatief beeld zien. Zag vorige maand nog 21% van de beleggers de economie verbeteren, in juni was dat nog maar 12%. Het percentage beleggers dat een verslechtering ziet, steeg van 42% naar 59%. En nog maar een derde zag de waarde van de eigen beleggingen stijgen, terwijl dat in mei nog bijna de helft was. Voor het komende kwartaal is het ook somberheid troef. Nog maar 17% van de beleggers verwacht een verbetering van de economie (was 31%), terwijl het percentage dat een verslechtering verwacht is gestegen van 30% naar 44%. Voor de eigen financiële situatie verwacht nu 13% een verbetering (was 20%). En de groep die uitgaat van een stijging van de waarde van de beleggingen is gedaald naar 29% (was 41%), terwijl het percentage dat een daling verwacht, is gegroeid naar 20% (was 11%).
Het ligt dan ook voor de hand dat nog maar een derde van de beleggers verwacht dat de AEX het komende kwartaal gaat stijgen, tegenover de helft in mei. 29% denkt dat de AEX gaat dalen, terwijl dat in mei nog maar 16% was. Over de verwachte stand van de AEX over drie maanden zijn beleggers ook aanzienlijk gematigder. Was die in mei nog 374, nu denken ze aan 358.
In maart van dit jaar voorspelden beleggers dat de AEX eind juni op 356 zou staan. Maar de index sloot de maand af met een stand van slechts 344,59. Beleggers waren dus in maart een dikke 11 punten te optimistisch, zo blijkt nu.
Ondanks alles verwacht nog steeds iets minder dan een derde van de beleggers nieuw geld naar de beurs te gaan brengen. En weer zouden de meesten van hen dat in aandelen steken, al is het enthousiasme hiervoor wel gedaald van 91% naar 82%. Datzelfde geldt voor obligaties. Daarvan daalde de populariteit van 38% naar 35%.Grondstoffen zijn helemaal minder in de gratie geraakt met een daling van 42% naar 25%. Ook kiest nog maar 21% voor een belegging in beursgenoteerd vastgoed, terwijl dat in mei nog 32% was. De top-4 van favoriete sectoren bestaat nog steeds uit energie, dagelijkse consumentengoederen, informatietechnologie en nutsbedrijven.
Ruim de helft van de beleggers is niet van plan tijdens de vakantie naar de beleggingen om te kijken of om bepaalde maatregelen te nemen. Bijna 1 op de 5 houdt de portefeuille wél actief bij. De overige beleggers nemen andere maatregelen, zoals overdragen (14%) of risico’s afbouwen (13%).
De verwachting dat de centrale banken hun monetaire stimulering zullen verminderen, zorgt voor een grillig klimaat op de beurzen en onder beleggers. Daarnaast lijkt de groei in China te stagneren. “Door deze ontwikkelingen kregen de beurzen over de hele linie klappen en dat doet de stemming natuurlijk geen goed,” aldus Bob Homan, hoofd van het ING Investment Office. “Overigens denken wij dat het zo’n vaart niet zal lopen met dat afbouwen van het steunpakket. Ook voorzien we dat – ondanks de hobbel van de afgelopen maand – de rente toch op een laag niveau zal blijven. Maar de schommeling van de BeleggersBarometer geeft wel aan hoe nerveus particuliere beleggers zijn en hoe duidelijk de financiële markten invloed hebben op hun stemming met betrekking tot de economie en de eigen financiële situatie.” Waar het dalende sentiment voor veel beleggers aanleiding is om hun portefeuille te herzien, waarschuwt Homan voor overhaaste beslissingen. “Beleggers geven bijvoorbeeld aan minder geld in vastgoed te willen steken, terwijl de markt daar de afgelopen tijd veel heeft laten liggen (17% daling in 1 maand). Daar zit juist een kans op verbetering.”
De cijfers uit de BeleggersBarometer laten een duidelijk negatief beeld zien. Zag vorige maand nog 21% van de beleggers de economie verbeteren, in juni was dat nog maar 12%. Het percentage beleggers dat een verslechtering ziet, steeg van 42% naar 59%. En nog maar een derde zag de waarde van de eigen beleggingen stijgen, terwijl dat in mei nog bijna de helft was. Voor het komende kwartaal is het ook somberheid troef. Nog maar 17% van de beleggers verwacht een verbetering van de economie (was 31%), terwijl het percentage dat een verslechtering verwacht is gestegen van 30% naar 44%. Voor de eigen financiële situatie verwacht nu 13% een verbetering (was 20%). En de groep die uitgaat van een stijging van de waarde van de beleggingen is gedaald naar 29% (was 41%), terwijl het percentage dat een daling verwacht, is gegroeid naar 20% (was 11%).
Het ligt dan ook voor de hand dat nog maar een derde van de beleggers verwacht dat de AEX het komende kwartaal gaat stijgen, tegenover de helft in mei. 29% denkt dat de AEX gaat dalen, terwijl dat in mei nog maar 16% was. Over de verwachte stand van de AEX over drie maanden zijn beleggers ook aanzienlijk gematigder. Was die in mei nog 374, nu denken ze aan 358.
In maart van dit jaar voorspelden beleggers dat de AEX eind juni op 356 zou staan. Maar de index sloot de maand af met een stand van slechts 344,59. Beleggers waren dus in maart een dikke 11 punten te optimistisch, zo blijkt nu.
Ondanks alles verwacht nog steeds iets minder dan een derde van de beleggers nieuw geld naar de beurs te gaan brengen. En weer zouden de meesten van hen dat in aandelen steken, al is het enthousiasme hiervoor wel gedaald van 91% naar 82%. Datzelfde geldt voor obligaties. Daarvan daalde de populariteit van 38% naar 35%.Grondstoffen zijn helemaal minder in de gratie geraakt met een daling van 42% naar 25%. Ook kiest nog maar 21% voor een belegging in beursgenoteerd vastgoed, terwijl dat in mei nog 32% was. De top-4 van favoriete sectoren bestaat nog steeds uit energie, dagelijkse consumentengoederen, informatietechnologie en nutsbedrijven.
Ruim de helft van de beleggers is niet van plan tijdens de vakantie naar de beleggingen om te kijken of om bepaalde maatregelen te nemen. Bijna 1 op de 5 houdt de portefeuille wél actief bij. De overige beleggers nemen andere maatregelen, zoals overdragen (14%) of risico’s afbouwen (13%).
maandag 8 juli 2013
Wetsvoorstel financieel-economische criminaliteit naar Tweede Kamer
Er komen hogere straffen voor witwassen en corruptie. Dit blijkt uit een wetsvoorstel dat minister Opstelten van Veiligheid en Justitie bij de Tweede Kamer heeft ingediend. Ook wordt de strafbaarstelling van misbruik van gemeenschapsgeld (subsidiegelden) verruimd. Verder wordt de maximale boete voor bedrijven in de toekomst meer afhankelijk gemaakt van hun jaaromzet.
Om crimineel gewin harder en effectiever te kunnen aanpakken, verhoogt de bewindsman de strafmaxima voor de verschillende vormen van witwassen. De maximumstraf voor het ‘kale’ delict wordt verhoogd van vier naar zes jaar gevangenisstraf. Gebeurt het witwassen uit gewoonte, of in de uitoefening van een beroep dan wordt de gevangenisstraf maximaal acht jaarHet kabinet zet verder hard in op het handhaven van de integriteit in de publieke sector. Omkoping van ambtenaren wordt in het vervolg bestraft met een maximale gevangenisstraf van zes jaar. Ook de strafmaat voor corruptie in de private sector gaat omhoog – van twee naar vier jaar. Daarbij wordt de reikwijdte van de strafbaarstelling van omkopingspraktijken in de private sector uitgebreid. Het gaat daarbij bijvoorbeeld om gevallen waarin dienstverleners als accountants en taxateurs worden omgekocht om malversaties door de vingers te zien of om een onjuiste waardebepaling van een onroerende zaak af te geven.
Ook gaat de gevangenisstraf omhoog naar maximaal vier jaar voor daders van economische delicten die stelselmatig de regels aan hun laars lappen. Bijvoorbeeld afvalverwerkingsbedrijven die bij herhaling milieuvoorschriften negeren of malafide financiële instellingen. Zij vervalsen de concurrentie met ondernemers die zich wel aan de regels houden en veroorzaken vaak grote maatschappelijke schade.
Het wetsvoorstel bevat nog andere maatregelen om de strijd met financieel-economische criminaliteit aan te binden. Zo wordt de maximale boete die rechtspersonen kunnen krijgen wanneer zich schuldig maken aan strafbare feiten voortaan gekoppeld aan hun draagkracht. Op kapitaalkrachtige ondernemingen maken de huidige geldboetes vaak weinig indruk. Daarom kan de rechter straks een hogere geldboete opleggen: tot maximaal tien procent van de jaaromzet van de onderneming.
Ten slotte wordt de procedure versneld om te beoordelen of advocaten of notarissen zich bij inbeslagneming in het kader van een opsporingsonderzoek terecht beroepen op hun verschoningsrecht. Hierdoor zullen onderzoeken naar financieel-economische criminaliteit minder vertraging ondervinden als o.a. bij inbeslagneming van de kantooradministratie van een frauderende onderneming correspondentie met advocaten of notarissen wordt aangetroffen.
VEH: Bank helpt klant te weinig bij betalingsproblemen hypotheek
Huiseigenaren voelen zich in de steek gelaten als zij tevergeefs hun bank om advies en hulp vragen omdat ze de maandelijkse hypotheeklasten niet meer kunnen betalen. Veel huiseigenaren worden radeloos als een gesprek over hun financiële problemen niet mogelijk is, als ze botte antwoorden krijgen of als er slechts wordt gedreigd met deurwaarders, incassokosten en gedwongen verkoop. Dat blijkt uit de eerste inventarisatie van ruim 300 ervaringen met 27 geldverstrekkers die tot nu toe binnenkwamen bij het 'Meldpunt Betalingsproblemen' van Vereniging Eigen Huis.
Veel huiseigenaren die kampen met een hypotheekachterstand, of die in de nabije toekomst betalingsproblemen zien aankomen, zijn ontevreden over de wijze waarop zij bij hun bank terecht kunnen voor goede raad en hulp. De helft van de ruim 300 mensen die reageerden geeft zijn bank hiervoor de waardering 'zeer slecht' en een kwart komt niet hoger dan 'slecht'. Vijftien procent is wél tevreden over de wijze waarop de bank naar hun problemen luistert en met passende adviezen en oplossingen komt.
Hoewel er wellicht niet voor alle betalingsproblemen een oplossing kan worden gevonden rust er bij de geldverstrekker een plicht om hiervoor een uiterste inspanning te doen. Uit de ervaringen die bij het meldpunt van Vereniging Eigen Huis binnenkwamen blijkt dat er een groot verschil is tussen wat banken zeggen te doen en wat klanten hiervan ervaren als er sprake is van betalingsproblemen.
Uit een analyse van de meldingen blijkt dat huiseigenaren vinden dat bankmedewerkers slecht luisteren en zich onvoldoende verplaatsen in de situatie van de klant. Zij vinden dan ook dat er door de bank nauwelijks wordt meegedacht over hoe een betalingsachterstand kan worden beperkt of weggewerkt.
Ook horen mensen die zich oprecht zorgen maken over hun toekomst, bijvoorbeeld omdat er werkloosheid dreigt, dat ze pas voor een adviesgesprek kunnen terugkomen als er daadwerkelijk sprake is van een betalingsachterstand.
Ergernis ontstaat vooral als de bank in een reactie alleen maar wijst op de boeterente bij te late betaling of op de hypotheekvoorwaarden. Dergelijke antwoorden brengen de huiseigenaar geen stap dichter bij een oplossing. Echt boos worden mensen als er ondanks herhaalde verzoeken niet of nauwelijks wordt gereageerd. Sommige huiseigenaren ervaren dat het bijna onmogelijk lijkt om een antwoord te krijgen.
Vereniging Eigen Huis wil dat banken het contact en de communicatie met hun klanten snel verbeteren en gaat de eerste resultaten van het meldpunt betalingsproblemen op korte termijn bespreken met de betreffende banken. Dat is nodig omdat steeds meer mensen problemen krijgen om aan hun hypotheekverplichtingen te voldoen, onder meer door de oplopende werkloosheid.
Huiseigenaren moeten ervaren dat hun bank meedenkt en helpt als er financiële problemen zijn of aankomen. Soms biedt een tijdelijke rentepauze de ruimte om een betalingsachterstand in te lopen, soms ligt de oplossing in het verlagen van de maandlasten door de hypotheek over te sluiten naar een gunstiger rentetarief. In alle gevallen moet de klant in een open adviesgesprek deskundig en passend advies krijgen van zijn geldverstrekker.
Veel huiseigenaren die kampen met een hypotheekachterstand, of die in de nabije toekomst betalingsproblemen zien aankomen, zijn ontevreden over de wijze waarop zij bij hun bank terecht kunnen voor goede raad en hulp. De helft van de ruim 300 mensen die reageerden geeft zijn bank hiervoor de waardering 'zeer slecht' en een kwart komt niet hoger dan 'slecht'. Vijftien procent is wél tevreden over de wijze waarop de bank naar hun problemen luistert en met passende adviezen en oplossingen komt.
Hoewel er wellicht niet voor alle betalingsproblemen een oplossing kan worden gevonden rust er bij de geldverstrekker een plicht om hiervoor een uiterste inspanning te doen. Uit de ervaringen die bij het meldpunt van Vereniging Eigen Huis binnenkwamen blijkt dat er een groot verschil is tussen wat banken zeggen te doen en wat klanten hiervan ervaren als er sprake is van betalingsproblemen.
Uit een analyse van de meldingen blijkt dat huiseigenaren vinden dat bankmedewerkers slecht luisteren en zich onvoldoende verplaatsen in de situatie van de klant. Zij vinden dan ook dat er door de bank nauwelijks wordt meegedacht over hoe een betalingsachterstand kan worden beperkt of weggewerkt.
Ook horen mensen die zich oprecht zorgen maken over hun toekomst, bijvoorbeeld omdat er werkloosheid dreigt, dat ze pas voor een adviesgesprek kunnen terugkomen als er daadwerkelijk sprake is van een betalingsachterstand.
Ergernis ontstaat vooral als de bank in een reactie alleen maar wijst op de boeterente bij te late betaling of op de hypotheekvoorwaarden. Dergelijke antwoorden brengen de huiseigenaar geen stap dichter bij een oplossing. Echt boos worden mensen als er ondanks herhaalde verzoeken niet of nauwelijks wordt gereageerd. Sommige huiseigenaren ervaren dat het bijna onmogelijk lijkt om een antwoord te krijgen.
Vereniging Eigen Huis wil dat banken het contact en de communicatie met hun klanten snel verbeteren en gaat de eerste resultaten van het meldpunt betalingsproblemen op korte termijn bespreken met de betreffende banken. Dat is nodig omdat steeds meer mensen problemen krijgen om aan hun hypotheekverplichtingen te voldoen, onder meer door de oplopende werkloosheid.
Huiseigenaren moeten ervaren dat hun bank meedenkt en helpt als er financiële problemen zijn of aankomen. Soms biedt een tijdelijke rentepauze de ruimte om een betalingsachterstand in te lopen, soms ligt de oplossing in het verlagen van de maandlasten door de hypotheek over te sluiten naar een gunstiger rentetarief. In alle gevallen moet de klant in een open adviesgesprek deskundig en passend advies krijgen van zijn geldverstrekker.
vrijdag 5 juli 2013
Rabobank lanceert BlackRock Mix Fondsen met lage kosten
Rabobank heeft nieuwe innovatieve mixfondsen met lage kosten van vermogensbeheerder BlackRock gelanceerd. De serie van vijf BlackRock Mix fondsen is een kwalitatief goed, laagdrempelig en transparant product, dat uitsluitend uit indexfondsen bestaat. Rabobank komt daarmee tegemoet aan klanten die zonder veel onderhoud en tegen lage kosten vermogen willen opbouwen. Het onderbrengen van de Rabo Rendemix met een vermogen van 1,5 miljard euro betekent voor de fondsen een vliegende start.
"De financiële wereld maakt momenteel belangrijke ontwikkelingen door", zegt Pim Mol, directeur Private Banking bij Rabobank Nederland. "De nadruk ligt op transparantie en eenvoud, en daarmee op het nadrukkelijker centraal stellen van het klantbelang. Met heldere tarifering, zonder productprovisies. Dat geldt ook voor beleggen. Het opnieuw inrichten van Rabo Rendemix is een belangrijke stap in de nieuwe dienstverlening. We lopen hiermee vooruit op het verbod op retourprovisies op beleggingsfondsen."
Een van de aspecten van beleggen, herbalanceren, is moeilijk om zelf te doen. Het kan wel, maar dat vraagt het tijd, kennis en geld. Wij hebben dat nu heel eenvoudig gemaakt voor onze klanten, door gebruik van de expertise en schaalgrootte van BlackRock. Klanten hebben voor het onderhoud van de mixfondsen geen adviseur nodig en de kosten zijn laag."
De BlackRock Mix fondsen sluiten goed aan bij de vijf bekende risico/rendement klantprofielen, omdat ze gebaseerd zijn op door Rabobank aangegeven verschillende beleggingscategorieën. De keuze voor de passieve mixfondsen van BlackRock past bij het uitgangspunt dat de nieuwe invulling van Rendemix eenvoudig en goedkoop moet zijn. Pim Mol: "Beleggen kan bij Rabobank op uiteenlopende manieren. We hebben oplossingen voor vermogenden, maar ook voor mensen die bijvoorbeeld op jonge leeftijd willen starten met vermogensopbouw. Dit product komt tegemoet aan de toenemende wens van klanten die geen omkijken willen hebben naar hun beleggingsportefeuille."
"De financiële wereld maakt momenteel belangrijke ontwikkelingen door", zegt Pim Mol, directeur Private Banking bij Rabobank Nederland. "De nadruk ligt op transparantie en eenvoud, en daarmee op het nadrukkelijker centraal stellen van het klantbelang. Met heldere tarifering, zonder productprovisies. Dat geldt ook voor beleggen. Het opnieuw inrichten van Rabo Rendemix is een belangrijke stap in de nieuwe dienstverlening. We lopen hiermee vooruit op het verbod op retourprovisies op beleggingsfondsen."
Een van de aspecten van beleggen, herbalanceren, is moeilijk om zelf te doen. Het kan wel, maar dat vraagt het tijd, kennis en geld. Wij hebben dat nu heel eenvoudig gemaakt voor onze klanten, door gebruik van de expertise en schaalgrootte van BlackRock. Klanten hebben voor het onderhoud van de mixfondsen geen adviseur nodig en de kosten zijn laag."
De BlackRock Mix fondsen sluiten goed aan bij de vijf bekende risico/rendement klantprofielen, omdat ze gebaseerd zijn op door Rabobank aangegeven verschillende beleggingscategorieën. De keuze voor de passieve mixfondsen van BlackRock past bij het uitgangspunt dat de nieuwe invulling van Rendemix eenvoudig en goedkoop moet zijn. Pim Mol: "Beleggen kan bij Rabobank op uiteenlopende manieren. We hebben oplossingen voor vermogenden, maar ook voor mensen die bijvoorbeeld op jonge leeftijd willen starten met vermogensopbouw. Dit product komt tegemoet aan de toenemende wens van klanten die geen omkijken willen hebben naar hun beleggingsportefeuille."
donderdag 4 juli 2013
Ondernemers: MKB-fonds verzekeraars goede stap
VNO-NCW en MKB-Nederland juichen het voornemen van verzekeraars toe om de komende drie jaar 170 miljoen euro beschikbaar te stellen voor de financiering van kleine kredieten aan het mkb. De stokkende kredietverlening door banken is een belemmering voor groei. Ieder serieus alternatief is dus welkom, aldus de ondernemersorganisaties.
De toezegging van de verzekeraars maakt onderdeel uit van het rapport van een commissie onder leiding van Delta Loyd-topman Niek Hoek, die in opdracht van het ministerie van EZ mogelijke oplossingen voor de kredietverlening aan het mkb in kaart heeft gebracht.
VNO-NCW en MKB-Nederland hadden al eerder bepleit om daarvoor (ook) vermogen van verzekeraars en pensioenfondsen in te zetten. De oprichting van een mkb-investeringsfonds waartoe een aantal verzekeraars nu heeft besloten, zien zij als een goede stap voor nu; ze hopen dan ook op een snelle realisatie. Als de economie straks weer aantrekt en bedrijven weer meer gaan investeren, zal dit fonds alleen echter niet voldoende zijn.
Positief staan de ondernemersorganisaties ook tegenover de ideeën van de commissie-Hoek om het eigen vermogen van mkb-bedrijven te versterken. Dat staat door de crisis onder druk en versterking ervan maakt bancaire financiering ook weer gemakkelijker.
VNO-NCW en MKB-Nederland vinden de voorstellen een veelbelovende eerste aanzet om pensioen- en verzekeringsgelden in te zetten voor de Nederlandse economie. Zij hopen dat verzekeraars en pensioenfondsen ook snel met het kabinet tot een akkoord komen over de financiering van hypotheken. Als verzekeraars en pensioenfondsen meer beleggen in hypotheken, ontstaat bij de banken meer ruimte voor kredietverlening aan het mkb.
De toezegging van de verzekeraars maakt onderdeel uit van het rapport van een commissie onder leiding van Delta Loyd-topman Niek Hoek, die in opdracht van het ministerie van EZ mogelijke oplossingen voor de kredietverlening aan het mkb in kaart heeft gebracht.
VNO-NCW en MKB-Nederland hadden al eerder bepleit om daarvoor (ook) vermogen van verzekeraars en pensioenfondsen in te zetten. De oprichting van een mkb-investeringsfonds waartoe een aantal verzekeraars nu heeft besloten, zien zij als een goede stap voor nu; ze hopen dan ook op een snelle realisatie. Als de economie straks weer aantrekt en bedrijven weer meer gaan investeren, zal dit fonds alleen echter niet voldoende zijn.
Positief staan de ondernemersorganisaties ook tegenover de ideeën van de commissie-Hoek om het eigen vermogen van mkb-bedrijven te versterken. Dat staat door de crisis onder druk en versterking ervan maakt bancaire financiering ook weer gemakkelijker.
VNO-NCW en MKB-Nederland vinden de voorstellen een veelbelovende eerste aanzet om pensioen- en verzekeringsgelden in te zetten voor de Nederlandse economie. Zij hopen dat verzekeraars en pensioenfondsen ook snel met het kabinet tot een akkoord komen over de financiering van hypotheken. Als verzekeraars en pensioenfondsen meer beleggen in hypotheken, ontstaat bij de banken meer ruimte voor kredietverlening aan het mkb.
woensdag 3 juli 2013
PostNL Postkantoren voortaan in geldtransacties
PostNL Postkantoren biedt klanten vanaf nu een nieuwe dienst aan. Volgens het bedrijf verwachten klanten op het postkantoor geldtransacties te kunnen doen en daarom heeft PostNL een samenwerkingsovereenkomst gesloten met het geldtransactiebedrijf MoneyGram. Met het tekenen van deze overeenkomst kunnen kanten nu op het postkantoor direct geld overmaken aan familie, medewerkers of bedrijven in binnen- en buiteland.
Welke Beheer neemt activiteiten van Huis & Hypotheek over
Welke Beheer B.V. neemt de merkenrechten, waaronder de naam en het beeldmerk Huis & Hypotheek, de domeinnamen (inclusief bijbehorende website en apps) en de franchiseovereenkomsten over van Huis & Hypotheek Nederland B.V.
Welke Financiële Diensten is een serviceformule voor financieel adviseurs die zelfstandig en onder eigen naam hun bedrijfsactiviteiten willen ontplooien. De toevoeging van Huis & Hypotheek aan de dienstverlening betekent dat Welke Financiële Diensten naast de bediening aan deze groep adviseurs, nu ook een model kent voor ondernemers die dat onder een landelijk consumentenlabel met een uniforme uitstraling willen doen.
“Welke heeft in 2010 gebroken met het traditionele concept van serviceproviding. Een bewuste keuze. Het helpen bij het effectief en efficiënt managen van de onderneming van financieel adviseurs zien wij als cruciaal. De focus moet volledig op de klant zijn. En op het advies dat naadloos aansluit bij de wensen van de klant,” zegt Cor Zwaan. “Wij zijn er zeker van dat het label Huis & Hypotheek ook in dat kader een waardevolle toevoeging biedt op ons bestaande concept.”
Welke Financiële Diensten is een serviceformule voor financieel adviseurs die zelfstandig en onder eigen naam hun bedrijfsactiviteiten willen ontplooien. De toevoeging van Huis & Hypotheek aan de dienstverlening betekent dat Welke Financiële Diensten naast de bediening aan deze groep adviseurs, nu ook een model kent voor ondernemers die dat onder een landelijk consumentenlabel met een uniforme uitstraling willen doen.
“Welke heeft in 2010 gebroken met het traditionele concept van serviceproviding. Een bewuste keuze. Het helpen bij het effectief en efficiënt managen van de onderneming van financieel adviseurs zien wij als cruciaal. De focus moet volledig op de klant zijn. En op het advies dat naadloos aansluit bij de wensen van de klant,” zegt Cor Zwaan. “Wij zijn er zeker van dat het label Huis & Hypotheek ook in dat kader een waardevolle toevoeging biedt op ons bestaande concept.”
KPMG: 'Vertrouwen in bank neemt niet toe'
Nederlandse banken slagen er niet in het vertrouwen van hun klanten terug te winnen. Eén op de vijf consumenten heeft het vertrouwen in de bank het afgelopen jaar zelfs verder zien afnemen, zo blijkt uit halfjaarlijks onderzoek van KPMG onder ruim vijfhonderd consumenten.
KPMG peilt iedere zes maanden in hoeverre banken erin slagen het vertrouwen in hun klanten te herstellen. Het vertrouwen van de consument in de bank blijkt in belangrijke mate te worden beïnvloed door incidenten, zoals storingen met internetbankieren. Daarnaast is vooral de communicatie van de bank met de klant van invloed op de vertrouwensrelatie. De ontevredenheid van de consument met zijn bank komt met name tot uitdrukking in het aantal klanten dat overweegt om over te stappen naar een andere bank.
Eén op de vier consumenten denkt na over een overstap naar een andere bank, met name voor een belegging of een spaarrekening. Voor een betaalrekening of een hypotheek is de bereidheid om over te stappen veel minder groot. Iets meer dan de helft van de onderzochte consumenten vindt dat de bank op dit moment over een bestuur beschikt dat het imago van de bank goed doet.
“Van de inspanningen die de banken zich getroosten om het vertrouwen van de consument terug te winnen, is nog weinig effect zichtbaar”, constateert Mark Straub van KPMG Financial Services. Straub: “In plaats dat het vertrouwen van de consument als gevolg van de genomen maatregelen weer langzaam toeneemt, is eerder sprake van een verdere daling. De onderzochte consumenten baseren hun vertrouwen in de bank met name op hun eigen ervaringen.
Storingen met het internetbankieren, lage rentes, onduidelijke communicatie, rente- en tariefwijzigingen en de professionaliteit en de klantvriendelijkheid van het bankpersoneel zijn factoren die van grote invloed zijn op het vertrouwen. Hoogopgeleiden blijken minder vertrouwen te hebben in hun bank dan laagopgeleiden. Zij laten zich in het algemeen meer leiden door negatieve ervaringen met hun bank. Zij storen zich bijvoorbeeld relatief vaak aan niet-integer of onvriendelijk gedrag van het bankpersoneel.
Het vertrouwen van 55-plussers in hun bank blijkt robuuster dan dat van de jongere doelgroepen. Negatieve ervaringen met hun bank blijken binnen deze leeftijdsgroep in mindere mate te leiden tot een afname van het vertrouwen. Deze groep is bovendien minder gevoelig voor onvriendelijk of niet-integer gedrag van bankpersoneel. Klanten van kleine banken blijken kritischer dan klanten van grote banken. Zij hebben vaak uit idealistische overwegingen voor hun bank gekozen. Als de bank niet langer aansluit bij hun wensen en behoeften, zullen zij eerder de overstap naar een andere bank maken.”
Uit het onderzoek van KPMG blijkt verder dat het bonussenbeleid en de complexiteit van de bancaire producten de meeste inbreuk maken op het vertrouwen van de klant in de bank. Vooral consumenten die ouder zijn dan 45 jaar vinden dat de dienstverlening van de bank te ingewikkeld is geworden.
Straub: “Een meerderheid van de onderzochte consumenten is dan ook van mening dat de bank terug moet naar de basis en haar dienstverlening moet versimpelen. Volgens 30% moet de bank dan ook producten en diensten ontwikkelen die beter aansluiten op de klantbehoeften. Bij het vertrouwen van consumenten in banken draait het dus in belangrijke mate om klantgerichtheid. Bijna de helft van de klanten vindt echter nog altijd dat de bank zich onvoldoende in zijn belang verdiept en zichtbaar in dat belang handelt.”
Het onderzoek 'Herstel van vertrouwen binnen de bancaire sector' kunt u downloaden via deze pagina.
KPMG peilt iedere zes maanden in hoeverre banken erin slagen het vertrouwen in hun klanten te herstellen. Het vertrouwen van de consument in de bank blijkt in belangrijke mate te worden beïnvloed door incidenten, zoals storingen met internetbankieren. Daarnaast is vooral de communicatie van de bank met de klant van invloed op de vertrouwensrelatie. De ontevredenheid van de consument met zijn bank komt met name tot uitdrukking in het aantal klanten dat overweegt om over te stappen naar een andere bank.
Eén op de vier consumenten denkt na over een overstap naar een andere bank, met name voor een belegging of een spaarrekening. Voor een betaalrekening of een hypotheek is de bereidheid om over te stappen veel minder groot. Iets meer dan de helft van de onderzochte consumenten vindt dat de bank op dit moment over een bestuur beschikt dat het imago van de bank goed doet.
“Van de inspanningen die de banken zich getroosten om het vertrouwen van de consument terug te winnen, is nog weinig effect zichtbaar”, constateert Mark Straub van KPMG Financial Services. Straub: “In plaats dat het vertrouwen van de consument als gevolg van de genomen maatregelen weer langzaam toeneemt, is eerder sprake van een verdere daling. De onderzochte consumenten baseren hun vertrouwen in de bank met name op hun eigen ervaringen.
Storingen met het internetbankieren, lage rentes, onduidelijke communicatie, rente- en tariefwijzigingen en de professionaliteit en de klantvriendelijkheid van het bankpersoneel zijn factoren die van grote invloed zijn op het vertrouwen. Hoogopgeleiden blijken minder vertrouwen te hebben in hun bank dan laagopgeleiden. Zij laten zich in het algemeen meer leiden door negatieve ervaringen met hun bank. Zij storen zich bijvoorbeeld relatief vaak aan niet-integer of onvriendelijk gedrag van het bankpersoneel.
Het vertrouwen van 55-plussers in hun bank blijkt robuuster dan dat van de jongere doelgroepen. Negatieve ervaringen met hun bank blijken binnen deze leeftijdsgroep in mindere mate te leiden tot een afname van het vertrouwen. Deze groep is bovendien minder gevoelig voor onvriendelijk of niet-integer gedrag van bankpersoneel. Klanten van kleine banken blijken kritischer dan klanten van grote banken. Zij hebben vaak uit idealistische overwegingen voor hun bank gekozen. Als de bank niet langer aansluit bij hun wensen en behoeften, zullen zij eerder de overstap naar een andere bank maken.”
Uit het onderzoek van KPMG blijkt verder dat het bonussenbeleid en de complexiteit van de bancaire producten de meeste inbreuk maken op het vertrouwen van de klant in de bank. Vooral consumenten die ouder zijn dan 45 jaar vinden dat de dienstverlening van de bank te ingewikkeld is geworden.
Straub: “Een meerderheid van de onderzochte consumenten is dan ook van mening dat de bank terug moet naar de basis en haar dienstverlening moet versimpelen. Volgens 30% moet de bank dan ook producten en diensten ontwikkelen die beter aansluiten op de klantbehoeften. Bij het vertrouwen van consumenten in banken draait het dus in belangrijke mate om klantgerichtheid. Bijna de helft van de klanten vindt echter nog altijd dat de bank zich onvoldoende in zijn belang verdiept en zichtbaar in dat belang handelt.”
Het onderzoek 'Herstel van vertrouwen binnen de bancaire sector' kunt u downloaden via deze pagina.
maandag 1 juli 2013
Bitcoins: de slagkracht van virtueel geld
De Bitcoin houdt de gemoederen de laatste maanden flink bezig. Volgens sommigen is het vooral een lokale munt van wereldwijdwebdorp, waar anderen het als een serieus betaalmiddel voor de haperende wereldeconomie zien. Is een digitale revolutie aanstaande of gaat virtueel geld zijn plek opeisen in het huidige betaalsysteem?
Kenmerkend aan de Bitcoin is dat de computers van alle deelnemers samen het systeem beheren en transacties goedkeuren. Schaarste is inherent aan het systeem; de valuta maakt gebruik van zware cryptografie om te voorkomen dat gebruikers makkelijk even internetmunten kunnen bijdrukken. Na verloop van tijd wordt het zelfs moeilijker om bitcoins te maken: een virtuele schop tegen de geldperseconomie en zie daar een mooi instrument om de inflatie te beteugelen, zo heet het.
Kenmerkend aan de Bitcoin is dat de computers van alle deelnemers samen het systeem beheren en transacties goedkeuren. Schaarste is inherent aan het systeem; de valuta maakt gebruik van zware cryptografie om te voorkomen dat gebruikers makkelijk even internetmunten kunnen bijdrukken. Na verloop van tijd wordt het zelfs moeilijker om bitcoins te maken: een virtuele schop tegen de geldperseconomie en zie daar een mooi instrument om de inflatie te beteugelen, zo heet het.
Xclusief Autoverzekering Delta Lloyd vernieuwd
Delta Lloyd heeft de Xclusief Autoverzekering vernieuwd zodat deze nog beter afgestemd is op de wensen van particulieren met exclusieve auto’s. Zo is er nu 1 autoverzekering voor elk type exclusieve auto met een cataloguswaarde vanaf € 80.000, een scherpe premie voor hobbyauto’s die maximaal 15.000 km per jaar rijden en meer keuzevrijheid voor klanten. Hierdoor profiteren klanten van maatwerk, transparante voorwaarden en een ruime dekking.
Voor auto’s die niet dagelijks gebruikt worden en maximaal 15.000 km per jaar rijden, zoals youngtimers en oldtimers, is er een scherpe vaste premie. Boven de 15.000 km per jaar is er een no-claim variant. Daarnaast vervalt het eigen risico bij de tweede, derde en volgende auto in de vaste premie variant. Het is daardoor gunstig om meerdere auto’s Xclusief te verzekeren.
Het standaard eigen risico is € 500,- met de mogelijkheid om dit geheel af te kopen waardoor de klanten zelf een reparateur kunnen kiezen zonder gevolgen voor het eigen risico. Daarnaast wordt de dagwaarde uitgekeerd bij diefstal als de vereiste preventie niet aanwezig is.
Voor auto’s die niet dagelijks gebruikt worden en maximaal 15.000 km per jaar rijden, zoals youngtimers en oldtimers, is er een scherpe vaste premie. Boven de 15.000 km per jaar is er een no-claim variant. Daarnaast vervalt het eigen risico bij de tweede, derde en volgende auto in de vaste premie variant. Het is daardoor gunstig om meerdere auto’s Xclusief te verzekeren.
Het standaard eigen risico is € 500,- met de mogelijkheid om dit geheel af te kopen waardoor de klanten zelf een reparateur kunnen kiezen zonder gevolgen voor het eigen risico. Daarnaast wordt de dagwaarde uitgekeerd bij diefstal als de vereiste preventie niet aanwezig is.









































